RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE Sector civiel recht - voorzieningenrechter zaak- / rolnummer: 423130 / KG ZA 12-726 Vonnis in kort geding van 30 augustus 2012 in de zaak van de naamloze vennootschap SAVER N.V., gevestigd te Roosendaal, eiseres, advocaat mr. A.C. van Langen te Rotterdam, tegen: DE GEMEENTE RUCPHEN, zetelend te Rucphen, gedaagde, advocaat mr. M.P. van Leeuwen te Rotterdam. Partijen zullen hierna worden aangeduid als 'Saver' en 'de Gemeente'. 1. De feiten Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting van 17 augustus 2012 wordt in dit geding van het volgende uitgegaan. 1.1. Op 4 mei 2012 is de Gemeente een Europese openbare aanbesteding gestart betreffende de inzameling van afval, het uitvoeren van containermanagement, het beheer en de exploitatie van een milieustraat, alsmede overige afvaltaken ten behoeve van de Gemeente. Op de aanbesteding is het Besluit aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten ('Bao') van toepassing. Als gunningscriterium wordt gehanteerd de laagste prijs. 1.2. De Aanbestedingsleidraad vermeldt, voor zover hier van belang: "Containermanagement: Het geheel van alle taken die vallen onder Containerbeheer en Containerregistratie, inclusief beheer van Afvalpassen. Containerregistratie: Het beheren en up-to-date houden van het digitale containerregistratiebestand op basis van Chips en Afvalpassen. Het betreft het Minicontainerbestand voor Restafval en Gft-afval en het afvalpassenbestand voor de Ondergrondse containers voor Restafval. Containerbeheer: Het beheren van het complete Minicontainerbestand en Afvalpassenbestand van de Opdrachtgever op dusdanige wijze dat iedere Aansluiting die daar recht op heeft te allen tijde voorzien is van een goed-functionerende, hele Minicontainer voor restafval, Gft-afval en OPK 1 dan wel een Afvalpas voor een Ondergrondse container voor Restafval. (...) 2.7 Keuze Opdrachtnemer 1. Voor de gunning van de Opdracht komen alleen Inschrijvers in aanmerking die zowel op de datum van aanbesteding als op de datum van opdrachtverlening, alsmede gedurende de tussenliggende periode, voldoen aan de eisen zoals gesteld in artikel 3.3 t/m 3.6 van de Aanbestedingsleidraad. (...) 3.6 Geschiktheidseisen technische- en beroepsbekwaamheid 1. De Inschrijver dient aan de navolgende minimumeisen op het gebied van technische en beroepsbekwaamheid te voldoen: a. De Inschrijver dient in de periode van 3 jaar voorafgaand aan de datum van aanbesteding één met de onderhavige Opdracht vergelijkbare referentieopdracht te hebben uitgevoerd of nog in uitvoering hebben. Wanneer de referentieopdracht nog in uitvoering is, dient minimaal één jaar van de dienstverlening te zijn uitgevoerd. Onder een vergelijkbare referentieopdracht wordt verstaan: "het geregistreerd en alternerend inzamelen van huishoudelijk Gft- en Restafval met Minicontainers voorzien van Chips met een minimale omvang van 5.000 huishoudens per jaar". b. De Inschrijver dient in de periode van 3 jaar voorafgaand aan de datum van aanbesteding één met de onderhavige Opdracht vergelijkbare referentieopdracht te hebben uitgevoerd of nog in uitvoering hebben. Wanneer de referentieopdracht nog in uitvoering is, dient minimaal één jaar van de dienstverlening te zijn uitgevoerd. Onder een vergelijkbare referentieopdracht wordt verstaan: "het inzamelen en verwerken van Glas, Textiel en/of Kunststof met een minimale omvang van 350 ton per jaar". c. De Inschrijver dient in de periode van 3 jaar voorafgaand aan de datum van aanbesteding één met de onderhavige Opdracht vergelijkbare referentieopdracht te hebben uitgevoerd of nog in uitvoering hebben. Wanneer de referentieopdracht nog in uitvoering is, dient minimaal één jaar van de dienstverlening te zijn uitgevoerd. Onder een vergelijkbare referentieopdracht wordt verstaan: "beheer en exploitatie van een gemeentelijke Milieustraat met een minimumomvang van 2.500 ton geaccepteerd afval per jaar". d. De Inschrijver dient in de periode van 3 jaar voorafgaand aan de datum van aanbesteding één met de onderhavige Opdracht vergelijkbare referentieopdracht te hebben uitgevoerd of nog in uitvoering hebben. Wanneer de referentieopdracht nog in uitvoering is, dient minimaal één jaar van de dienstverlening te zijn uitgevoerd. Onder een vergelijkbare referentieopdracht wordt verstaan: "Containerregistratie en Containerbeheer met een minimale omvang van 11.000 Minicontainers per jaar". e. Bij de op de voet van sub a t/m d opgegeven referentieopdrachten dient sprake te zijn geweest van een goede en tijdige uitvoering van de opdrachten. (...) 5. Om te bewijzen dat hij voldoet aan de in lid 1 t/m 4 genoemde geschiktheidseisen dient de Inschrijver bij inschrijving het referentieformulier inclusief een door de referent getekende tevredenheidverklaring conform Standaardformulier 6 in te dienen. (...) 4.3. Toelichting op de inschrijving 1. De Aanbestedende dienst behoudt zich het recht voor van een Inschrijver nadere toelichting te verlangen ten aanzien van de door hem ingediende inschrijving." 1.3. De Nota van Inlichtingen d.d. 12 juni 2012 vermeldt onder meer: "Belangrijke informatie van de opdrachtgever: 1) Abusievelijk is in de aanbestedingsleidraad het artikel over social return niet opgenomen. Het artikel is hieronder alsnog weergegeven. 1. Onderhavige opdracht is door opdrachtgever aangemerkt als opdracht voor toepassing van Social return, met het oogmerk werkgelegenheid en/of werkleerplekken te creëren voor (een van) de hieronder omschreven doelgroepen: a. Uitkeringsgerechtigden WWB b. Langdurig werklozen c. Jongeren d. Uitkeringsgerechtigden UWV e. Personen met een Wsw-indicatie 2. Onder langdurig werkloze wordt verstaan iemand die minimaal 6 maanden werkzoekend is en die als zodanig staat ingeschreven bij het UWV WERKbedrijf. 3. Onder jongere wordt verstaan iemand met een Wwb-uitkering in de leeftijdsgroep 18 tot 23 jaar. 4. De inschrijver aan wie de opdracht wordt gegund, is gedurende de gehele looptijd van deze Opdracht verplicht minimaal 1 fte's per jaar te realiseren ten behoeve van social return. De genoemde 1 fte's per jaar dienen ingezet bij de uitvoering van onderhavige opdracht. Een Fte staat gelijk aan 36 uur. 5. Door in te schrijven op deze Opdracht verklaart Inschrijver zich akkoord met de toepassing van social return. 6. De kosten voor het realiseren van de gevraagde social return zijn voor de opdrachtnemer. 7. De opdrachtnemer is zelf verantwoordelijk voor het rekruteren van deelnemers. De gemeente Rucphen, Afdeling Samenleving, kan hierbij ondersteuning verlenen. Indien opdrachtnemer zonder gemeentelijke ondersteuning zelf zorg draagt voor de inzet van langdurig werklozen en/of leerlingen, dient hij dit voorafgaand aan de uitvoering van de Opdracht te rapporteren. 8. Wwb-kandidaten kunnen - indien dit door opdrachtgever en opdrachtnemer noodzakelijk wordt geacht - worden geschoold. Deze scholing vindt zoveel mogelijk plaats na de plaatsing bij de Opdrachtnemer. Indien dat niet mogelijk is, worden deelnemers geschoold voordat zij bij de opdrachtnemer aan de slag gaan. De kosten voor de scholing worden vergoed door de gemeente wanneer er geen voorliggende financiering bestaat. 9. Jaarlijks dient opdrachtnemer begin januari een raming op te geven van de te realiseren bruto loonsom behorende bij de inzet van 2 Fte's. Verdere afspraken over rapportageverplichtingen, overleggen van kopieën van arbeids-, detacherings- en/of stage-overeenkomsten, verantwoording etc. worden na gunning in overleg gemaakt. 10. Indien opdrachtnemer zijn verplichtingen aangaande social return niet (volledig) nakomt, vindt een inhouding plaats op basis van anderhalf maal de niet gerealiseerde bruto loonsom. Verrekening vindt plaats bij de jaarlijkse eindafrekening. De inhouding vindt niet plaats, indien buiten schuld van de opdrachtnemer de beoogde inzet van twee Fte's uit bovengenoemde doelgroepen niet is bereikt. De bewijslast hiervoor berust bij de opdrachtnemer. 11. Eventuele onderaanneming ontslaat de opdrachtnemer niet van de verplichting te voldoen aan de bovengenoemde eisen." 1.4. Op de aanbesteding hebben drie partijen ingeschreven, te weten: Saver, Van Gansewinkel Nederland B.V. Regio Zuidwest-Nederland te Rucphen en SITA Recycling Services Zuid B.V. te Helmond. Hun inschrijfsommen (exclusief BTW) bedroegen respectievelijk € 2.166.927,47, € 2.188.920,67 en € 3.616.518,14. 1.5. Voor wat betreft de in de Aanbestedingleidraad in artikel 3.6 lid 1 vermelde (minimum) geschiktheidseisen en de in dat verband verlangde referentie(s), heeft Saver aan de hand van het referentieformulier en een door de referent ondertekende tevredenheidverklaring overeenkomstig Standaardformulier 6 van de Aanbestedingleidraad, een beroep gedaan op een opdracht van de gemeente Woensdrecht. Het door Saver bij haar inschrijving gevoegde Standaardformulier 6 houdt, voor zover hier van belang, het volgende in: " Standaardformulier 6 " 1.6. Bij brief van 28 juni 2012 heeft de Gemeente onder meer het volgende medegedeeld aan Saver: "Helaas moeten wij u mededelen dat uw inschrijving niet voor gunning in aanmerking komt. Redengevend daartoe is dat u niet heeft aangetoond dat u (als inschrijver) voldoet aan de door de gemeente Rucphen gestelde geschiktheidseisen als bedoeld in artikel 3.6 van de aanbestedingsleidraad. Meer specifiek volgt uit de door u genoemde referentie (gemeente Woensdrecht) niet dat u ervaring heeft met: • Het geregistreerd en alternerend inzamelen van huishoudelijk Gft- en restafval met minicontainers voorzien van een chip; • Het beheer en de exploitatie van een gemeentelijke milieustraat; • Containerregistratie en containerbeheer met een minimale omvang van 11.000 minicontainers per jaar. Gezien het gunningscriterium "laagste prijs" hebben wij het voornemen de opdracht te gunnen aan Van Gansewinkel Nederland Regio Zuidwest-Nederland te Rucphen. Een kopie van het proces-verbaal van aanbesteding treft u bijgaand aan." 1.7. Op 5 juli 2012 heeft Saver haar bezwaren tegen de voorlopige gunningsbeslissing kenbaar gemaakt aan de Gemeente. In reactie daarop heeft de Gemeente - bij brief van 7 juli 2012 - Saver bericht bij haar voorgenomen gunningsbeslissing te blijven. 1.8. Op dit moment verricht Saver de onderhavige diensten ten behoeve van de Gemeente, met uitzondering van het door de Gemeente nog niet ingevoerde geregistreerd inzamelen van afval. 2. Het geschil 2.1. Saver vordert, zakelijk weergegeven: I. de Gemeente - op straffe van verbeurte van een dwangsom - te verbieden de opdracht te gunnen aan Van Gansewinkel Nederland B.V. Regio Zuidwest-Nederland en te bevelen de opdracht te gunnen aan Saver; dan wel: II. de Gemeente - op straffe van verbeurte van een dwangsom - te bevelen de aanbestedingsprocedure te staken en gestaakt te houden en over te gaan tot heraanbesteding; een en ander met veroordeling van de Gemeente in de proceskosten. 2.2. Samengevat voert Saver daartoe het volgende aan. De Gemeente stelt zich ten onrechte op het standpunt dat Saver niet voor gunning van de opdracht in aanmerking komt. Anders dan de Gemeente meent, blijkt uit de door Saver, middels het bij haar inschrijving gevoegde Standaardformulier 6, opgevoerde referentieopdracht (van de gemeente Woensdrecht) wel degelijk dat Saver voldoet aan de in artikel 3.6 lid 1 onder a, c en d van de Aanbestedingsleidraad vermelde geschiktheidseisen. Voor zover zulks toch niet het geval mocht zijn, had de Gemeente Saver in de gelegenheid moeten stellen haar inschrijving (lees: Standaardformulier 6) aan te vullen, dan wel nader toe te lichten. Te meer nu de Gemeente uit anderen hoofde, waaronder het gegeven dat zij 'zittend opdrachtnemer' is, ermee bekend is dat Saver aan alle eisen voldoet c.q. kan voldoen. De inschrijving van Saver is dus ten onrechte terzijde gelegd. Gelet hierop en nu Saver heeft ingeschreven met de laagste prijs, moet de opdracht aan haar worden gegund. Indien het voorgaande niet opgaat, is van belang dat de Gemeente, door in de Nota van Inlichtingen alsnog een paragraaf betreffende "social return" op te nemen, de opdracht onrechtmatig heeft gewijzigd. Op grond daarvan zal de Gemeente, indien zij dat wenst, moeten overgaan tot heraanbesteding van de opdracht. 2.3. De Gemeente heeft de vorderingen van Saver gemotiveerd bestreden. Voor zover nodig zal haar verweer hierna worden besproken. 3. De beoordeling van het geschil 3.1. Met betrekking tot de onder 2.1 sub I vermelde vordering(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.