← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2023:1832

RECHTBANK ROTTERDAM Jeugdrecht Zaaknummer: C/10/650578 / JE RK 23-19 Datum uitspraak: 7 februari 2023 Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling in de zaak van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, hierna te noemen: de GI, gevestigd te Rotterdam, betreffende [minderjarige01] , geboren op [geboortedatum01] 2022 te [geboorteplaats01] , hierna te noemen: [voornaam minderjarige01] , [minderjarige02] , geboren op [geboortedatum01] 2022 te [geboorteplaats01] , hierna te noemen: [voornaam minderjarige02] . De kinderrechter merkt als belanghebbende aan: [moeder01] , hierna te noemen: de moeder, wonende te [woonplaats01] . Het procesverloop Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 4 januari 2023, ingekomen bij de griffie op 4 januari 2023; - het verslag van Timon van 1 februari 2023, ingekomen bij de griffie op 3 februari

  1. Op 7 februari 2023 heeft de kinderrechter de zaak tijdens de mondelinge behandeling met gesloten deuren behandeld. Verschenen zijn: - de moeder; - [naam01] namens de GI. De kinderrechter heeft bijzondere toegang verleend aan mw. [naam02] van Timon. De feiten De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige01] en [voornaam minderjarige02] . [voornaam minderjarige01] en [voornaam minderjarige02] wonen bij hun moeder. De kinderrechter heeft bij beschikking van 18 augustus 2022 [voornaam minderjarige01] en [voornaam minderjarige02] onder toezicht gesteld tot 18 februari
  2. Het verzoek De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige01] en [voornaam minderjarige02] te verlengen voor de duur van een jaar, met uitvoerbaarverklaring bij voorraad. De GI heeft tijdens de mondelinge behandeling het verzoek gehandhaafd en als volgt toegelicht. Het is positief dat de moeder sinds de betrokkenheid van de hulpverlener van Timon grote stappen heeft gemaakt. Het is fijn om te zien dat het goed gaat met de moeder en de kinderen. Niettemin is een verlenging van de ondertoezichtstelling nodig om in de komende periode de overdracht naar het lokaal netwerk te organiseren en om aansluitend de hulpverlening van de moeder nog een periode te volgen. Timon blijft tot halverwege maart 2023 betrokken bij de moeder. In de komende periode is het daarom van belang dat onderzocht wordt wie hierna bij de moeder betrokken wordt. Indien de moeder de afspraken met de hulpverlening na blijft komen, kan de ondertoezichtstelling mogelijk eerder afgesloten worden. Gelet op het voorgaande zou een kortere verlenging van de ondertoezichtstelling – waarbij het resterende deel wordt aangehouden – passend zijn. Het standpunt van de moeder Tijdens de mondelinge behandeling heeft de moeder het volgende naar voren gebracht. Het gaat goed met mij en de kinderen. Ik werk fulltime vanuit huis als klantenservicemedewerker en wil in de toekomst terug naar school om mijn opleiding af te maken. Als ik vragen heb, zoek ik hulp bij betrokken hulpverleners. Timon en Schuldhulpmaatje zijn bij mij betrokken en helpen mij met vragen. Verder ondersteunt mijn netwerk mij ook met de zorg voor de kinderen. Wanneer ik er klaar voor ben start ik met therapie voor het verwerken van mijn trauma’s uit het verleden. De beoordeling Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat de moeder in de afgelopen periode grote stappen heeft gezet. De ernstige zorgen die aanwezig waren bij de aanvang van de ondertoezichtstelling zijn in de afgelopen periode afgenomen. Vanaf december 2022 is een gezinshulpverlener vanuit Timon betrokken bij de moeder om vraagverheldering te doen voor de JBRR. Dit is vanuit de verdeeltafel – een samenwerking tussen de JBRR en zorgaanbieders – besloten. Gebleken is dat er in de afgelopen periode een goede samenwerking is geweest tussen de moeder en de gezinshulpverlener van Timon. In de afgelopen periode heeft de moeder steeds meer een stabiel leven opgebouwd. De moeder is financieel stabiel en heeft in haar woning evenwichtiger en veiliger opvoedklimaat voor haar kinderen opgebouwd. Ook is gebleken dat de moeder sterk is in het organiseren van praktische zaken. De moeder onderhoudt contacten met hulpverleners, investeert in haar netwerk en zoekt zelfstandig hulp bij haar budgetmaatje en het consultatiebureau. Ondanks dat de moeder in de afgelopen periode positieve stappen vooruit heeft gemaakt, is het van belang dat de ondertoezichtstelling op een goede manier wordt afgesloten en wordt overgedragen naar het vrijwillig kader. De GI zal de komende periode een aanzet doen tot hulpverlening voor de moeder in het vrijwillig kader. Het is hierbij van belang dat de toekomstige hulp voor de moeder zich ook richt op het vasthouden van de stabiliteit. Gelet op de positieve bevindingen van de gezinshulpverlener van Timon ziet de kinderrechter geen aanleiding om de ondertoezichtstelling met een jaar, zoals verzocht door de GI, te verlengen. De kinderrechter acht gelet op het voorgaande enkel een korte verlenging van de ondertoezichtstelling noodzakelijk om een goede overdracht naar het vrijwillig kader te bewerkstelligen. De kinderrechter zal daarom de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige01] en [voornaam minderjarige02] verlengen met drie maanden tot 18 mei 2023 (artikel 1:260, eerste lid, BW) en wijst het meer of anders verzochte af. De beslissing De kinderrechter: verlengt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige01] en [voornaam minderjarige02] tot 18 mei 2023; verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad; wijst af het meer of anders verzochte. Deze beslissing is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 7 februari 2023 door mr. M.P. van der Stroom, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. C.D. Hengst, als griffier. Deze beslissing is schriftelijk vastgesteld op 21 februari
  3. Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld: - door de verzoekers en de belanghebbende(n) aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak; - door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden. Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te Den Haag.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.