RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE Sector bestuursrecht Afdeling 3, meervoudige kamer Reg.nr.: AWB 09/646 WSCHP UITSPRAAK ingevolge artikel 8:77 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) In het geding tussen 1. het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het waterschap Hollandse Delta 2. de verenigde vergadering van het waterschap Hollandse Delta 3. het openbaar lichaam Hollandse Delta ('het waterschap Hollandse Delta') eisers, gevestigd te Ridderkerk, gemachtigde mr. E.J. Daalder, advocaat te Den Haag en het college van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, verweerder. IPROCESVERLOOP Bij besluit van 16 december 2008 heeft verweerder aan de door eiseres sub 2. vastgestelde kostentoedelingsverordening goedkeuring onthouden. Tegen dit besluit hebben eisers bij brief van 26 januari 2009 beroep ingesteld. Verweerder heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd en een verweerschrift ingediend. De zaak is op 2 september 2009 ter zitting behandeld. Eisers hebben zich laten vertegenwoordigen door de heer [A] en door een kantoorgenoot van hun gemachtigde, mr. A.J. Boorsma. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. dr. R. Niessen-Cobben en door de heer [B]. IIOVERWEGINGEN 1 Ingevolge artikel 120, eerste lid, van de Waterschapswet (hierna: de wet) stelt het algemeen bestuur van het waterschap een verordening vast ter bestrijding van kosten die zijn verbonden aan de zorg voor het watersysteem (hierna: 'kostentoedelingsverordening' of 'verordening'). In deze verordening is voor elk van de categorieën van heffingplichtigen de toedeling van het kostendeel opgenomen. De toedeling van het kostendeel voor de categorie ingezetenen wordt ingevolge het tweede lid van artikel 120 van de wet bepaald aan de hand van de gemiddelde inwonerdichtheid per vierkante kilometer in het gebied van het waterschap. Wanneer, zoals in dit geval, het aantal inwoners per vierkante kilometer meer dan 500 maar niet meer dan 1000 bedraagt, bedraagt het door het waterschap bij verordening vast te stellen kostendeel voor ingezetenen ingevolge het tweede lid, aanhef en onder b, van artikel 120 van de wet minimaal 31% en maximaal 40%. Het algemeen bestuur kan het in het tweede lid, aanhef en onder b genoemde percentage ingevolge het derde lid van voormeld artikel verhogen tot maximaal 50%. Ingevolge artikel 149 van de wet kan aan een verordening als bedoeld in artikel 120 van de wet door gedeputeerde staten goedkeuring worden onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang. Ingevolge artikel 151, eerste lid, van de wet, zoals dit luidde ten tijde van belang en voor zover relevant, kan in afwijking van artikel 8:2, onderdeel c, van de Awb beroep worden ingesteld tegen een besluit van gedeputeerde staten inzake goedkeuring. 2Eisers stellen dat de verhoging van het kostendeel voor ingezetenen van 40% naar 47,5% in overeenstemming met het recht - in het bijzonder: artikel 120, derde lid, van de wet - is vastgesteld. Er is sprake van bijzondere omstandigheden die de verhoging rechtvaardigen. Het beheersgebied van het waterschap Hollandse Delta (hierna: het waterschap) wordt immers gekenmerkt door sterke verstedelijking, een zeer grote hoeveelheid infrastructuur en een groot buitendijks gebied. Het bestuurlijke primaat ligt bij eisers, aan hen komt in dezen een grote mate van beleidsvrijheid toe. Verweerder heeft zich hiervan onvoldoende rekenschap gegeven en is buiten de grenzen van zijn goedkeuringsbevoegdheid getreden. 3Verweerder stelt zich op het standpunt dat eisers onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat de categorie ingezetenen in het waterschap een buitengewoon belang heeft bij de watersysteemheffing, welk buitengewoon belang een verhoging van het ingezetenenaandeel in de kosten kan rechtvaardigen. Uit de parlementaire geschiedenis bij artikel 120, derde lid, van de wet blijkt dat verweerder een meer dan marginale toets toekomt bij het goedkeuren van een kostentoedelingsverordening waarin het kostendeel van ingezetenen door het waterschapsbestuur wordt verhoogd. 4Eisers hebben, nadat verweerder op 16 december 2008 goedkeuring had onthouden aan de verordening, op 19 december 2008 een nieuwe verordening ter goedkeuring voorgelegd aan verweerder. In de nieuwe verordening, gedateerd 18 december 2008, is het kostendeel voor ingezetenen teruggebracht naar 40%. De nieuwe verordening is op 20 februari 2009 goedgekeurd door verweerder. Op grond van de nieuwe verordening worden thans watersysteemheffingen geïnd. 5De rechtbank ziet zich allereerst gesteld voor de vraag of eisers (nog) voldoende belang hebben bij de uitkomst van dit geding. Zij overweegt hierover het volgende. 5.1De rechtbank signaleert een kentering in de jurisprudentie, daar waar het gaat om het aannemen van procesbelang in zaken waarin (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.