Rechtbank Rotterdam Team insolventie verlening schone lei insolventienummer: [nummer] uitspraakdatum: 28 januari 2026 Bij vonnis van deze rechtbank van 8 september 2022 is de toepassing van de schuldsaneringsregeling uitgesproken ten aanzien van: [schuldenaar], [adres] [postcode] [plaatsnaam], schuldenaar, bewindvoerder: mr. N.N. van Klaveren. 1De procedure De bewindvoerder heeft op 26 september 2025 schriftelijk verslag uitgebracht over de beëindiging van de toepassing van de schuldsaneringsregeling. Op 5 en 13 januari 2026 heeft de bewindvoerder de rechtbank bericht omtrent de laatste stand van zaken. De beëindiging is behandeld ter terechtzitting van 14 oktober
- Ter terechtzitting zijn verschenen en gehoord: [schuldenaar], schuldenaar; de heer C.J.A. van Dam, beschermingsbewindvoerder; [naam], werkzaam bij het CVD; mr. N.N. van Klaveren, bewindvoerder. De uitspraak is bepaald op heden. 2De standpunten De bewindvoerder schrijft in haar laatste stand van zaken dat schuldenaar de informatieplicht en de sollicitatieplicht niet is nagekomen. Ten aanzien van de informatieplicht ontbreekt de uitkeringsspecificatie van de maand december
- Daarnaast ontbreken de sollicitatiebewijzen van de maanden juli 2024 t/m december
- Ten aanzien van de sollicitatieplicht is van juli 2024 tot en met december 2025 niet aantoonbaar gesolliciteerd. Op 14 mei 2025 heeft een verhoor plaatsgevonden waar besloten is geen gevolgen te verbinden aan de tekortkoming in de nakoming van de sollicitatieplicht tot 14 mei
- De vordering van het UWV van € 847,06 is inmiddels voldaan. Ter zitting heeft [naam], namens schuldenaar, verklaard dat schuldenaar de baan die hij had ten tijde van het verhoor op 14 mei 2025, bij Fruity Packs (via het Stap-voor-Stap programma), niet had behouden omdat hij zich daar niet op zijn gemak voelde. Dit is ook besproken met de jobcoach. De jobcoach heeft schuldenaar geadviseerd een taalcursus te volgen. Schuldenaar volgt op dit moment nog een taalcursus, hij gaat naar banenmarkten en heeft in de periode vanaf 14 mei 2025 met hulp zowel schriftelijk als telefonisch gesolliciteerd, overeenkomstig met de periode voorafgaand aan het verhoor. [naam] heeft ter onderbouwing hiervan nadere stukken overgelegd. De bewindvoerder heeft ter zitting verklaard dat de ontbrekende informatie inmiddels is aangeleverd. Naar aanleiding van de verklaring van schuldenaar ter zitting, heeft de bewindvoerder het standpunt ingenomen dat schuldenaar naar vermogen heeft voldaan aan de inspanningsplicht. Zij adviseert de rechtbank de schone lei toe te kennen. 2De beoordeling De rechtbank oordeelt dat schuldenaar niet toerekenbaar in de nakoming van één of meer uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen is tekortgeschoten. Hoewel schuldenaar niet geheel volgens de regels van de Wsnp aan de inspanningsplicht heeft voldaan, is de rechtbank van oordeel dat hij zich naar eigen kunnen wel maximaal heeft ingespannen. Zo volgt hij op dit moment een taalcursus en is hij naar meerdere banenmarkten geweest en solliciteert hij met behulp van [naam] zowel schriftelijk als telefonisch. Dit komt overeen met zijn inspanningen voorafgaand aan het RC-verhoor van 14 mei
- Geen van de schuldeisers heeft redenen aangevoerd om tot een ander oordeel te komen. Aan schuldenaar zal daarom de zogenoemde “schone lei” worden verleend. Geen van de schuldeisers heeft redenen aangevoerd om tot een ander oordeel te komen. Aan schuldenaar zal daarom de zogenoemde “schone lei” worden verleend. De rechtbank zal het salaris van de bewindvoerder en de door deze gemaakte kosten vaststellen. 3De beslissing De rechtbank: stelt vast dat schuldenaar niet toerekenbaar in de nakoming van één of meer uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen is tekortgeschoten; bepaalt dat de toepassing van de schuldsaneringsregeling eindigt op het moment dat de slotuitdelingslijst verbindend is geworden, doch dat de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen van schuldenaar eindigen op 8 december 2025; verleent de zogenoemde “schone lei” waardoor de na de beëindiging van de toepassing van de schuldsaneringsregeling bestaande vorderingen ten aanzien waarvan de schuldsaneringsregeling werkt, voor zover deze onvoldaan zijn gebleven, niet langer afdwingbaar zijn; - stelt het salaris van de bewindvoerder, één en ander inclusief onkosten en omzetbelasting, vast op het aanwezig actief tot een bedrag van maximaal€ 3.949,
- Dit vonnis is gewezen door mr. E.A. Vroom, rechter, en in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 28 januari
- Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak, hoger beroep instellen. Het hoger beroep kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van het gerechtshof dat van deze zaak kennis moet nemen.