vonnis RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 260510 / HA ZA 06-677 Vonnis van 30 maart 2011 bij vervroeging in de zaak van [eiser], wonende te [woonplaats], eiser in conventie, verweerder in reconventie, advocaat mr. P.C. van As te Nieuwegein, tegen [gedaagde], wonende te [woonplaats], gedaagde in conventie, eiser in reconventie, advocaat mr. drs. J.H. Hommel te 's-Gravenhage. Partijen zullen hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd worden. 1.De procedure 1.1.Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 10 september 2008, waarbij in plaats van de bij het eerdere vonnis benoemde deskundige F. Kneefel AA, J.C. Vlaanderen AA tot deskundige is benoemd en waarbij tevens - kort gezegd - is vastgesteld dat de hoogte van het voorschot op de kosten van de deskundige € 7.150,-- (incl BTW) bedraagt en dat partijen ieder de helft van het voorschot dienen over te maken; - de brief van 25 november 2009 waarbij de deskundige de rechtbank heeft verzocht zijn honorarium te laten aanvullen met € 11.000,-- (incl BTW) in verband met omvang dossier en bijgevolg omvang werkzaamheden; - de griffiersbrief van 30 november 2009 waarin dit laatste aan partijen kenbaar is gemaakt en iedere partij is verzocht de helft van het zojuist genoemde bedrag, zijnde € 5.500,--, binnen twee weken over te maken; - de griffiersbrief van 29 maart 2010 waarin de rechtbank [eiser] een laatste gelegenheid heeft gegeven om het nadere voorschot te storten, welk aanvullend voorschot niet meer is ontvangen; - de akte uitlaten van [gedaagde]. 1.2.Ten slotte is vonnis bepaald. 2.De verdere beoordeling in conventie 2.1.In conventie heeft [eiser] zich op het standpunt gesteld dat hij van [gedaagde] uit de activiteiten van Vloerbedrijf Perfect v.o.f. (hierna: Vloerbedrijf Perfect) en Volle Maan v.o.f. (hierna: Volle Maan) (gezamenlijk ook: de vennootschappen) per 31 december 2002 per saldo € 89.901,-- te vorderen heeft (het saldo van respectievelijk - € 8.924,-- en + € 98.825,--). Bij het bepalen van deze bedragen heeft [eiser] zich beroepen op de jaarrekeningen 2002. Hierop dient volgens hem € 28.000,-- (€ 10.000,-- voor overname van een auto en een boor en € 18.000,-- ter zake een opname) in mindering te worden gebracht, zodat te vorderen resteert € 61.901,--. Daarnaast vordert hij € 40.000,-- vanwege een foute boeking in het grootboek van Vloerbedrijf Perfect. Voorts heeft hij zich op het standpunt gesteld dat hem de helft van de (nader te bepalen) goodwill van Vloerbedrijf Perfect hem toekomt, nu [gedaagde] deze onderneming heeft ingebracht in diens besloten vennootschap [A]. 2.2.[gedaagde] heeft de vordering van € 61.901,-- gemotiveerd betwist, onder overlegging van de stakingsbalansen van genoemde ondernemingen. Daarbij heeft hij aangevoerd dat hij als vennoot van beide vennootschappen schulden heeft voldaan van de vennootschappen, waarvoor hij regres heeft op [eiser]. Dat sprake is geweest van een foutboeking van € 40.000,-- en van inbreng van de onderneming van Vloerbedrijf Perfect heeft [gedaagde] eveneens gemotiveerd betwist. 2.3.De stelplicht en de bewijslast met betrekking tot zijn onder 2.1 weergegeven stellingen rusten op [eiser]. in reconventie 2.4.Het gevorderde in reconventie onder 8 komt erop neer dat [eiser] (kort en zakelijk weergegeven) wordt gelast de originele dossiers of kopieën daarvan aan [gedaagde] ter beschikking te stellen of in het geding te brengen. Gelet op hetgeen in de conclusie van antwoord in conventie/ eis in reconventie onder 26 en volgende en onder 75 en 76 wordt aangevoerd begrijpt de rechtbank dat het daarbij gaat om de boekhoudingen van de twee vennootschappen. Nu partijen ter comparitie van 11 oktober 2006 hebben afgesproken dat [eiser] de volledige boekhouding zal laten kopiëren en aan de procureur van [gedaagde] zal zenden en niet is gesteld of gebleken dat dit niet is geschied, heeft [gedaagde] bij toewijzing van dit deel van de vordering geen belang meer. 2.5.In reconventie heeft [gedaagde] voorts betaling gevorderd van een aantal, in de eis in reconventie nader gespecificeerde bedragen, waaraan hij ten grondslag heeft gelegd dat deze bedragen hem toekomen in het kader van de afrekening van de twee vennootschappen en de vereffening van vorderingen die in die vennootschappen zijn opgekomen en door hem zijn voldaan (het gevorderde onder 1 tot en met 6 van het petitum). De rechtbank begrijpt deze vorderingen, gelet op hetgeen onder 65 tot en met 67 van de conclusie van antwoord in conventie/ eis in reconventie is opgenomen, aldus, dat het gevorderde onder 1 primair wordt gevorderd en het gevorderde onder 2 tot en met 5 wordt gevorderd voor het geval de vordering onder 1 wordt afgewezen. Het gevorderde onder 6 betreft een zelfstandige vordering tot terugbetaling van een bedrag dat [gedaagde] onverschuldigd aan [eiser] heeft voldaan. 2.6.[eiser] heeft met betrekking tot het gevorderde onder 1 tot en met 5 gemotiveerd verweer gevoerd. In dat kader heeft hij aangevoerd (de rechtbank verstaat productie 16 aldus dat deze het antwoord in reconventie behelst, en slechts voor zover dat dat antwoord betreft heeft de rechtbank dit aan haar oordeel ten grondslag gelegd) dat de beide vennootschappen in het tweede half jaar door [gedaagde] zijn leeggehaald en dat dit de oorzaak is van de omstandigheid dat de beide vennootschapsvermogens geen verhaal meer boden aan schuldeisers. Voorts heeft [eiser] aan zijn verweer ten grondslag gelegd dat betalingen gedeeltelijk onverplicht zijn verricht. 2.7.Het gevorderde onder 6, de terugbetaling van een bedrag van € 13.842,--, wordt door [eiser] in dat deel van productie 16 dat ziet op een antwoord op de vordering in reconventie niet betwist, zodat de rechtbank zal uitgaan van de juistheid van deze vordering. Daarmee is dit deel van het gevorderde toewijsbaar, evenals de hierover gevorderde rente. 2.8.Overigens rusten de stelplicht en de bewijslast met betrekking tot zijn onder 2.5 weergegeven stellingen op [gedaagde]. in conventie en in reconventie 2.9.Teneinde tot een beslissing te kunnen komen heeft de rechtbank bij tussenvonnis van 1 november 2006 een onderzoek door een deskundige gelast om (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.