RECHT[X]ANK 'S-GRAVENHAGE Sector kanton Locatie Delft ap Rolnr. 1093972 \ CV EXPL 11-8297 12 januari 2012 Vonnis in de zaak van: [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie], wonende te [woonplaats], eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie, procederend in persoon (h.o.d.n. [A]), tegen de naamloze vennootschap Reaal Schadeverzekeringen N.V., gevestigd te Zoetermeer, gedaagde partij in conventie, eisende partij in reconventie, gemachtigde: mr. D.A. Pronk, rolgemachtigde: mr. P.C. Knijp. Partijen worden aangeduid als [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] en Reaal. Procedure De kantonrechter heeft kennis genomen van de volgende stukken: - de dagvaarding van 10 augustus 2011; - de conclusie van antwoord in conventie, tevens houdende eis in reconventie, met producties; - het tussenvonnis van 13 oktober 2011; - de conclusie van antwoord in reconventie, met producties, tevens houdende een nadere akte in conventie, met producties; Op 15 december 2011 heeft een comparitie van partijen plaatsgevonden, waarvan de griffier aantekeningen heeft gemaakt. Reaal heeft bij de comparitie nog een productie overgelegd. 1 Feiten in conventie en in reconventie De kantonrechter gaat uit van de navolgende feiten. 1.1 Op 13 april 2011 heeft rond acht uur 's ochtends een aanrijding plaatsgevonden tussen de door de zoon van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] (hierna [junior]) bestuurde snorfiets met kenteken [kentekennummer] (hierna de snorfiets) en de door de heer [X] bestuurde auto met kenteken [kentekennummer] (hierna de auto). Daarbij zijn zowel de snorfiets als de auto beschadigd. 1.2 Op de door beide partijen ingevulde voorzijde van het 'Aanrijdingsformulier' is onder 'Mijn opmerkingen' door [X] ingevuld: "Voertuig B [= de snorfiets] reed op het fietspad tegen het verkeer in" en door [junior] "ik ging linksaf tegemoetk. voertuig ging ook rechtsaf". Voorts is een situatieschets getekend waarop voertuig A (de auto) rechtsaf slaat en voertuig B (de snorfiets), uit tegenoverstelde richting komend, linksaf slaat. 1.3 Op de achterzijde van het aanrijdingsformulier heeft [X] bij de vraag 'wie er naar zijn mening aansprakelijk is' op 17 april 2011 het volgende aangetekend: "de bromfiets reed tegen het verkeer in op het fietspad. Ik trok op om het parkeerterrein op te rijden. Ondanks dat ik beide kanten heb op gekeken alvorens over het fietspad te kruisen, heb ik de bromfietser niet gezien. Ik kan niet zeggen wie er aansprakelijk is." 1.4 In een door Piaggio CM Lifestyle op 13 april 2011 gedateerde offerte worden de kosten van herstel van de snorfiets begroot op € 4.150,75 (inclusief BTW). 1.5 In een door Andiamo CM Lifestyle op 15 april 2011 gedateerde aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] gerichte order bevestiging wordt voor de uitlevering van een Vespa S 25 4-takt "Sport" Titanio € 3.800,00 (inclusief BTW) in rekening gebracht. 1.6 De auto was door [X] verzekerd bij Reaal. Blijkens een op 18 april 2011 afgesloten schaderapport heeft het herstel van de auto door All Car Schadeherstel B.V. € 3.799,27 (inclusief BTW) gekost. 1.7 Bij e-mailbericht van 6 juni 2011 aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] heeft Reaal zich bereid getoond om 25% aansprakelijkheid te erkennen. 1.8 Op 9 juni 2011 heeft [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] een 'Verklaring inzake machtiging tot bemiddeling verkoop voertuig' aan CED Automotive B.V. afgegeven. 2 Vordering in conventie [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] vordert dat bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad Reaal zal worden veroordeeld om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] te betalen een bedrag van € 2.973,16, met de contractuele rente ad 15% per jaar en subsidiair de wettelijke rente over € 2.900,00 vanaf 10 augustus 2011 tot de dag van de voldoening en met veroordeling van Reaal in de kosten van de procedure. [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] legt aan de vordering voormelde vaststaande feiten ten grondslag, alsmede de navolgende stellingen. 2.1 [X] heeft als bestuurder van een motorrijtuig daarmee rijdende over de weg, zich zodanig gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden. Immer is hij, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig geweest. Hij is rechtsaf geslagen en een fietspad opgereden, zonder zich te vergewissen dat het fietspad vrij was van (rechtdoorgaand) verkeer, waarbij hij geen voorrang heeft verleend aan een bromfietser, die zich op dat fietspad bevond en waarop een botsing heeft plaatsgevonden. Dit is een overtreding van artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW). 2.2 [junior] moest ter plaatse met de snorfiets op het fietspad rijden en heeft dan ook te gelden als een door artikel 185 WVW beschermde zwakke verkeersdeelnemer. 2.3 De snorfiets was eigendom van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie]. 2.4 De totale schade aan de snorfiets bedraagt € 4.150,75. 2.5 Op 26 april 2011 heeft [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] Reaal voor de materiële (en immateriële) schade aansprakelijk gesteld. 2.6 De snorfiets is aan een opkoper, die via CED gevonden is, voor € 1.250,00 verkocht, welk bedrag [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] heeft ontvangen. Daarmee resteert een schade van € 2.900,00. 3 Verweer in conventie Reaal verweert zich tegen de vordering en voert daartoe, zakelijk weergegeven, het navolgende aan. 3.1 Primair: Reaal is niet aansprakelijk. Het in de dagvaarding gehanteerde uitgangspunt dat [junior] rechtdoor reed is onjuist. Dit blijkt uit het aanrijdingsformulier waarin hij zelf heeft genoteerd dat hij linksaf sloeg. Ingevolge artikel 18 lid 2 Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) geldt dat [junior] aan [X] voorrang had moeten verlenen. [X] heeft niet onrechtmatig gehandeld. 3.2 Aansprakelijkheid op grond van artikel 185 WVW is niet aan de orde bij een aanrijding tussen twee motorrijtuigen. Een snorfiets is een motorrijtuig. 3.3 Subsidiair: er is sprake van eigen schuld aangezien [junior] tegen de toegestane rijrichting in reed. 3.4 Meer subsidiair: de omvang van de schade wordt betwist. Snorfietsen als de onderhavige hebben een cataloguswaarde van circa € 2.600,00 en ten tijde van het ongeval was de snorfiets al twee jaar oud. Uit de gegevens van het RDW blijkt dat de eerste toelating van de snorfiets was op 30 juni 2009. Voorts heeft [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] geen bewijs overgelegd van de juistheid van het door hem voor de snorfiets ontvangen bedrag ad € 1.250,00 dat in mindering strekt op de schade. Daarnaast is van enig contract tussen [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] en Reaal geen sprake, zodat ten onrechte een contractuele vertragingsvergoeding wordt gevorderd. 4 Vordering in reconventie In reconventie vordert Reaal dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] zal worden veroordeeld om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Reaal te betalen een bedrag van € 3.799,27, met de wettelijke rente daarover vanaf 20 oktober 2011 tot de dag van de voldoening en met veroordeling van Reaal in de kosten van de procedure (inclusief de nakosten). Reaal legt aan deze vordering, naast de voormelde vaststaande feiten, het navolgende ten grondslag. 4.1 Het is [junior] geweest die, in strijd met artikel 18 lid 2 RVV 1990, geen voorrang heeft verleend. 4.2 Reaal gaat er van uit dat [junior] ten tijde van de aanrijding jonger dan 16 jaar was, dan geldt dat [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] ex artikel 6:169 van het Burgerlijk Wetboek (BW) aansprakelijk is voor het handelen van zijn zoon, die dan ook niet gerechtigd was om zich op een snorfiets in het verkeer te begeven. 4.3 De reparatiekosten van de auto ad € 3.799,27 zijn door Reaal aan verzekerde vergoed en Reaal is aldus in de rechten van verzekerde gesubrogeerd. 5 Verweer in reconventie [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] verweert zich tegen de vordering en voert daartoe het navolgende aan. 5.1 [junior] reed niet tegen de toegestane rijrichting in. Op de plaats waar [junior] linksaf het fietspad is opgegaan is aan de rechterkant een verkeersbord G12a geplaatst met pijlen waaruit blijkt dat het rijden in beide richtingen op het fietspad is toegestaan. 5.2 [junior] was ten tijde van de aanrijding 18 jaar en beschikte over een geldig rijbewijs om snorfiets te besturen. 6 Beoordeling In conventie: 6.1 [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] vordert in de onderhavige procedure veroordeling van Reaal, kennelijk als de WAM-verzekeraar van de door [X] bestuurde auto, tot vergoeding van de - na verkoop van de snorfiets nog resterende - materiële schade, op grond van het feit dat [X] een verkeersfout zou hebben gemaakt. Artikel 185 Wegenverkeerswet 6.2 De meest verstrekkende stelling van [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] is dat, ongeacht de toedracht van de aanrijding, Reaal op grond van artikel 185 WVW aansprakelijk is voor de schade aan de snorfiets. De kantonrechter volgt [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] hier niet in. Zoals Reaal terecht heeft aangevoerd houdt artikel 185 lid 1 WVW een bijzondere (risico)aansprakelijkheid in van de eigenaar of houder van een motorrijtuig voor schade die wordt toegebracht aan niet-gemotoriseerde verkeersdeelnemers zoals voetgangers en fietsers. In artikel 185 lid 3 WVW is bepaald dat deze bijzondere (risico)aansprakelijkheid geen toepassing vindt ten aanzien van schade toegebracht aan "een ander motorrijtuig in beweging". Uit artikel 1 lid 1sub c WVW volgt dat als een motorrijtuig in de zin van de Wegenverkeerswet aangemerkt worden "alle voertuigen, bestemd om anders dan langs spoorstaven te worden voortbewogen uitsluitend of mede door een mechanische kracht, op of aan het voertuig zelf aanwezig dan wel door elektrische tractie met stroomtoevoer van elders, met uitzondering van fietsen met trapondersteuning". Van deze omschrijving, welke het karakter heeft van een definitie, zijn snorfietsen aldus niet uitgezonderd. Dat een snorfiets als een motorrijtuig gezien moet worden vindt ook bevestiging in artikel 1 sub af RVV 1990 waarin een snorfiets als een "bromfiets", met bepaalde eigenschappen, staat omschreven. Weliswaar geeft het bepaalde in artikel 2b RVV 1990 een aanknopingspunt voor het door [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] bepleite standpunt dat een snorfiets in bepaalde omstandigheden met een fiets gelijk gesteld moet worden, maar dit artikel laat uitdrukkelijk ruimte voor anders bepalen en vindt slechts toepassing binnen het Reglement verkeersregels en verkeerstekens, dat een regeling van lagere rangorde dan de Wegenverkeerswet is. De wettelijke definitie in de Wegenverkeerswet leent zich naar haar aard niet voor een extensieve interpretatie die ten doel strekt tot het binnen het bereik van de omschrijving halen van hetgeen daartoe niet behoort. In het onderhavige geval heeft de snorfiets dan ook te gelden als 'een ander motorrijtuig in beweging' en vindt artikel 185 WVW geen toepassing. Verkeersfout 6.3 De volgende vraag die beantwoord dient te worden is of door [X] als bestuurder van de auto een verkeersnorm is overtreden en hij daarmee een onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW) heeft gepleegd. Hiervoor dient eerst bezien te worden wat kan worden vastgesteld met betrekking tot de toedracht van de aanrijding en de omstandigheden waaronder deze plaatsvond. 6.4 [eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie] heeft gesteld dat de snorfiets op het fietspad ten opzichte van de auto rechtdoorgaand verkeer was, waaraan de naar rechts afslaande auto voorrang had moeten verlenen. 6.5 Indien [junior] voor [X] rechtdoorgaand verkeer was, dan heeft [X] in strijd met artikel 18 lid 1 RVV 1990 geen voorrang verleend. Met toepassing van de in de rechtspraak van de Hoge Raad ontwikkelde 'omkeringsregel' is het causaal verband tussen de normschending en het ongeval in beginsel gegeven. De uit artikel 5 WVW in samenhang met artikel 18 lid 1 RVV 1990 voortvloeiende norm strekt immers ter voorkoming van een specifiek gevaar, te weten het gevaar dat zich een verkeersongeval voordoet, in dit geval verwezenlijkt door een aanrijding met schade en letsel tot gevolg. Niet in geschil is dat, als de snorfiets voor de auto rechtdoorgaand verkeer was, de alsdan door [X] gemaakte verkeersfout een onrechtmatige daad oplevert die aan [X] toerekenbaar is. 6.6 Door Reaal is echter gemotiveerd betwist dat de snorfiets rechtdoorgaand verkeer was, onder verwijzing naar het aanrijdingsformulier waarop (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.