Rechtbank Rotterdam Team Jeugd Parketnummer: 10/650008-19 Datum uitspraak: 7 augustus 2025 Beslissing van de rechtbank Rotterdam, meervoudige raadkamer voor strafzaken, met betrekking tot de maatregel plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (hierna: PIJ-maatregel) van: [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2001, ingeschreven in de basisregistratie personen (en verblijvende) op het adres van de Forensisch Psychiatrische Kliniek (hierna: FPK) [locatie] aan de: [adres] , [postcode] [plaats] , hierna: de inrichting, raadsvrouw mr. W. van der Voet, advocaat te Rotterdam. 1Procesverloop Op 21 mei 2019 heeft deze rechtbank de PIJ-maatregel aan de veroordeelde opgelegd ter zake de voortgezette handeling van verkrachting en poging tot verkrachting en mishandeling. De termijn van de PIJ-maatregel is aangevangen op 23 augustus
(20)dagen noodzakelijk. Gevolg gevend aan het bepaalde in artikel 6:6:31, tweede lid, Sv, geeft de rechtbank aan dat de maatregel, gelet op de ingangsdatum, de huidige vervaldatum en de verlenging bij deze beslissing, op 21 augustus 2025 van rechtswege voorwaardelijk zal eindigen en (behoudens verlenging) op 21 augustus 2026 onvoorwaardelijk zal eindigen. Voorwaardelijke beëindiging Op grond van artikel 6:2:22, eerste lid, Sv eindigt de PIJ-maatregel voorwaardelijk na twee jaar, tenzij de maatregel wordt verlengd op de wijze als bedoeld in artikel 6:6:31 Sv. Daarbij geldt een maximale termijn van zeven jaar, waarvan maximaal zes jaar onvoorwaardelijk. Voorwaardelijke beëindiging geschiedt onder de van rechtswege geldende voorwaarden, zoals opgenomen in artikel 77t, eerste lid, Sr. De maximale termijn van de PIJ-maatregel zal per 21 augustus 2025 worden bereikt. Alsdan zal de PIJ-maatregel van rechtswege voorwaardelijk eindigen. De vordering van de officier van justitie van 4 augustus 2025 houdt in dat er, zoals ook de inrichting adviseert, bijzondere voorwaarden worden verbonden aan de voorwaardelijke beëindiging. De reclassering heeft concrete bijzondere voorwaarden geadviseerd, toegespitst op de situatie van de veroordeelde. Volgens de tekst van artikel 6:6:32, derde lid onder a, Sv, kan de rechter tijdens de voorwaardelijke beëindiging van de maatregel bijzondere voorwaarden stellen die het gedrag van de veroordeelde betreffen. De strekking van deze bepaling is het bieden van nazorg die zo goed mogelijk toegesneden is op de begeleiding van de jeugdige. De rechtbank is van oordeel dat de bijzondere voorwaarden, zoals beschreven door de reclassering, noodzakelijk zijn voor de ontwikkeling van de veroordeelde. De veroordeelde heeft zich bereid verklaard om zich aan de door de officier van justitie gevorderde voorwaarden te houden. De rechtbank is van oordeel dat de gevorderde bijzondere voorwaarden passend en geboden zijn om het recidiverisico te minimaliseren en het verdere resocialisatietraject van de veroordeelde te bevorderen. De rechtbank zal de gevorderde bijzondere voorwaarden dan ook toewijzen zoals hierna in de beslissing vermeld. 5Beslissing De rechtbank: verlengt de termijn van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen met 20 ( twintig) dagen, waardoor de maximale termijn van de PIJ-maatregel op 21 augustus 2025 wordt bereikt en de PIJ-maatregel op dat moment van rechtswege voorwaardelijk zal eindigen; stelt naast de van rechtswege geldende algemene voorwaarden als bedoeld in artikel 77t, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als bijzondere voorwaarden gedurende de voorwaardelijke beëindiging van de PIJ-maatregel per 21 augustus 2025 vast dat de veroordeelde:
- zal meewerken aan het toezicht door de reclassering, dat onder andere inhoudt, dat hij; zich gedurende de termijn van de voorwaardelijke beëindiging van de PIJ-maatregel op door de reclassering te bepalen tijdstippen zal melden bij de reclassering, zo vaak en zo lang de reclassering dat noodzakelijk acht; een of meer vingerafdrupkken laat nemen en een geldig identiteitsbewijs laat zien om zijn identiteit vast te stellen; zich zal houden aan de aanwijzingen van de reclassering. De reclassering kan aanwijzingen geven die nodig zijn voor de uitvoering van het toezicht of om de veroordeelde te helpen bij het naleven van de voorwaarden; mee werkt aan huisbezoeken; inzicht zal geven in de voortgang van begeleiding en/of behandeling door andere instellingen of hulpverleners aan de reclassering; zich niet zal vestigen op een ander adres zonder toestemming van de reclassering; zal meewerken aan het uitwisselen van informatie met personen en instanties die contact met hem hebben, als het van belang is voor het reclasseringstoezicht;
- niet naar het buitenland of het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden zal reizen, zonder toestemming van het Openbaar Ministerie;
- zich laat behandelen door de Forensisch Psychiatrische Kliniek te [locatie] en aansluitend de Forensisch Psychiatrische Afdeling te [locatie] , of een soortgelijke zorginstelling. De behandeling duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. De veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling;
- zich - wanneer de reclassering dit nodig acht - ambulant laat behandelen door [zorginstelling] of een soortgelijke zorginstelling (nader te bepalen door de reclassering), zo lang als de reclassering dat nodig vindt. De veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling;
- zijn medicatie zal innemen zoals die is voorgeschreven door de behandelend arts/psychiater, waarbij wijzigingen in medicatiegebruik te allen tijde wordt overlegd met de betreffende arts/behandelinstelling;
- meewerkt aan begeleid wonen of maatschappelijke opvang (nader te bepalen door de reclassering). De veroordeelde houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering voor hem heeft opgesteld;
- meewerkt aan controle van het gebruik van alcohol en hard- en softdrugs om het middelengebruik te beheersen. De reclassering kan urineonderzoek en ademonderzoek (blaastest) gebruiken voor de controle. De reclassering bepaalt hoe vaak de veroordeelde wordt gecontroleerd;
- zich inspant voor het vinden en behouden van passende dagbesteding met een vaste structuur;
- inzicht en openheid geeft over zijn sociale netwerk, inclusief contacten op sociale media. Daarbij geeft de veroordeelde de reclassering toestemming om met personen in zijn netwerk contact op te nemen;
- meewerkt aan de controle van digitale gegevensdragers tijdens een huisbezoek. Hierbij geeft de veroordeelde toegang tot alle aanwezige computers, smartphones en andere digitale gegevensdragers waarop afbeeldingen kunnen worden opgeslagen of waarmee het internet kan worden benaderd. De veroordeelde verstrekt de wachtwoorden die nodig zijn voor deze controle. geeft opdracht aan Reclassering Nederland tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden. Deze beschikking is gegeven door mr. N. Doorduijn, voorzitter, tevens kinderrechter, en mrs. A.A.J. de Nijs en A. Wolthuis, kinderrechters, in tegenwoordigheid van mr. J. van Cortenberghe - van Dam, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 7 augustus
- Tegen deze beslissing kan het openbaar ministerie binnen veertien dagen na de dagtekening en de veroordeelde binnen veertien dagen na betekening daarvan beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (art.6:6:37 Sv).