← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2025:13249

vonnis RECHTBANK ROTTERDAM Team handel en haven zaaknummer / rolnummer: C/10/680643 / HA ZA 24-511 Vonnis in verzet van 23 april 2025 in de zaak van BOGO HOLDING B.V., gevestigd in Rotterdam, eiseres in conventie, verweerster in reconventie, gedaagde in verzet, advocaat mr. H.L.J.M. van Grinsven te Tilburg, tegen 1INFINITY HOLDING B.V., gevestigd in Rotterdam,

  1. FIJNAART TOTAALONDERHOUD B.V., gevestigd in Barendrecht, gedaagden in conventie, eiseressen in reconventie, eiseressen in verzet, advocaat mr. D.T. Mensinga te Rotterdam. Gedaagde in verzet wordt hierna aangeduid als Bogo. Eiseressen in verzet worden hierna samen Infinity c.s. genoemd; afzonderlijk worden zij Infinity en Fijnaart genoemd. 1De procedure 1.
  2. Het verloop van de procedure blijkt uit: de inleidende dagvaarding van 28 december 2023, met producties 1 tot en met 20; het door deze rechtbank tussen partijen onder zaak- en rolnummer C/10/676189 / HA ZA 24-268 gewezen verstekvonnis van 24 april 2024 (hierna: het verstekvonnis); - de verzetdagvaarding van Infinity c.s. van 31 mei 2024, tevens (voorwaardelijke) eis in reconventie, tevens incidentele vordering ex artikel 223 Rv tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het verstekvonnis voor de duur van het geding in eerste aanleg, met producties 0 tot en met 76; de conclusie van antwoord in het incident, met producties 1 tot en met 8; het vonnis in incident in verzet van 28 augustus 2024; de oproepingsbrief van de rechtbank van 25 september 2024; het e-mailbericht van de rechtbank van 20 december 2024, met een zittingsagenda; de conclusie van antwoord in reconventie, met producties 21 en 22; de mondelinge behandeling op 28 januari 2025, waarvan geen proces-verbaal is opgemaakt; - de spreekaantekeningen van mr. H.L.J.M. van Grinsven. 1.
  3. Na de mondelinge behandeling is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
  4. Fijnaart en Fijnaart Straal- en Schilderwerken B.V. (hierna: Fijnaart SS) houden zich bezig met het onderhoud van onroerend goed, waaronder schilderwerkzaamheden. Bogo is voormalig bestuurder en aandeelhouder van Fijnaart en Fijnaart SS. Bestuurders van Bogo zijn de heer [persoon A] (hierna: [persoon A] ) en mevrouw [persoon B] . 2.
  5. Infinity is actief in de schoonmaakbranche. Bestuurder van Infinity is de heer [persoon C] (hierna: [persoon C] ). 2.
  6. Bogo en Infinity hebben op 28 december 2022 een koopovereenkomst (hierna: de koopovereenkomst) met elkaar gesloten, waarbij is afgesproken dat Infinity voor een bedrag van € 240.000,00 de aandelen in Fijnaart en Fijnaart SS van Bogo zal kopen. 2.
  7. De koopovereenkomst luidt – voor zover hier van belang – als volgt: “AKTE VAN OVERDRACHT AANDELEN CONCEPT (…) Artikel 1: Koop en Verkoop van de Aandelen Verkoper verkoopt hierbij de Aandelen aan Koper en de Koper koopt hierbij de Aandelen van de Verkoper, op de navolgende condities en voorwaarden, Artikel 2: Overdracht en levering De overdracht en levering van de Aandelen zal tot stand komen door het tekenen en passeren van de Notariële Akte van Overdracht in het 1ͤ kwartaal 2023 (“Overnamedatum’) of zoveel vroeger als partijen overeenkomen. Economisch komen alle baten en lasten met terugwerkende kracht tot 1 januari 2023 voor rekening van Koper Artikel 3: Koopprijs De koopprijs voor de Aandelen zal zijn € 240.000 (tweehonderd veertigduizend euro), hierna te noemen: "de Koopprijs". De Koper zal minimaal 10% van de koopprijs, zijnde € 24.000, bij de notariële akte van overdracht bij de notaris betalen. Het resterende bedrag van de koopprijs zal ten titel van geldlening door Koper worden schuldig gebleven aan Verkoper. De voorwaarden waaronder deze geldlening zal worden verstrekt, zijn door Koper en Verkoper vastgelegd in een onderhandse akte die als bijlage bij deze overeenkomst zal worden gevoegd. (…) Artikel 9: Geen ontbinding Elk der partijen doet hierbij afstand van zijn recht deze Overeenkomst te herroepen of om de herroeping daarvan te vorderen, nadat de Aandelen zijn overgedragen.” 2.
  8. Naast de koopovereenkomst hebben Bogo en Infinity op 28 december 2022 een overeenkomst van geldlening met elkaar gesloten (hierna: de leningsovereenkomst). In deze leningsovereenkomst is – voor zover hier van belang – het volgende vermeld: “Artikel 1: Bedrag A De leninggever heeft per Overnamedatum aan leningnemer een lening van € 216.000 (zegge tweehonderd zestienduizend euro) verstrekt, welk bedrag leningnemer in leen heeft aanvaard. B De Leninggever heeft bij overname van de aandelen nog een lening u/g staan bij Fijnaart Totaalonderhoud B.V. van € 50.000 (zegge vijftigduizend euro). C De totale lening bedraagt € 266.000 (zegge tweehonderd zesenzestigduizend euro) Artikel 2: Rente De geldlening draagt een rente van 4% per jaar over de periode ingaande per Overnamedatum en eindigende uiterlijk 31 december
  9. De rente is verschuldigd per jaar achteraf. Voor de periode na de laatst vermelde datum kunnen partijen in onderlinge overeenstemming een nieuw rentepercentage overeenkomen, dit zal gelden voor een alsdan door hen te bepalen periode. Komen partijen geen gewijzigd rentepercentage overeen, dan zal het voormeld rentepercentage blijven gelden. Partijen hebben bovenbedoelde rentevergoeding bepaald door vergelijking met een rente die van elkaar onafhankelijke partijen zouden zijn overeengekomen. Artikel 3: Looptijd en aflossing Aflossing zal geschieden als volgt: - Vanaf 1 mei 2023 tot 31 december 2023 € 15.500 per maand (8 termijnen; totaal € 124.000) - Vanaf 1 januari 2024 tot en met 30 november 2025 € 6.000 per maand (23 termijnen, totaal € 138.000) - Slottermijn in december 2025 van € 4.
  10. Vervroegde aflossing is mogelijk tot het hele resterende bedrag, zonder berekening van boeterente. De jaarlijkse rente moet altijd per jaar worden betaald. (…) Artikel 5: Vergoeding met betrekking tot te late betaling Als de leningnemer de periodiek verschuldigde termijnen van rente en eventueel aflossing niet op tijd heeft voldaan, is de leninggever bevoegd zonder ingebrekestelling van de leningnemer een vergoeding te vorderen gelijk aan de dan geldende wettelijke rente voor handelstransacties, berekend over het achterstallige bedrag vanaf de dag waarop dat bedrag verschuldigd werd tot de dag van betaling, met een minimum van vijftien euro (€ 15,00). Hetzelfde geldt voor overige verplichte betalingen met dien verstande dat dan de vergoeding eerst verschuldigd is nadat de leningnemer schriftelijk is aangemaand en een termijn van vijf werkdagen is verstreken zonder dat de leningnemer aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan. (…) Artikel 7: Vervroegde opeising Het door de leningnemer verschuldigde is direct en zonder opzegging, ingebrekestelling of andere formaliteit opeisbaar in de volgende gevallen: a indien de leningnemer in verzuim is met het nakomen van enige verplichting uit hoofde van deze overeenkomst;(…)” 2.
  11. Partijen hebben op 15 maart 2023 de afspraken in artikel 1 en 3 van de leningsovereenkomst gewijzigd. Die gewijzigde afspraken zijn vastgelegd in een addendum (hierna: het addendum) en luiden voor zover hier relevant als volgt: “Artikel 1: Bedrag A De leninggever heeft per Overnamedatum aan leningnemer een lening van € 216.000 (zegge tweehonderdzestienduizend euro) verstrekt, welk bedrag leningnemer in leen heeft aanvaard. B De Leninggever heeft bij overname van de aandelen nog een lening u/g (rekening-courant) staan bij Fijnaart Totaalonderhoud B.V. van € 96.834 (zegge zesennegentigduizend achthonderdvierentachtig euro). C De totale lening bedraagt € 312.884 (zegge: driehonderdtwaalfduizend achthonderdvierentachtig euro). D De lening bestaat, conform bovenstaande, uit 2 delen. Lening voor koop van de aandelen Fijnaart Totaalonderhoud B.V. ad € 216.000 welke wordt opgenomen in de administratie van Infinity Holding B.V. Reeds bestaande lening tussen Bogo Holding B.V. en Fijnaart Totaalonderhoud B.V. ad € 96.
  12. Deze lening blijft in de administratie van Fijnaart Totaalonderhoud B.V. Artikel 3: Looptijd en aflossing Aflossing zal als volgt geschieden, met dien verstande dat met de aflossingen eerst het deel van de lening welke openstaat bij Fijnaart Totaalonderhoud B.V. zal worden afgelost: - Eerste termijn uiterlijk 15 april 2023 € 6.884 - Vanaf 1 mei 2023 tot 31 december 2023 € 17.500 per maand (8 termijnen; totaal € 140.000) - Vanaf 1 januari 2024 tot en met 30 november 2025 € 7.000 per maand (23 termijnen, totaal € 161.000) - Slottermijn in december 2025 van € 5.
  13. Vervroegde aflossing is mogelijk tot het hele resterende bedrag, zonder berekening van boeterente. De jaarlijkse rente moet altijd per jaar worden betaald.” 2.
  14. Voorts is er tussen partijen mondeling een overeenkomst van opdracht gesloten, op grond waarvan [persoon A] namens Bogo nog enige tijd voor Fijnaart en Fijnaart SS tegen betaling werkzaamheden zou verrichten in het kader van de overdracht van de aandelen. 2.
  15. Op 28 maart 2023 heeft de notariële overdracht van de aandelen plaatsgevonden. In hoofdstuk 2, artikel 5 van de akte waarbij de aandelen zijn geleverd is het volgende bepaald: “Ontbinding.
  16. Alle ontbindende voorwaarden die zijn overeengekomen in de Koopovereenkomst of in nadere overeenkomsten, die op de koop betrekking hebben, zijn thans uitgewerkt en komen bij dezen geheel te vervallen. Noch Verkoper noch Koper kan zich derhalve ter zake van deze koop en levering thans nog op een ontbindende voorwaarde beroepen.
  17. Koper en Verkoper doen afstand van het recht om, uit welken hoofde dan ook, ontbinding van de aan de levering ten grondslag liggende rechtshandelingen te-vorderen.” 2.
  18. Infinity heeft het restant van de koopsom, € 216.000,00, niet betaald. Het bedrag van € 96.884,00 is eveneens onbetaald gebleven. 3Het geschil in conventie De oorspronkelijke vordering 3.
  19. Bij inleidende dagvaarding vordert Bogo – samengevat – om bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad: I. Infinity te veroordelen om € 216.000,00 aan Bogo te betalen, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 16 april 2023 tot de dag van volledige betaling; II. Infinity c.s. hoofdelijk te veroordelen om € 3.339,42 aan buitengerechtelijke kosten aan Bogo te betalen, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf de dag van verzuim tot de dag van volledige betaling; III. Infinity c.s. hoofdelijk te veroordelen om € 5.954,55 aan beslagkosten aan Bogo te betalen, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf de dag van verzuim tot de dag van volledige betaling; IV. Infinity c.s. hoofdelijk te veroordelen om € 96.884,00 aan Bogo te betalen, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 16 april 2023 voor Infinity en vanaf 26 december 2023 voor Fijnaart tot de dag van volledige betaling; V. Infinity c.s. hoofdelijk te veroordelen in de proceskosten en de nakosten, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf de vijftiende dag na het vonnis. 3.
  20. Het dictum van het verstekvonnis luidt als volgt: “De rechtbank, veroordeelt [Infinity] om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan [Bogo] te betalen het bedrag van € 216.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente in de zin van artikel 6:119a BW over dat bedrag vanaf 16 april 2023 tot de dag van algehele voldoening; veroordeelt [Infinity c.s.] hoofdelijk (…) om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan [Bogo] te betalen het bedrag van € 3.339,42 aan buitengerechtelijke incassokosten, vermeerderd met de wettelijke rente in de zin van artikel 6:119 BW over dat bedrag vanaf de dag van verzuim tot de dag van algehele voldoening; veroordeelt [Infinity c.s.], eveneens hoofdelijk, om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan [Bogo] te betalen het bedrag van € 96.884,00, vermeerderd met de wettelijke rente in de zin van artikel 6:119a BW over dat bedrag vanaf de respectievelijke data van verzuim, zijnde: voor [Infinity] vanaf 16 april 2023 tot de dag van algehele voldoening; voor [Fijnaart] vanaf 26 december 2023 tot de dag van algehele voldoening; veroordeelt [Infinity], eveneens hoofdelijk, in de proceskosten, die aan de kant van [Bogo] tot vandaag worden vastgesteld op € 11.463,16 met de wettelijke rente in de zin van artikel 6:119 BW ingaande de vijftiende dag na betekening van dit vonnis tot de dag dat volledig is betaald; verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad en wijst af het meer of anders gevorderde. (…)” De vordering in verzet van Infinity c.s. 3.
  21. Infinity c.s. vorderen in de verzetprocedure dat het verstekvonnis wordt vernietigd en dat de vorderingen van Bogo alsnog worden afgewezen, met veroordeling, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, van Bogo in de proceskosten en de nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na het vonnis. in (voorwaardelijke) reconventie 3.
  22. Infinity c.s. vorderen – samengevat en zoals verduidelijkt ter zitting – om, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad: I. de koop- en geldleningsovereenkomst gedeeltelijk te ontbinden en de restant koopprijs/geldlening bij te stellen naar nihil; indien in conventie geen verrekening wordt toegepast van de vorderingen van Infinity c.s. met de vorderingen van Bogo II. voor recht te verklaren dat Bogo aansprakelijk is voor de door Infinity c.s. geleden schade voortvloeiende uit de toerekenbare tekortkomingen in de nakoming van de koopovereenkomst en de overeenkomst van opdracht, alsmede het onrechtmatig handelen door Bogo wegens onrechtmatige concurrentie; III. Bogo te veroordelen om € 484.674,00, althans € 171.790,00 aan schadevergoeding aan Infinity c.s. te voldoen, vermeerderd met de wettelijke rente, althans een bedrag aan schadevergoeding nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet; indien de vorderingen II en III niet worden toegewezen IV. te bepalen dat Bogo de onrechtmatige concurrentie onverwijld staakt en gestaakt houdt en de partijen uit het klantenbestand niet meer actief benadert voor werkzaamheden en geen opdrachten meer uitvoert; en V. te bepalen dat Bogo onverwijld medewerking dient te verlenen aan en al het nodige dient te verrichten ten behoeve van het deugdelijk overdragen van het klantenbestand aan Infinity c.s., in het bijzonder maar niet uitsluitend [partij 1] (al dan niet via [partij 2] ), [partij 3] , [partij 4] , [partij 5] , [partij 6] en [partij 7] , op straffe van een dwangsom van € 5.000,00 per dag en € 50.000,00 per nieuwe opdracht die Bogo alsnog voor deze partijen afrondt of uitvoert, met een maximum van € 500.000,00; en VI. Bogo te veroordelen tot vergoeding van de door Infinity c.s. wegens het onrechtmatig handelen geleden en nog te lijden schade, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet; in alle gevallen VII. Bogo te veroordelen in de proceskosten en de nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na het vonnis; VIII. de conservatoire beslagen op te heffen, althans Bogo te veroordelen tot opheffing van de beslagen binnen vijf werkdagen na het vonnis, op straffe van een dwangsom van € 5.000,00 per dag, met een maximum van € 500.000,
  23. 3.
  24. Bogo concludeert tot afwijzing van de vorderingen, met veroordeling, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, van Infinity c.s. in de proceskosten en de nakosten, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na het vonnis. in conventie en in reconventie 3.
  25. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling in conventie en in reconventie 4.
  26. De vorderingen in conventie en in reconventie worden vanwege hun samenhang gezamenlijk behandeld. 4.
  27. Het verzet is tijdig en op de juiste wijze ingesteld, zodat Infinity c.s. in hun verzet kunnen worden ontvangen. 4.
  28. In deze zaak is aan de orde of Infinity c.s. kunnen worden aangesproken tot nakoming van de betalingsverplichtingen die voortvloeien uit de koopovereenkomst en de bijbehorende leningsovereenkomst met addendum. Infinity heeft voor € 240.000,00 de aandelen in Fijnaart en Fijnaart SS gekocht. Van dat bedrag is € 24.000,00 betaald. Het restant van € 216.000,00 zou volgens artikel 3 van de koopovereenkomst en de bepalingen in de leningsovereenkomst in termijnen door Infinity worden voldaan, maar tot op heden is iedere termijn onbetaald gebleven. Infinity schiet daarmee volgens Bogo tekort in de nakoming van haar betalingsverplichting. Uit artikel 1 van de leningsovereenkomst en artikel 1 van het addendum volgt voorts dat Infinity c.s. hoofdelijk € 96.884,00 aan Bogo verschuldigd zijn uit hoofde van de rekening-courantverhouding tussen Fijnaart en Bogo. Dit bedrag is tot op heden niet betaald, zodat Infinity c.s. volgens Bogo ook tekortschieten in de nakoming van deze betalingsverplichting. 4.
  29. Infinity c.s. voeren aan geen enkel bedrag verschuldigd te zijn. Volgens hen zijn er andere betalingsafspraken gemaakt. De vordering is daarom niet opeisbaar en Infinity c.s. verkeren niet in verzuim. Bovendien verkeert Bogo volgens Infinity c.s. in schuldeisersverzuim. Bogo heeft de ondernemingen namelijk niet naar behoren overgedragen aan Infinity. Zo is het klantenbestand niet (op correcte wijze) overgedragen. In plaats daarvan is Bogo zaken blijven doen met die klanten en heeft zij onrechtmatig geconcurreerd met de door haar verkochte ondernemingen. Bogo is hiermee tekortgeschoten in de nakoming van de koopovereenkomst en de overeenkomst van opdracht. Ook heeft Bogo de werkzaamheden in het kader van de overeenkomst van opdracht niet naar behoren uitgevoerd. Infinity heeft daarom haar betalingsverplichting opgeschort. Door de toerekenbare tekortkoming van Bogo en haar onrechtmatig handelen lijden Infinity c.s. schade. Die schade begroten Infinity c.s. op € 484.674,
  30. Voor zover de vorderingen van Bogo zouden worden toegewezen, beroepen Infinity c.s. zich op verrekening van die vorderingen met hun schadevordering op Bogo. Voor zover het beroep op verrekening niet slaagt, vorderen Infinity c.s. in reconventie schadevergoeding van Bogo. De inhoud van de afspraken 4.
  31. Beoordeeld moet worden of Infinity de onbetaald gebleven restant koopsom van € 216.000,00 aan Bogo moet betalen en of Infinity c.s. € 96.884,00 moeten betalen uit hoofde van de rekening-courantverhouding tussen Fijnaart en Bogo. 4.
  32. Infinity c.s. hebben aangevoerd dat de tekst van de leningsovereenkomst en het addendum, waarin staat vanaf welk moment er wordt afgelost, niet overeenkomt met de bedoeling van partijen. De partijbedoeling is volgens Infinity c.s. dat er pas op het openstaande bedrag wordt afgelost vanaf het moment dat er voldoende winst is behaald om te kunnen aflossen. Bogo heeft dit gemotiveerd weersproken. Aangezien partijen een andere lezing hebben van de betalingsafspraken, zal de rechtbank eerst beoordelen wat partijen zijn overeengekomen. Bij de uitleg van een overeenkomst moet niet slechts worden gekeken naar de tekst ervan, maar ook naar de betekenis die partijen – in de gegeven omstandigheden en op basis van wat zij over en weer van elkaar mochten verwachten – aan die tekst mochten toekennen. 4.
  33. De rechtbank overweegt als volgt. Voor de stelling van Infinity c.s. dat partijen de afspraak hebben gemaakt dat pas zou worden afgelost vanaf het moment dat er winst werd behaald, biedt de tekst van de leningsovereenkomst of het addendum geen aanknopingspunten. Integendeel, in artikel 3 van zowel de leningsovereenkomst als het addendum staat expliciet en onvoorwaardelijk vermeld hoe de aflossing zal geschieden. Zo zou de eerste termijn van € 6.884,00 uiterlijk op 15 april 2023 betaald moeten zijn en vanaf 1 mei 2023 tot 31 december 2023 zou er maandelijks € 17.500,00 worden voldaan. Infinity c.s. hebben hun stelling dat partijen hebben afgesproken dat betaling van de restant koopsom door Infinity en aflossing van de rekening-courantverhouding door Infinity c.s. afhankelijk is van de te behalen winst niet onderbouwd met feiten waaruit die bedoeling van partijen zou kunnen blijken. Zeker gelet op de eenduidige tekst van zowel de overeenkomst als het addendum had dat wel van hen mogen worden verwacht. De door Infinity c.s. gestelde bedoeling van partijen volgt niet uit gesprekken, correspondentie of anderszins. De enkele stelling tijdens de mondelinge behandeling dat [persoon C] ten tijde van de totstandkoming van de overeenkomsten in een “rollercoaster” zat en daarom de overeenkomsten “blind” heeft ondertekend is onvoldoende. Dat is een omstandigheid die voor risico van Infinity c.s. komt. [persoon A] daarentegen heeft ter zitting onweersproken verklaard dat hij met pensioen wilde en dat Bogo daarom de aandelen aan Infinity c.s. heeft verkocht. [persoon C] wist dat ook. Het ligt gelet daarop niet voor de hand dat partijen afspreken dat de (af)betaling van de koopsom afhankelijk zou zijn van de te behalen winst. Bovendien is onduidelijk gebleven waarom de beweerdelijke afbetalingsafspraak niet in de leningsovereenkomst of het addendum is opgenomen, maar (in tegendeel) een onvoorwaardelijk geformuleerd aflossingsschema. De rechtbank is gezien het voorgaande van oordeel dat Infinity c.s., mede bezien in het licht van de gemotiveerde betwisting door Bogo, onvoldoende onderbouwd hebben gesteld dat partijen andere afbetalingsafspraken hebben gemaakt dan volgt uit de tekst van de leningsovereenkomst en het addendum. Infinity c.s. zijn gebonden aan die afspraken, omdat Infinity c.s. ook verder geen feiten hebben gesteld waaruit kan volgen dat de leenovereenkomst en het addendum anders moeten worden uitgelegd dan volgt uit de tekst ervan en het daarin opgenomen aflossingsschema. Schuldeisersverzuim 4.
  34. Infinity c.s. hebben voorts een beroep gedaan op schuldeisersverzuim van Bogo. Schuldeisersverzuim in de zin van artikel 6:58 BW vereist een situatie waarin de schuldenaar (in dit geval Infinity/ Infinity c.s.) door toedoen van de schuldeiser (Bogo) zijn verplichting niet kan nakomen. Die situatie is hier niet aan de orde. Infinity c.s. hebben weliswaar betoogd dat Bogo haar verplichtingen uit de koopovereenkomst en de overeenkomst van opdracht niet is nagekomen, maar ook als dat zo zou zijn, wat Bogo gemotiveerd betwist, hebben Infinity c.s. niet onderbouwd gesteld dat zij daardoor hun betalingsverplichtingen niet konden nakomen. De schuldeiser komt op grond van artikel 6:59 BW eveneens in verzuim wanneer de schuldenaar de nakoming van zijn verbintenis bevoegd opschort vanwege een toerekenbaar gebrek in de nakoming door de schuldeiser. Ook daarvan is geen sprake. Infinity c.s. hebben niet gesteld, en ook anderszins is niet gebleken, wanneer zij de nakoming van hun verbintenis(sen tot betaling) tegenover Bogo zouden hebben opgeschort. Evenmin hebben Infinity c.s. geconcretiseerd waaruit volgt dat zij daartoe bevoegd zouden zijn. Het beroep op schuldeisersverzuim slaagt dan ook niet. Verrekening 4.
  35. Verder beroepen Infinity c.s. zich op verrekening van de door Bogo gevorderde bedragen met de schade die zij stellen te hebben geleden doordat Bogo tekort is geschoten in de nakoming van de koopovereenkomst en de overeenkomst van opdracht, althans doordat Bogo onrechtmatig jegens hen heeft gehandeld. Bogo betwist dat aan Infinity c.s. een beroep op verrekening toekomt. 4.
  36. Infinity c.s. stellen – kort gezegd – dat Bogo heeft nagelaten om de ondernemingen deugdelijk over te dragen, onder meer door het klantenbestand van Fijnaart en Fijnaart SS niet over te dragen. Ook heeft Bogo de samenwerking met die klanten voortgezet en is zij zaken blijven doen met die klanten. Daarmee concurreert Bogo onrechtmatig met de overgedragen ondernemingen. Ter onderbouwing daarvan hebben Infinity c.s. als productie 0 een tijdlijn met bijlagen overgelegd. Zowel Infinity als Fijnaart lijdt hierdoor schade, bestaande uit de gederfde winst over 2024 tot en met 2028 (€ 417.074,00), de door Infinity aan [persoon A] betaalde fee (€ 46.000,00) en zogenaamde bemiddelingskosten (€ 21.600,00), in totaal € 484.674,
  37. 4.
  38. Bogo heeft deze stellingen gemotiveerd betwist. Volgens haar is er geen sprake van een separate verplichting van Bogo tot het leveren/overdragen van het klantenbestand, omdat het een aandelentransactie betreft. Met de overdracht van de aandelen is het klantenbestand van rechtswege overgedragen. Bogo ontkent dat zij zaken heeft gedaan met klanten van Fijnaart en/of Fijnaart SS. Van onrechtmatige concurrentie is geen sprake, nog daargelaten dat geen van de overeenkomsten een concurrentie- of relatiebeding bevat. Infinity c.s. hebben hun vorderingen bovendien niet onderbouwd. 4.
  39. De rechtbank overweegt als volgt. Op grond van artikel 150 Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (Rv) rust de bewijslast op de partij die zich op een bepaald rechtsgevolg van gestelde feiten beroept als die feiten worden betwist. Dit betekent dat het aan Infinity c.s. is om voldoende gemotiveerd te stellen dat Bogo de overeenkomsten niet is is nagekomen en/of onrechtmatig heeft gehandeld. Dat hebben zij niet gedaan. Infinity c.s. benoemen slechts vermoedens over hoe Bogo volgens haar zaken doet met de klanten van Fijnaart en Fijnaart SS, maar Infinity c.s. maken niet concreet waaruit blijkt dat Bogo de ondernemingen daadwerkelijk onrechtmatige concurrentie aandoet. Infinity c.s. hebben een aantal namen van klanten genoemd (waaronder [partij 1] , [partij 3] , [partij 4] , [partij 5] , [partij 6] en [partij 7] ) die volgens haar geen opdrachten meer verstrekken aan Fijnaart, maar dit is door Bogo gemotiveerd betwist door per klant een uitgebreide toelichting te geven. Bogo heeft uitgelegd welke werkzaamheden [persoon A] in relatie tot deze opdrachtgevers heeft verricht op grond van de overeenkomst van opdracht en Bogo heeft uitgelegd waarom deze klanten volgens haar zijn weggelopen, namelijk omdat – kort gezegd – [persoon C] zijn zaken niet op orde had. Tegenover deze gemotiveerde uiteenzetting van Bogo hebben Infinity c.s. hun vorderingen niet nader onderbouwd. Dat mocht wel van hen verwacht worden. Gelet op het voorgaande kan niet worden vastgesteld dat Bogo tekort is geschoten in haar verplichtingen of dat zij onrechtmatig heeft gehandeld jegens Infinity c.s. Het beroep op verrekening zal om die reden als onvoldoende onderbouwd worden afgewezen. Daar komt nog bij dat op geen enkele manier is onderbouwd dat Fijnaart schade zou hebben geleden door de gestelde wanprestatie en onrechtmatige daad. Ook had het op de weg van Infinity c.s. gelegen om het causaal verband tussen de door hen gestelde schade en het handelen van Bogo te onderbouwen. Ook dat hebben Infinity c.s. niet gedaan. 4.
  40. Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de vorderingen van Bogo tot betaling van de nog openstaande bedragen, € 216.000,00 en € 96.884,00, toewijsbaar zijn, met inbegrip van de over deze bedragen gevorderde rente. Het verstekvonnis wordt in zoverre bekrachtigd. 4.
  41. Gelet op het voorgaande is niet vast komen te staan dat Bogo tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomsten of dat zij onrechtmatig jegens Infinity c.s. heeft gehandeld. Daarmee zijn de vorderingen in reconventie niet toewijsbaar. Buitengerechtelijke incassokosten 4.
  42. Bogo maakt aanspraak op € 3.339,42 aan buitengerechtelijke incassokosten. Dit bedrag vordert zij hoofdelijk van Infinity c.s. Bogo heeft voldoende gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. Infinity c.s. hebben onvoldoende gemotiveerd betwist dat Bogo recht heeft op vergoeding hiervan. Het gevorderde bedrag komt overeen met het forfaitaire bedrag waarop Bogo aanspraak kan maken jegens Infinity, maar is hoger dan het forfaitaire bedrag waarop Bogo aanspraak kan maken ten opzichte van Fijnaart. Infinity c.s. worden daarom hoofdelijk veroordeeld tot betaling van € 1.743,84, het forfaitaire bedrag waarop Bogo aanspraak kan maken jegens Infinity c.s. Het verschil tussen € 3.339,42 en € 1.743,84, te weten € 1.595,58, is alleen Infinity aan Bogo verschuldigd. In zoverre kan het verstekvonnis niet in stand blijven en zal het worden vernietigd. De over deze bedragen gevorderde rente wordt wat betreft het hoofdelijke gedeelte om praktische redenen toegewezen vanaf de datum waarop Fijnaart in verzuim is geraakt. Proceskosten 4.
  43. Infinity c.s. worden als de in het ongelijk gestelde partijen veroordeeld in de proceskosten. In het verstekvonnis is hoogte van deze kosten (over de periode tot aan het verstekvonnis) niet juist vastgesteld. De rechtbank zal het verstekvonnis daarom in zoverre vernietigen en de proceskosten in conventie opnieuw vaststellen. 4.
  44. De proceskosten van Bogo in conventie worden begroot op: - griffierecht beslagrekest € 676,00 - salaris advocaat (beslagrekest) € 2.714,00 (1 punt x tarief € 2.714,00) - explootkosten (in verband met beslag) € 1.865,55 - dagvaarding € 112,15 - griffierecht dagvaarding € 5.941,00 - salaris advocaat (verstek en verzet) € 5.428,00 (2 punten x tarief € 2.714,00) - nakosten (ook voor de reconventie) € 278,00 (plus eventuele verhoging) Totaal € 17.014,70 4.
  45. Als uitsluitend Fijnaart was gedagvaard, was zij (in aanmerking genomen dat ten laste van haar geen beslag is gelegd) op de volgende manier veroordeeld in de proceskosten. - dagvaarding € 112,15 - griffierecht dagvaarding € 2.889,00 - salaris advocaat (verstek en verzet) € 2.428,00 (2 punten x tarief € 1.214,00) - nakosten (ook voor de reconventie) € 278,00 (plus eventuele verhoging) Totaal € 5.707,15 4.
  46. Gelet hierop worden Infinity c.s. hoofdelijk veroordeeld tot betaling van € 5.707,15 aan proceskosten en wordt uitsluitend Infinity daarnaast veroordeeld tot betaling van € 10.007,55 aan proceskosten (€ 17.014,70 min € 5.707,15). 4.
  47. De proceskosten van Bogo in reconventie worden begroot op € 3.502,00 aan salaris advocaat (2 halve punten x tarief € 3.502,00). 4.
  48. De in conventie gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing. 5De beslissing De rechtbank in conventie 5.
  49. vernietigt het door deze rechtbank op 24 april 2024 onder zaak- en rolnummer C/10/676189 / HA ZA 24-268 gewezen verstekvonnis voor zover Infinity c.s. daarbij hoofdelijk zijn veroordeeld tot betaling van € 3.339,42 aan buitengerechtelijke incassokosten en € 11.463,16 aan proceskosten, 5.
  50. bekrachtigt het verstekvonnis voor het overige, 5.
  51. veroordeelt Infinity c.s. hoofdelijk om € 1.743,84 aan buitengerechtelijke kosten aan Bogo te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf 26 december 2023 tot de dag van volledige betaling, 5.
  52. veroordeelt Infinity om daarnaast € 1.595,58 aan buitengerechtelijke kosten aan Bogo te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf 16 april 2023 tot de dag van volledige betaling, 5.
  53. veroordeelt Infinity c.s. hoofdelijk in de proceskosten van Bogo tot een bedrag van € 5.707,15, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW als deze kosten niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn voldaan, 5.
  54. veroordeelt Infinity daarnaast in de proceskosten van Bogo tot een bedrag van € 10.007,55, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW als deze kosten niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn voldaan, 5.
  55. wijst af het meer of anders gevorderde, in reconventie 5.
  56. wijst de vorderingen af, 5.
  57. veroordeelt Infinity c.s. in de proceskosten, aan de zijde van Bogo tot op heden begroot op € 3.502,00, in conventie en in reconventie 5.
  58. veroordeelt Infinity c.s. hoofdelijk, onder de voorwaarde dat zij de proceskosten niet binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe hebben betaald en het vonnis daarna wordt betekend, om € 92,00 voor de kosten van betekening van dit vonnis aan Bogo te betalen, 5.
  59. verklaart de in dit vonnis gegeven veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. B. van Velzen, rechter, in aanwezigheid van mr. L.M. Vos, griffier. Het is in het openbaar uitgesproken op 23 april
  60. 3645/3194

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.