← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2024:2927

Rechtbank Rotterdam Team straf 2 Parketnummer: 83/269207-23 (ontneming) Datum uitspraak: 22 maart 2024 Tegenspraak Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige economische kamer voor strafzaken, op de vordering als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) van de officier van justitie in de zaak tegen de veroordeelde: [veroordeelde] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2003, ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres: [adres] , [postcode] [woonplaats] , raadsman mr. G.W. Wurpel, advocaat te Rotterdam. 1Onderzoek op de terechtzitting Het onderzoek op de terechtzitting heeft plaatsgevonden op 8 maart

  1. 2De vordering en standpunt verdediging 2.
  2. De vordering en daaraan gegeven onderbouwing De officier van justitie, mr. K. Broere, heeft zich bij de bepaling van de omvang van het te ontnemen wederrechtelijk verkregen voordeel gebaseerd op het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel ex art. 36e Sr, opgemaakt en gesloten op 19 februari 2024 door verbalisant [naam verbalisant 1] . Daarin is geconcludeerd dat de veroordeelde wederrechtelijk verkregen voordeel heeft genoten ter hoogte van € 2.319,-. De officier van justitie heeft gevorderd dat de rechtbank: - het bedrag vaststelt waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e Sr wordt geschat en - aan de veroordeelde de verplichting oplegt tot betaling aan de Staat van het geschatte voordeel tot een bedrag van € 2.319,-. De vordering heeft betrekking op voordeel verkregen uit de baten van andere strafbare feiten, waarvoor voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door de veroordeelde zijn begaan. 2.
  3. Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft primair verzocht de ontnemingsvordering af te wijzen. Het bezit van professioneel vuurwerk heeft niet geleid tot wederrechtelijk verkregen voordeel en de veroordeelde is niet voor handel vervolgd. Subsidiair stelt de verdediging dat geen rekening is gehouden met de mogelijkheden dat de veroordeelde ook dozen met een deel van de inhoud kan hebben aangeschaft, of dat hij vuurwerk heeft afgekeurd en weggegooid of zelf heeft gebruikt. Het bedrag dient daarom te worden gematigd. 3Het oordeel van de rechtbank 3.
  4. Grondslag van de vordering De meervoudige economische strafkamer van deze rechtbank heeft de veroordeelde in de onderliggende strafzaak met bovengenoemd parketnummer bij vonnis van 22 maart 2024 veroordeeld ter zake van: Onder feit 1 en feit 2: Overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan. De rechtbank heeft bij vonnis bewezen geacht dat de veroordeelde op 14 oktober 2023 te Dordrecht professioneel vuurwerk voorhanden heeft gehad en heeft opgeslagen. De rechtbank is op grond van de stukken van de onderliggende strafzaak en gelet op hetgeen ter terechtzitting naar voren is gebracht van oordeel dat de veroordeelde uit de baten van andere feiten, waarvoor voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door de veroordeelde zijn begaan, te weten de handel in illegaal vuurwerk, wederrechtelijk voordeel heeft verkregen. In de telefoon van medeveroordeelde [medeveroordeelde] is een gesprek aangetroffen tussen hem en de veroordeelde waarin wordt gesproken over het bestellen van professioneel vuurwerk en waarin wordt gesproken over geldbedragen van onder andere € 690,- en € 500,-. In de papiercontainer, in de loods waar de veroordeelde het professioneel vuurwerk had opgeslagen, werden verschillende lege dozen professioneel vuurwerk aangetroffen. Daarbij heeft de veroordeelde ter zitting verklaard dat het aangetroffen vuurwerk van hem is. Voornoemd vonnis en de daarin gegeven beslissingen, evenals de in dit ontnemingsvonnis uitgewerkte redengevende feiten en omstandigheden, vormen – voor zover hier van belang – voor de rechtbank het uitgangspunt voor de vaststelling van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Een kopie van het vonnis is als bijlage aan dit vonnis gehecht. 3.
  5. De beoordeling van de omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel De verweren van de verdediging worden verworpen. Het wederrechtelijk verkregen voordeel is berekend op basis van andere feiten, ten aanzien waarvan er voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door de veroordeelde zijn begaan. De wet biedt deze mogelijkheid in artikel 36e, tweede lid, Sr. Evenmin blijkt uit de door de verdediging aangevoerde feiten en omstandigheden dat de veroordeelde slechts een deel van de inhoud van de dozen vuurwerk heeft aangeschaft, een deel heeft weggegooid of een deel zelf heeft gebruikt. Dit is niet aannemelijk gemaakt. De rechtbank schat het wederrechtelijk voordeel op € 2.319,- en overweegt daartoe als volgt. 3.2.
  6. Opbrengsten In het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel ex art. 36e Sr wordt er van uitgegaan dat de veroordeelde professioneel vuurwerk heeft verkocht, waarbij de aantallen zijn gerelateerd aan het aantal aangetroffen lege dozen. Het wederrechtelijk verkregen voordeel is berekend door deze aantallen te koppelen aan in- en verkoopprijzen zoals bekend uit jurisprudentie en in- en verkoopprijzen die naar voren zijn gekomen bij het onderzoek van verbalisant [naam verbalisant 2] naar advertenties van vuurwerk op Telegram. Lege dozen vuurwerk en verkocht illegaal vuurwerk Bij het onderzoek naar verpakkingen in de papiercontainer werden de volgende aantallen lege dozen aangetroffen. De verpakkingseenheden en aantal stuks zijn vastgesteld op basis van de tekst op de lege dozen. Vuurwerksoort Aantal lege dozen Verpakkingseenheid 7 inch shell display 2 10 stuks in 1 doos 6 inch shell display 1 10 stuks in 1 doos 4 inch shell display 1 36 stuks in 1 doos 3 inch shell display 1 72 stuks in 1 doos 2,5 inch shell display 1 12 doosjes met 8 stuks Powerfull bull dogs 1 75 pakken met 20 stuks Two color space ship 1 36 doosjes met 6 stuks 240 Shuss syetemfeurwerk 2 1 per doos Verkoopprijzen Shells Specifiek worden in de uitspraak van Rechtbank Overijssel met datum 8 september 2022 en ECLI:NL:RBOVE:2022:2542 prijzen genoemd van Shells. In het vonnis is opgenomen: Shells 3" super mix 450 4" super mix 450 5” super mix 450 en 7 dozen Shells, verkoopprijs € 450 per stuk = € 3.150,- Hieruit kan geconcludeerd worden dat de prijs van één doos shell (inch 3/4/5) € 450 is. De veroordeelde had 2,5, 3, 4, 6 en 7 inch shells. Dit vertoont gelijkenissen en derhalve wordt er een verkoopprijs van € 450 per doos shell gehanteerd. Verkoopprijzen Powerfull bull dogs, Two color space ship & Shuss Systemfeuerwerk Ambtshalve is verbalisant [naam verbalisant 2] bekend dat Powerfull bull dogs voor € 20 per pakje worden aangeboden op Telegram. Ten aanzien van Two color space ships is verbalisant [naam verbalisant 2] ambtshalve bekend dat deze voor € 10 per doos worden aangeboden. Verkoopprijs Shuss Systemfeuerwerk Voor de verkoopprijs van Shuss Systemfeuerwerk heeft verbalisant [naam verbalisant 2] een gemiddelde gehanteerd. Het totaal van alle prijzen bij elkaar is € 2.280 en dat zijn 7 verschillende soorten vuurwerk. Het gemiddelde daarvan is: Verkoopprijs Shuss Systemfeuerwerk: € 2.280 / 7 = € 326 per eenheid Resumerend worden de volgende verkoopprijzen en verkoopopbrengsten vastgesteld: Vuurwerksoort Aantal lege dozen Verpakkingseenheid Gehanteerde eenheid Verkoopprijs per eenheid Totale opbrengst 7 inch shell display 2 10 stuks in 1 doos 2 € 450 € 900 6 inch shell display 1 10 stuks in 1 doos 1 € 450 € 450 4 inch shell display 1 36 stuks in 1 doos 1 € 450 € 450 3 inch shell display 1 72 stuks in 1 doos 1 € 450 € 450 2,5 inch shell display 1 12 doosjes met 8 stuks 1 € 450 € 450 Powerfull bull dogs 1 75 pakken met 20 stuks 75 € 20 € 1.500 Two color space ship 1 36 doosjes met 6 stuks 26 € 10 € 360 240 Shuss systemfeuerwerk 2 1 per doos 2 € 326 € 652 Totale opbrengst: € 5.212 De rechtbank is van oordeel dat deze verkoopprijzen en opbrengsten in het ontnemingsrapport goed zijn gemotiveerd en aannemelijk zijn gemaakt. 3.2.
  7. Aftrekbare kosten In het artikel Afpakken in vuurwerkzaken, wordt bij de handel in illegaal vuurwerk een gemiddelde winstmarge over de verkopen van 55% als aannemelijk beschouwd. In het arrest van het Hof Den Bosch van 1 mei 2019 heeft het Hof van vijf soorten illegaal vuurwerk de inkoop- en verkoopprijzen gehanteerd om het wederrechtelijk verkregen voordeel te bepalen. Dit betreft een gemiddelde winstmarge over de verkopen van 34%. De winstmarge over de verkopen wordt berekend op basis van het gemiddelde van deze twee winstmarges. Dit gemiddelde is: (55% + 34%) / 2 = 44,5%. Hiermee wordt het percentage inkoopkosten ten opzichte van de omzet: 100% minus 44,5% = 55,5%. De rechtbank acht deze kosten en winstmarges ook in de onderhavige zaak aannemelijk. De totale aftrekbare kosten betreffen: € 2.893 (= 55,5 % x € 5.212). 3.2.
  8. Totale wederrechtelijk verkregen voordeel Gezien het voorgaande, bedraagt het totale wederrechtelijk verkregen voordeel: Totale bruto opbrengst (3.2.1) € 5.212 Totale kosten (3.2.2) € 2.893 -/- Totaal € 2.319 3.
  9. Toerekening van het voordeel aan de veroordeelde Gebleken is dat de veroordeelde uit de baten van andere feiten, waarvoor voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door de veroordeelde zijn begaan, wederrechtelijk voordeel heeft verkregen. Dit voordeel dient de veroordeelde te worden ontnomen. 3.
  10. Vaststelling van de betalingsverplichting Het bovenstaande brengt mee dat de rechtbank aan de veroordeelde de verplichting zal opleggen om een bedrag van € 2.319 aan de Staat te betalen ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel. 4Toepasselijke wettelijke voorschriften Deze beslissing is gegrond op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht. 5Bijlage De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis. 6Beslissing De rechtbank: stelt het bedrag waarop het door de veroordeelde wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat, vast op € 2.319 (zegge: tweeduizend driehonderdnegentien euro); legt aan de veroordeelde de verplichting op tot betaling aan de staat van € 2.319 (zegge: tweeduizend driehonderdnegentien euro); bepaalt de duur van de gijzeling die met toepassing van artikel 6:6:25 van het Wetboek vanStrafvordering ten hoogste kan worden gevorderd op 46 dagen. Dit vonnis is gewezen door mr. E.M. Havik, voorzitter, en mrs. A.S. Flikweert en A. Sennef, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S.T.C.J.M. de Jongh, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting op 22 maart
  11. De jongste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.