← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2024:13372

Rechtbank Rotterdam Team insolventie Insolventienummer: [nummer] Uitspraak: 18 juli 2024 VONNIS op het op 13 juni 2024 ingekomen verzoekschrift, met bijlage(n), van: de stichting [verzoekster] , gevestigd te [vestigingsplaats 1] , verzoekster, advocaat mr. D.L.A. van Voskuilen, strekkende tot faillietverklaring van: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [verweerster] , statutair gevestigd te [vestigingsplaats 2] , kantoorhoudende te [adres] , aldaar tevens handelend onder de namen: [bedrijf 1] , [bedrijf 2] , verweerster. 1De procedure De rechtbank heeft de behandeling van het ingekomen verzoekschrift bepaald op 2 juli

  1. Op de zitting van 2 juli 2024 is verzoekster verschenen. Verweerster is niet verschenen. Verzoekster heeft de rechtbank verzocht de behandeling van het verzoekschrift aan te houden tot 16 juli
  2. De rechtbank heeft hiermee ingestemd. De behandeling van het verzoekschrift is voortgezet op 16 juli
  3. Daarbij zijn verzoekster, bij monde van mr. J. Janssen, advocaat, en verweerster verschenen. Ook is H. Kers, de adviseur van verweerster, verschenen. Op de zitting van 16 juli 2024 is door verzoekster aanvullende stukken overgelegd. De rechtbank heeft de uitspraak bepaald op vandaag. 2Standpunt van partijen Standpunt verzoekster Verweerster drijft een onderneming die onder de werkingssfeer van verzoekster valt en is zodoende jegens verzoekster premieplichtig. Verweerster is in gebreke en in verzuim in de nakoming van haar verplichting tot het (tijdig en/of volledig) afdragen van de verschuldigde premies. Verzoekster heeft dan ook van verweerster uit hoofde van facturen in dossiernummers 3605167, 3605168 en 3669739 opeisbaar te vorderen een bedrag van in totaal € 43.129,
  4. Van verweerster is ondanks herhaalde incassopogingen, waaronder het uitvaardigen van dwangbevelen en betekening daarvan, geen (volledige) betaling te verkrijgen. Daarnaast laat verweerster meerdere schuldeisers onbetaald. Zo heeft N.V. Schadeverzekering Metaal en Technische Bedrijfstakken uit hoofde van facturen in dossiernummers 3690272, 3690273, 44900444 en 4544248 een vordering op verweerster van in totaal € 2.747,
  5. Verweerster verkeert dan ook in de toestand van te hebben opgehouden te betalen. Standpunt verweerster Verweerster betwist de vordering van € 43.129,80 van verzoekster niet. Verweerster is alleen niet in staat de vordering in één keer te betalen. Verweerster heeft daarom aan verzoekster een betalingsregeling van € 500,00 per maand voorgesteld, maar verzoekster heeft daarmee niet ingestemd. Ten aanzien van de vordering van N.V. Schadeverzekering Metaal en Technische Bedrijfstakken voert verweerster aan dat zij weliswaar meerdere schulden heeft en eerder ook verplichtingen heeft gehad ten aanzien van N.V. Schadeverzekering Metaal en Technische Bedrijfstakken, maar dat deze schuldeiser niet op haar huidige crediteurenlijst staat en dat zij deze vordering daarom niet kan erkennen. 3De beoordeling Bevoegdheid De rechtbank is, gelet op het bepaalde in artikel 3 lid 1 Verordening (EU) 2015/848 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie, bevoegd deze insolventieprocedure als hoofdprocedure te openen nu het centrum van voornaamste belangen van verweerster in Nederland ligt. Beoordelingskader Ingevolge artikel 6 van de Faillissementswet wordt de faillietverklaring uitgesproken indien summierlijk blijkt van het bestaan van feiten en omstandigheden die aantonen dat de schuldenaar in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen en, als een schuldeiser het verzoek doet, ook van het vorderingsrecht van deze. Van de hiervoor bedoelde feiten en omstandigheden blijkt in het algemeen, indien sprake is van pluraliteit van schuldeisers, terwijl tenminste één vordering opeisbaar is. Bestaan vorderingsrecht en pluraliteit van schuldeisers Onbetwist is dat verzoekster een opeisbare vordering van € 43.129,80 op verweerster heeft. Ook is onbetwist dat verweerster, afgezien van de overgelegde steunvordering van N.V. Schadeverzekering Metaal en Technische Bedrijfstakken van € 2.747,75, nog andere schulden heeft. Verweerster heeft ter zitting verklaard nog meerdere andere schulden te hebben. De rechtbank is dan ook van oordeel dat van het vorderingsrecht van verzoekster en van het bestaan van andere (steun)vorderingen (pluraliteit van schuldeisers) summierlijk is gebleken. Of verweerster de specifiek genoemde vorderingen van N.V. Schadeverzekering Metaal en Technische Bedrijfstakken betaald heeft, kan daarom in het midden blijven. Faillissementstoestand Op grond van het voorgaande stelt de rechtbank vast dat voldoende aannemelijk is geworden dat verweerster de vordering van verzoekster en andere vorderingen onbetaald laat. Verweerster is niet in staat de vordering van verzoekster (volledig) te voldoen. Verweerster heeft weliswaar aan verzoekster een betalingsregeling van € 500,00 per maand voorgesteld maar daarmee is verzoekster niet akkoord gegaan. Verweerster heeft vervolgens desgevraagd verklaard niet in staat te zijn meer dan € 500,00 per maand te betalen. De rechtbank is dan ook van oordeel dat van het bestaan van feiten of omstandigheden die aantonen dat verweerster in de toestand verkeert dat zij heeft opgehouden te betalen summierlijk is gebleken. Een en ander leidt er toe dat de rechtbank het verzoek tot faillietverklaring zal toewijzen. 4De beslissing De rechtbank, - verklaart [verweerster] voornoemd in staat van faillissement; - benoemt tot rechter-commissaris mr. M.C. Snel-van den Hout, lid van deze rechtbank; - stelt aan tot curator mr. S.T. van Gestel, advocaat te Middelharnis; - geeft last aan de curator tot het openen van brieven en telegrammen aan de gefailleerde gericht. Dit vonnis is gewezen door mr. C.G.E. Prenger, rechter, en in aanwezigheid van mr. C. Hulsegge, griffier, in het openbaar uitgesproken op 18 juli 2024 te 10:00 uur. Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak, hoger beroep instellen. Het hoger beroep kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van het gerechtshof dat van deze zaak kennis moet nemen.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.