Rechtbank Rotterdam Team straf 3 Parketnummer: 10-079127-24 Datum uitspraak: 4 november 2024 Tegenspraak Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres: [adres], raadsman mr. R.L.I. Jansen, advocaat te Dordrecht. 1Onderzoek op de terechtzitting Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 21 oktober 2024. 2Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. 3Eis officier van justitie De officier van justitie mr. K.P. Mandos heeft gevorderd: bewezenverklaring van het onder 1 en 2 ten laste gelegde; veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van zes maanden met aftrek van voorarrest, waarvan drie maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar; ontzetting van het recht tot uitoefening van het beroep van masseur voor de duur van drie jaar. 4Waardering van het bewijs 4.1. Bewijswaardering 4.1.1. Standpunt verdediging De verdediging heeft aangevoerd dat de verdachte van het onder 1 en 2 ten laste gelegde moet worden vrijgesproken. De verdachte ontkent dat hij de borsten van [slachtoffer 1] en de billen en vagina van [slachtoffer 2] heeft betast, laat staan met een seksuele intentie. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] hebben aangifte gedaan, maar er is onvoldoende steunbewijs uit andere bron om tot een bewezenverklaring te komen. 4.1.2. Beoordeling Inleiding Op 26 februari 2023 heeft [slachtoffer 1] met haar partner [naam 1] een bezoek gebracht aan [naam resort] in [plaatsnaam], waar zij een duomassage hadden geboekt. [slachtoffer 1] werd gemasseerd door de verdachte en [naam 1] door een collega van de verdachte, [naam 2]. Op 25 november 2023 heeft [slachtoffer 2] met haar moeder [naam 3] een bezoek gebracht aan [naam resort]. Ook zij hadden een duomassage geboekt. [slachtoffer 2] werd gemasseerd door de verdachte en haar moeder door een collega van de verdachte, [naam 4]. Ontuchtige handelingen - [slachtoffer 1] Over de massagebehandeling verklaart [slachtoffer 1] als volgt. De verdachte ging met beide handen vanuit haar oksel over haar borsten en vanuit daar weer naar boven richting haar nek. [slachtoffer 1] vond dat vreemd, maar dacht dat het misschien per ongeluk gebeurde. Die beweging herhaalde de verdachte, waarbij hij opnieuw met beide handen over haar borsten bewoog. [slachtoffer 1] raakte nu geïrriteerd. Het kon een keer per ongeluk gebeuren, maar dit was opvallend. De derde keer gleed hij niet met zijn handen over haar borsten, maar kneep hij met beide handen tegelijk in haar tepels. [slachtoffer 1] verklaart dat ze “in haar gedachten even leeg was” en zich afvroeg wat er gebeurd was. [slachtoffer 1] deed haar ogen open en keek de verdachte aan. Ze haalde haar armen onder de handdoek vandaan en legde deze daar bovenop, zodat de handdoek strak over haar borsten kwam te liggen. Na afloop van de massage kwam ze gelijk rechtop zitten, in plaats van dat ze, zoals haar partner deed, nog even ontspannen bleef liggen. Ze wilde zo snel mogelijk weg. [naam 2] verklaart dat het haar opviel dat [slachtoffer 1] na de massage heel stil was en direct wegliep. Volgens [naam 1] was [slachtoffer 1] na afloop van de massage timide en teruggetrokken en begon ze te huilen. Later op de dag zijn zij en [slachtoffer 1] terug naar de receptie gelopen, waar [slachtoffer 1] haar verhaal heeft gedaan bij de receptioniste en een leidinggevende van de horeca. [naam 1] verklaart dat [slachtoffer 1] overstuur was. Ook getuige [getuige], toenmalig vestigingsmanager van [naam resort], verklaart dat ze van de receptioniste had begrepen dat [slachtoffer 1] erg van streek was. Ontuchtige handelingen - [slachtoffer 2] Over de massagebehandeling verklaart [slachtoffer 2] als volgt. Zij lag op haar buik. De verdachte ging met beide handen over haar billen en begon deze te masseren. Daarna legde hij de handdoek over haar benen en billen en masseerde haar rug. Vervolgens begon hij opnieuw haar billen te masseren, waarbij hij zijn handen onder de handdoek bracht. [slachtoffer 2] realiseerde zich dat dit niet normaal was, maar liet het over zich heen komen. Als [slachtoffer 2] even later op haar rug ligt en de verdachte haar been masseert, wrijft hij met zijn vlakke hand over haar schaamlippen, van onder naar boven. Ze verklaart dat ze niets kon doen en zo graag wilde dat het voorbij was. Na afloop van de massage zei de verdachte dat ze nog even ontspannen kon blijven liggen, maar [slachtoffer 2] zei: “Nee!” en ging gelijk rechtop zitten. Ze was ontzettend geschrokken, was bang en voelde zich vies. De olie brandde op haar vagina. Ze kon alleen maar “huilen, huilen, huilen”. [naam 4] verklaart dat het haar opviel dat [slachtoffer 2] gelijk na de behandeling rechtop zat. Zij en de verdachte laten aan het einde van de massage de behandeltafels zakken en leggen dan een handdoek over de klanten heen, maar [slachtoffer 2] zei dat ze gelijk omhoog wilde. Dat verbaasde [naam 4]. Na afloop van de massage heeft [slachtoffer 2] van haar ervaring melding gemaakt bij floormanager [naam 5]. [naam 5] verklaart dat [slachtoffer 2] tijdens het gesprek erg geëmotioneerd en in tranen was. [slachtoffer 2] vertelde haar dat ze wel iets had willen doen, maar dat zij verstijfd was. Verklaringen betrouwbaar De verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij zich de behandeling van [slachtoffer 1] niet herinnert, maar dat het onmogelijk is dat hij haar heeft aangeraakt op de wijze zoals door [slachtoffer 1] verklaard. Hij doet dat nooit op die manier. De verdachte heeft ter terechtzitting tevens verklaard dat hij de billen van [slachtoffer 2] niet heeft gemasseerd en dat hij haar vagina niet heeft betast. De rechtbank acht de verklaringen van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] echter betrouwbaar. Hun verklaringen zijn specifiek en worden ondersteund door de verklaringen van (in het geval van [slachtoffer 1]) [naam 1], [naam 2] en [getuige] en (in het geval van [slachtoffer 2]) [naam 4] en [naam 5]. Dwang Op grond van de genoemde verklaringen concludeert de rechtbank dat de verdachte [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot het dulden van ontuchtige handelingen. De door de verdachte aangewende dwang is gelegen in het fysieke overwicht dat de verdachte had en zijn onverhoeds handelen. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] lagen naakt op de behandeltafel, terwijl de verdachte naast die behandeltafel stond. Beide vrouwen voelden zich overvallen door de plotselinge en onverwachte ontuchtige handelingen van de verdachte, waardoor van verzet geen sprake kon zijn. Er was geen sprake van vrijwilligheid of instemming aan de zijde van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2], hetgeen ook blijkt uit het feit dat zij na de behandeling overstuur en in tranen waren. Uit de aard van de aanrakingen leidt de rechtbank af dat deze aanrakingen niet per ongeluk plaatsvonden, maar dat de verdachte in plaats daarvan met opzet heeft gehandeld. Voldoende steunbewijs De rechtbank verwerpt het standpunt van de verdediging dat er onvoldoende steunbewijs voorhanden is uit andere bron dan aangeefsters. De verklaringen van [naam 2] en [getuige] vormen steunbewijs uit andere bron dan [slachtoffer 1], en de verklaringen van [naam 4] en [naam 5] vormen steunbewijs uit andere bron dan [slachtoffer 2]. 4.1.3. Conclusie Het onder 1 en 2 ten laste gelegde is wettig en overtuigend bewezen. 4.2. Bewezenverklaring In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat: 1. hij op 26 februari 2023 te [plaatsnaam],[slachtoffer 1] door een feitelijkheid, te weten door, terwijl die [slachtoffer 1] door hem, verdachte, gemasseerd werd, telkens onverhoeds de borsten te betasten en daarin te knijpen, heeft gedwongen tot het dulden van ontuchtige handelingen, te weten het meermalen betasten van en knijpen in de borsten; 2.hij op 25 november 2023 te [plaatsnaam],[slachtoffer 2] door een feitelijkheid, te weten door, (terwijl die [slachtoffer 2] op een massagetafel lag) haar ontblote billen te masseren en over haar vagina te wrijven, heeft gedwongen tot het dulden van ontuchtige handelingen, te weten - het meermalen masseren van de (ontblote) billen, en - het wrijven over de vagina van die [slachtoffer 2]; Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken. Voor zover in de bewezenverklaarde tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad. 5Strafbaarheid feiten De bewezen feiten leveren op: 1feitelijke aanranding van de eerbaarheid, meermalen gepleegd 2feitelijke aanranding van de eerbaarheid, meermalen gepleegd Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. De feiten zijn dus strafbaar. 6Strafbaarheid verdachte Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar. 7Motivering straf 7.1. Algemene overweging De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. 7.2. Feiten waarop de straf is gebaseerd De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan aanranding van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]. Bij beide vrouwen heeft de verdachte door zijn onverhoeds en grensoverschrijdend handelen het in hem gestelde vertrouwen als masseur ernstig beschaamd. De verdachte heeft inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van de vrouwen en heeft geen oog gehad voor de gevolgen die zijn gedrag zou kunnen hebben. Zowel [slachtoffer 1] als [slachtoffer 2] heeft aangegeven nog altijd last te hebben van de psychische gevolgen van de aanranding. 7.3. Persoonlijke omstandigheden van de verdachte 7.3.1. Strafblad De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 1 oktober 2024, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor strafbare feiten. 7.3.2. Rapportage Reclassering Nederland heeft een rapport over de verdachte opgemaakt, gedateerd 27 juni 2024. Dit rapport houdt onder meer het volgende in. Gezien de ontkennende houding van de verdachte kan de reclassering geen verbanden leggen tussen eventuele criminogene factoren en het delictgedrag. De verdachte is getrouwd en woont samen met zijn partner. Hij heeft twee volwassen dochters uit een eerder huwelijk en met zijn familie heeft hij goed contact. Er lijkt geen sprake te zijn van seksuele problematiek. Ook heeft de verdachte geen psychische problemen, schulden of verslavingen. Bij een veroordeling adviseert de reclassering een straf zonder bijzondere voorwaarden. Sinds de aangifte heeft de verdachte naar eigen zeggen niet meer gewerkt als masseur. 7.4. Conclusies van de rechtbank Gezien het voorgaande en de ernst van de feiten kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een gevangenisstraf. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken plegen te worden opgelegd. Daarbij acht de rechtbank voorts een taakstraf van de hierna te noemen duur passend en geboden. Omdat de bewezenverklaarde feiten tijdens de uitoefening van zijn beroep als masseur zijn begaan, zal de rechtbank (hoewel op de hoogte van het feit dat de verdachte zijn werkzaamheden als masseur inmiddels heeft gestaakt en hij gepensioneerd
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.