← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2025:10500

RECHTBANK ROTTERDAM Team familie Zaak-/rekestnummer: C/10/704685 / FA RK 25-6035 Referentienummer: [nummer] Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 8 augustus 2025 betreffende een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz) op verzoek van: de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam, hierna: de officier, met betrekking tot: [betrokkene] , geboren op [geboortedatum] 1992, [geboorteplaats] , hierna: betrokkene, wonende te [woonplaats] , op dit moment verblijvende in [naam instelling] te [plaatsnaam] , advocaat mr. S.E.M. Hooijman te Rotterdam. 1Procesverloop 1.

  1. Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 6 augustus 2025, heeft de officier verzocht om voortzetting van de op 6 augustus 2025 opgelegde crisismaatregel. Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd: een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel van 6 augustus 2025; de medische verklaring opgesteld door [naam 1] , psychiater, van 6 augustus 2025; het bericht dat betrokkene geen historie heeft binnen de Wvggz; het bericht dat eventuele relevante politie-, strafvorderlijke en justitiële gegevens van betrokkene momenteel niet bijgevoegd kunnen worden. 1.
  2. De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 8 augustus
  3. Bij die gelegenheid zijn verschenen: betrokkene met haar hiervoor genoemde advocaat; [naam 2] , arts in opleiding tot psychiater, verbonden aan GGZ Delfland. 1.
  4. De officier is niet tijdens de mondelinge behandeling verschenen. 2Beoordeling 2.
  5. Tijdens de mondelinge behandeling bepleit de advocaat dat de officier niet-ontvankelijk is in het verzoek wegens het niet-ondertekenen van het verzoekschrift. De advocaat voert aan dat het Openbaar Ministerie sinds 17 juli jl. is ontkoppeld van het internet en tussen 17 juli en 4 augustus jl. heeft het Openbaar Ministerie alsnog ondertekende verzoekschriften ingediend. In de onderhavige zaak heeft de officier op 6 augustus jl. het verzoekschrift zonder (digitale) handtekening ingediend en de officier is niet ter zitting verschenen om het gebrek te herstellen. Hiermee voldoet het verzoekschrift niet aan artikel 278, lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. In dit wetsartikel staat immers dat verzoekschriften ondertekend moeten worden. Het Openbaar Ministerie is al twintig dagen ontkoppeld van het internet, waardoor geen sprake is van een noodtoestand. Daarnaast heeft het Openbaar Ministerie van 17 juli tot 4 augustus jl. wel rechtsgeldige verzoekschriften ingediend. Bovengenoemde handelswijze is bovendien in strijd met artikel 6 van het EVRM, aangezien andere eisen worden gesteld aan het Openbaar Ministerie dan aan betrokkene. Daarom moet de officier niet-ontvankelijk worden verklaard. 2.
  6. De rechtbank volgt de advocaat in haar standpunt dat de officier niet-ontvankelijk is in het verzoek vanwege het niet-ondertekenen van het verzoekschrift. 2.
  7. Gelet op het voorgaande komt de rechtbank niet toe aan de inhoudelijke beoordeling van het verzoek. 3Beslissing De rechtbank verklaart de officier niet-ontvankelijk in het verzoek. Deze beschikking is op 8 augustus 2025 mondeling gegeven door mr. W.H.J. Stemker Köster, rechter, in tegenwoordigheid van A. Versluis, griffier, en op 11 augustus 2025 schriftelijk uitgewerkt en getekend. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.