← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2025:9712

Rechtbank Rotterdam Team straf 2 Parketnummer: 10-333456-22 Datum uitspraak: 21 juli 2025 Beslissing van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, met betrekking tot de terbeschikkingstelling van: [ter beschikking gestelde] (hierna ook: de ter beschikking gestelde), geboren te [geboorteplaats] ([geboorteland]) op [geboortedatum] 2003, thans gedetineerd in het [detentieadres] , raadsman mr. C.J.J. Kwint, advocaat te ’s-Gravenhage. 1Inleiding Bij vonnis van deze rechtbank van 22 juni 2023 is de terbeschikkingstelling van [ter beschikking gestelde] gelast; daarbij zijn voorwaarden gesteld betreffende het gedrag. De terbeschikkingstelling is gelast ter zake van diefstal onder bedreiging met geweld, bedreiging met zware mishandeling en poging tot afpersing. De termijn van de terbeschikkingstelling is aangevangen op 19 juli 2023. Bij beslissing van 2 juli 2024 heeft de rechtbank alsnog de verpleging van overheidswege gelast. 2Procesverloop De rechtbank heeft op 28 mei 2025 van het openbaar ministerie een vordering ontvangen tot verlenging van de terbeschikkingstelling. De vereiste stukken zijn bijgevoegd dan wel later toegezonden. De vordering is op de openbare terechtzitting van 21 juli 2025 behandeld. De officier van justitie mr. J. Uiterwijk, de ter beschikking gestelde (via een videoverbinding aanwezig), bijgestaan door zijn raadsman, en de deskundige [naam], werkzaam als GZ-psycholoog en hoofd behandeling bij de Van der Hoeven Kliniek (hierna: de instelling), zijn gehoord. 3Adviezen Advies instelling De instelling adviseert in het rapport van 20 mei 2025 de terbeschikkingstelling te verlengen met twee jaren. De ter beschikking gestelde verblijft momenteel in PPC Zaanstad en staat op de wachtlijst voor opname in Forensisch Psychiatrisch Centrum (FPC) Van der Hoeven Kliniek. Ter voorbereiding hierop heeft recent een intakegesprek plaatsgevonden. De opnamedatum is echter nog niet bekend. Aangezien de ter beschikking gestelde tijdens het opstellen van het verlengingsadvies nog niet bij de instelling in zorg is en er nog geen diagnostisch onderzoek en risicotaxatie hebben plaatsgevonden, is de informatie in het advies overgenomen uit de Indicatiestelling Forensische Zorg. Hieruit volgt dat bij de ter beschikking gestelde sprake is van een andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met antisociale en borderline trekken, en een stoornis in cannabisgebruik. Het risico op een nieuw vermogensdelict (al dan niet gepaard gaand met geweld) wordt zowel op korte als op lange termijn als hoog ingeschat zonder professionele behandeling in het kader van een tbs-maatregel. De behandeling is nog niet gestart en op grond van het dossier worden geen bijzondere redenen gezien om bij de advisering aan te nemen dat mogelijk al binnen een jaar kan worden toegewerkt naar een voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging. Voor het opstarten en doorlopen van het behandeltraject is verlenging van de maatregel met twee jaar noodzakelijk. Op de terechtzitting gegeven adviezen De deskundige heeft het advies van de kliniek op de terechtzitting toegelicht. Zij heeft onder meer – zakelijk weergegeven – verklaard dat nog niet te zeggen is wanneer de ter beschikking gestelde in de kliniek kan worden opgenomen. De doorstroom kan variëren van een maand tot een jaar, of zelfs nog langer. De ter beschikking gestelde staat momenteel op de vierde plek van de wachtlijst. De deskundige hoopt komend jaar de behandeling te kunnen starten. 4Standpunt van partijen Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft geconcludeerd tot verlenging van de termijn van de terbeschikkingstelling met twee jaar. Er is sprake van een stoornis en er bestaat een hoog recidiverisico indien de ter beschikking gestelde niet behandeld wordt. Gelet op de stappen die hij nog moet doorlopen, is niet de verwachting dat al binnen een jaar naar een voorwaardelijke beëindiging van de maatregel toegewerkt kan worden. Standpunt van de ter beschikking gestelde De ter beschikking gestelde en de raadsman hebben verlenging met één jaar bepleit. Gelet op de huidige wachtlijsten wordt verzocht om het volgende toetsmoment naar voren te halen om vinger aan de pols te houden. 5Beoordeling Op grond van het advies van de instelling en wat verder naar voren is gekomen op de terechtzitting is de rechtbank van oordeel dat: - nog steeds sprake is van een gebrekkige ontwikkeling van en/of ziekelijke stoornis in de geestvermogens van de ter beschikking gestelde; - de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen eist dat de termijn van de terbeschikkingstelling wordt verlengd. De rechtbank stelt de duur van de verlenging op twee jaar. De ter beschikking gestelde verblijft momenteel in afwachting van plaatsing in FPC Van der Hoeven Kliniek als passant in het PPC Zaanstad, nadat de eerder onder voorwaarden opgelegde tbs-maatregel is omgezet. Blijkens het advies van de instelling is nog onduidelijk wanneer hij kan worden opgenomen. Dit betekent dat nog niet is gestart met de behandeling en dat het recidiverisico als onverminderd hoog wordt getaxeerd. In het feit dat de ter beschikking gestelde al geruime tijd wacht op een plek in de instelling wordt geen reden gezien om de verlenging van de terbeschikkingstelling tot een jaar te beperken. Hoewel de rechtbank de wachtlijstproblematiek binnen de tbs-sector als onwenselijk en soms ook schrijnend beoordeelt, kan noch de rechtbank, noch de instelling een snelle(re) opname in de instelling afdwingen. Dat betekent dat de door de verdediging gewenste vinger aan de pols naar het oordeel van de rechtbank op dit moment geen toegevoegde waarde heeft. 6Beslissing De rechtbank: verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met 2 (twee) jaren. Deze beslissing is genomen door mr. J.M.L. van Mulbregt, voorzitter, en mr. L. Stevens en mr. J. Langeveld, rechters, in tegenwoordigheid van mr. D.C. van Beek, griffier en uitgesproken op de openbare terechtzitting. De jongste rechter is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen. Tegen deze beslissing kan het openbaar ministerie binnen veertien dagen na de uitspraak en de ter beschikking gestelde binnen veertien dagen na betekening daarvan beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.