RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE Sector civiel recht - voorzieningenrechter zaak- / rolnummer: 394978 / KG ZA 11-585 Vonnis in kort geding van 20 juni 2011 in de zaak van 1. de stichting STICHTING GREENPEACE NEDERLAND, gevestigd te Amsterdam, 2. de stichting STICHTING NEDERLANDS CENTRUM VOOR INHEEMSE VOLKEN, gevestigd te Amsterdam, 3. de stichting ICCO, Stichting Interkerkelijke Organisatie voor Ontwikkelingssamenwerking, gevestigd te Utrecht, 4. de vereniging VERENIGING MILIEUDEFENSIE, gevestigd te Amsterdam, eiseressen, advocaat mr. A.H.J. van den Biesen te Amsterdam, tegen: DE STAAT DER NEDERLANDEN, (Ministerie van Infrastructuur en Milieu, meer speciaal de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu), zetelend te 's-Gravenhage, gedaagde, advocaat mr. J.H. Geerdink te 's-Gravenhage. Partijen zullen hierna worden aangeduid als enerzijds "Greenpeace cs" en anderzijds "de Staat". 1. De feiten Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting van 8 juni 2011 wordt in dit geding van het volgende uitgegaan. 1.1. Krachtens hun statuten behartigen Greenpeace cs de belangen van het milieu, waaronder begrepen flora en fauna in de tropische bossen, alsmede de belangen van inheemse volken die van het voortbestaan van die bossen rechtstreeks afhankelijk zijn. 1.2. Voortvloeiend uit een in 2004 genomen kabinetsbesluit - inhoudend dat alle rijksinstanties, die onder de ministeriële verantwoordelijkheid vallen, zich er toe verplichten dat het door hen aangekochte of aanbestede hout zoveel mogelijk en op termijn volledig op aantoonbaar duurzame wijze is geproduceerd en bovendien van legale afkomst is - heeft de (toen nog zo geheten) Minister van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (hierna "de Minister van VROM") contact opgenomen met de Stichting Milieukeur te 's-Gravenhage (hierna "SMK") in verband met de ontwikkeling van een systeem met het oog op, onder meer, de toetsing van buitenlandse certificatiesystemen voor duurzaam bosbeheer aan de in Nederland gehanteerde duurzaamheidscriteria voor hout. In dat kader schreef de Minister van VROM op 1 november 2007 - onder andere - het volgende aan SMK: "Voortbouwend op het persoonlijk overleg dat u op donderdag 18 oktober heeft gehad met [A]en [B] wil ik u hierbij verzoeken om voorbereidingen te treffen voor de organisatorische inbedding van de toetsingscommissie duurzaam bosbeheer bij de Stichting Milieukeur. De toetsingscommissie zal certificatiesystemen voor duurzaam bosbeheer en de bijbehorende handelsketen moeten beoordelen aan de hand van een nog nader door de minister vast te stellen set inkoopcriteria voor hout. Vanwege de politiek gevoelige aard van die beoordelingen zal de toetsingscommissie uit onafhankelijke experts op het gebied van boscertificatie en de 3 p's (people, planet and profit) moeten bestaan." 1.3. Bij brief van 24 juni 2008 heeft de Minister van VROM - onder meer - het volgende bericht aan de Tweede Kamer: "Inkoopcriteria voor duurzaam hout Om duurzaam inkopen en aanbesteden van hout door de overheden vorm te geven, is reeds in 2004 kabinetsbreed besloten «dat alle rijksinstanties, welke onder de ministeriële verantwoordelijkheid vallen, zich er toe verplichten dat het door hen aangekochte of aanbestede hout zoveel mogelijk en op termijn volledig op aantoonbaar duurzame wijze geproduceerd is. Daarnaast verzekeren zij zich er minimaal van dat het hout van aantoonbaar legale afkomst is». Om dit kabinetsbesluit te kunnen implementeren is helderheid nodig over de vraag wat aantoonbaar duurzaam en wat aantoonbaar legaal hout is. Duurzaam hout Bijgevoegd¹ de inkoopcriteria voor hout die deze week door mij zijn goedgekeurd en door de gezamenlijke overheden zullen worden bekrachtigd. Het is gelukt om, op basis van de eerder overeengekomen beoordelingsrichtlijn voor duurzaam bosbeheer en de handelsketen voor hout uit duurzaam beheerd bos (BRL), een objectief en werkbaar toetsingssysteem (inkoopcriteria + beoordelingsmethode) voor duurzaam geproduceerd hout te ontwikkelen. Een mooi resultaat dat mede dankzij de inzet van de onafhankelijke Hout Inkoop Commissie en een constructieve bijdrage van alle betrokken stakeholders bereikt is. Ter informatie voeg ik de resultaten van de in mei gehouden consultatieronde bij. De Hout Inkoop Commissie, onder gebracht bij de Stichting Milieukeur, zal aan de hand van de vastgestelde inkoopcriteria en beoordelingsmethode gaan beoordelen welke certificatiesystemen voldoen in het kader van duurzaam inkopen. Vanwege het internationale karakter van de toetsingswerkzaamheden is besloten om de naam van de commissie om te dopen tot Timber Procurement Assessment Committee (TPAC) en Engelstalige criteria en procedures te hanteren. (…..) Derhalve geef ik in mijn inkoopbeleid prioriteit aan duurzaam geproduceerd hout (goedgekeurd door de TPAC). (…..)". 1.4. De functie en werkwijze van TPAC zijn vastgelegd in het "Reglement toetsingscommissie inkoop hout". Daarin is een rol weggelegd voor relevante belanghebbenden (zogenaamde "stakeholders"). Het reglement vermeldt verder onder meer: "(…..) Artikel 2. Algemeen (…..) 2. In deze commissie toetsen deskundigen of (inter)nationale certificatiesystemen voldoen aan de Nederlandse Inkoopcriteria voor Hout en de procescriteria voor certificatiesystemen. (…..) Artikel 4. Taak onder verantwoordelijkheid van de directeur (…..) 3. De taak van de commissie betreft onder meer: (…..) b. het beoordelen of certificatiesystemen conform zijn aan de Nederlandse Inkoopcriteria voor Hout en de procescriteria voor certificatiesystemen en het uitbrengen van een advies aan de Minister hierover. (…..) (…..) Artikel 5. Procedure (…..) 2. Ten aanzien van het oordeel over een certificatiesysteem brengt de commissie advies uit aan de Minister. De Minister neemt hierop een zelfstandig besluit of hij het betreffende certificatiesysteem opneemt in het duurzaam inkoopbeleid van de Nederlandse overheid. (…..) Met de in artikel 5 van het reglement bedoelde "Minister" werd destijds bedoeld de Minister van VROM. Thans wordt daaronder verstaan de Minister van Infrastructuur en Milieu. In het kader van de taakverdeling tussen deze minister en diens staatssecretaris, zijn de onderhavige bevoegd- en verantwoordelijkheden toegedeeld aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu (hierna "de Staatssecretaris"). 1.5. Tegen een eindoordeel van TPAC kunnen belanghebbenden een bezwaarschrift indienen. Tegen een beslissing op bezwaar staat vervolgens beroep open, welk beroep wordt behandeld door een daartoe door SMK ingesteld College van Beroep. Het op de beroepsprocedure van toepassing zijnde "Reglement klachten, bezwaar en beroep" bepaalt in artikel 7 lid 8: "De uitspraak op een bezwaar of een beroep dient te worden gedaan binnen zes maanden na indiening. (…..) Indien de omstandigheden dit vereisen, kunnen deze termijnen één keer met zes (…..) maanden worden verlengd." en in artikel 10 lid 3: "De uitspraken van het college van beroep gelden als een voor partijen bindend advies". 1.6. De Maleisische overheid heeft de certificering betreffende de productie van Maleisisch duurzaam hout ondergebracht bij het Malaysian Timber Certification Committee (hierna "MTCC"). MTCC beheert een certificaat dat wordt aangeduid als "MTCS" (Malaysian Timber Certification Scheme). 1.7. De Rijksoverheid heeft zich verplicht om vanaf 2010 alleen nog maar duurzaam hout in te kopen. 1.8. MTCC heeft aan TPAC verzocht om MTCS te toetsen aan de in Nederland geldende duurzaamheidscriteria voor de inkoop van hout. In de daaropvolgende procedure zijn Greenpeace cs aangemerkt als "stakeholders". TPAC heeft op 3 maart 2010 als eindoordeel gegeven dat MTCS in Nederland zou kunnen worden geaccepteerd. Greenpeace cs hebben tegen die beslissing bezwaar gemaakt. Dit heeft ertoe geleid dat TPAC op 22 oktober 2010 zijn oordeel herzag; volgens TPAC voldeed MTCS toch niet aan de in Nederland geldende duurzaamheidscriteria. 1.9. In verband daarmee berichtte TPAC de Staatssecretaris op 25 oktober 2010 het volgende: "Begin dit jaar is de Toetsingscommissie Inkoop Hout (TPAC) tot het oordeel gekomen dat het Maleisische certificatiesysteem MTCS voldoet aan de Nederlandse Inkoopcriteria voor duurzaam hout. Tegen dit oordeel hebben vijf maatschappelijke organisaties in het kader van de bij SMK ondergebrachte reguliere bezwaarprocedure een bezwaar ingediend. Na zorgvuldige behandeling van dat bezwaar heeft TPAC haar oordeel herzien en stelt vast dat MTCS niet voldoet aan de Nederlandse inkoopcriteria. Dit besluit (en de daarbij behorende bijlagen) bieden wij u hierbij als advies aan. Het is aan u, als bewindpersoon, om op basis hiervan een besluit te nemen over het al dan niet als duurzaam inkopen van het onder MTCS gecertificeerde hout. Hierbij willen wij ter aanvulling het volgende onder uw aandacht brengen. In de eerste plaats constateert TPAC dat MTCS de afgelopen jaren enorme verbeteringen tot stand heeft gebracht in haar eigen organisatie en in de 4 miljoen hectare bos die onder het systeem vallen. Voor een groot deel voldoet MTCS aan de Nederlandse Inkoopcriteria en het certificatiesysteem heeft naar de mening van de Commissie een belangrijke rol te vervullen in het verduurzamen van de exploitatie van het natuurlijk bos in Maleisië. De belangrijkste reden om geen positief oordeel te geven is de beperkte interpretatie van de rechten van de inheemse bevolking in de onder MTCS gecertificeerde bossen. Het bos wordt door de inheemse bevolking in Maleisië - de Orang Asli - al eeuwenlang gebruikt voor jagen en verzamelen en is een belangrijk onderdeel van hun cultuur en identiteit. Aan dit traditionele gebruik kunnen, zo oordeelt TPAC, rechten worden ontleend. Dit betreft met name het recht van de Orang Asli om door de bosbeheerder te worden gehoord over voorgenomen houtkap en de eis aan zowel de bosbeheerder en Orang Asli om tot een overeenstemming te komen over de voorgenomen houtkap en mogelijke compensatie daarvoor. Uit informatie van de maatschappelijke organisaties en met name uit recente gepubliceerde audit rapporten is gebleken dat deze rechten van de Orang Asli niet formeel worden erkend en maar gedeeltelijk gerespecteerd in MTCS bos. Omdat deze audit rapporten pas zeer kort geleden beschikbaar zijn gekomen, kon TPAC deze informatie pas in de bezwaarprocedure meewegen. Het tweede belangrijke verbeterpunt van MTCS betreft de omzetting van gecertificeerd natuurlijk bos in andere landgebruikvormen zoals met name rubberplantages en infrastructuur. Deze zogenoemde conversie werd al eerder door TPAC aan de orde gesteld. MTCS biedt naar het oordeel van TPAC in de huidige vorm niet voldoende bescherming tegen deze conversie. Voor een effectieve bescherming is het nodig dat de stukken bos die inmiddels al geconverteerd zijn en de stukken waarvoor door de overheid conversie is gepland, buiten de gecertificeerde bosbeheereenheden worden gelaten. Voor het op deze manier opnieuw begrensde gecertificeerde bosgebied zal dan een helder en beperkt maximum voor conversie moeten worden vastgesteld. Het is naar de mening van de Commissie goed mogelijk dat bovengenoemde bezwaarpunten door MTCC kunnen worden weggenomen. Het gaat daarbij zowel om het nemen van besluiten over deze punten, als om een toetsbare implementatie daarvan in de praktijk. Als dit inderdaad gebeurt zou MTCS binnen een afzienbare tijd kunnen voldoen aan de Nederlandse Inkoopcriteria voor hout. Wij zouden het zeer op prijs stellen als wij het bovenstaande in een gesprek met u nader zouden kunnen toelichten." 1.10. MTCC is op 3 december 2010 in beroep gegaan van het herziene eindoordeel van TPAC. Greenpeace cs hebben in die procedure incidenteel geappelleerd. De mondelinge behandeling door het College van Beroep was - na opgave van verhinderdata - gepland op 28 april 2011. Op verzoek van MTCC - en ondanks bezwaar van Greenpeace cs - is de behandeling op die datum niet doorgegaan, maar uitgesteld tot 5 augustus 2011. 1.11. Na brieven zijnerzijds van 29 november 2010 en 7 en 9 februari 2011, heeft de Staatssecretaris - bij brief van 12 mei 2011 - aan de Tweede Kamer bericht dat hij per 1 juli 2011 MTCS wil accepteren voor het inkoopbeleid van de overheid en dat hij daarover vóór 1 juli 2011 met de Tweede Kamer van gedachten wil wisselen. Dit overleg met de Tweede Kamer staat gepland op 28 juni 2011. 2. Het geschil 2.1. Greenpeace cs vorderen, zakelijk weergegeven: primair: - de Staat te verbieden enig goedkeuringsbesluit te nemen ten aanzien van MTCS, zolang niet onherroepelijk door het College van Beroep is beslist dat MTCS voldoet aan de Nederlandse ter zake geldende duurzaamheidscriteria; subsidiair: - de Staat te verbieden enig goedkeuringsbesluit te nemen ten aanzien van MTCS, zolang niet onherroepelijk door het College van Beroep is beslist, met dien verstande dat het verbod voorziet in een verlenging ervan met zes weken, indien het College van Beroep het negatieve oordeel van TPAC bevestigt, zodat Greenpeace cs in dat geval - en voor zover de Staat ook dan en desondanks tot goedkeuring van MTCS wil besluiten - de gelegenheid hebben de zaak opnieuw aan de rechter in kort geding voor te leggen; meer subsidiair: - een zodanig verbod c.q. gebod uit te spreken dat daarmee de belangen van Greenpeace cs in de onderhavige zaak recht wordt gedaan; primair, subsidiair en meer subsidiair: - de Staat te veroordelen in de proceskosten. 2.2. Naast de hiervoor vermelde feiten voeren Greenpeace cs daartoe - samengevat - het volgende aan. Met het oog op zijn beleid om alleen maar duurzaam hout in te kopen heeft de Staat een zorgvuldige, onafhankelijke en niet door politieke inmenging gestoorde procedure in het leven geroepen, teneinde tot een afgewogen oordeel te (kunnen) komen over - onder meer - de duurzaamheidswaarde die kan worden toegekend aan hout waarvoor door een buitenlandse instantie een certificaat van duurzaamheid is afgegeven. In het kader van zo'n procedure heeft TPAC op goede gronden (uiteindelijk) geoordeeld dat Maleisisch hout, waaraan door MTCC het door haar beheerde MTCS-certificaat is toegekend, niet voldoet aan de in Nederland gehanteerde duurzaamheidscriteria. Dat hout komt dan ook niet in aanmerking voor inkoop/aanbesteding door de Staat. Volgens TPAC voldoet het hout niet op twee kernpunten, te weten (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.