vonnis RECHTBANK 'S-HERTOGENBOSCH Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 174148 / HA ZA 08-809 Vonnis in incident van 14 januari 2009 in de zaak van 1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid FRISDRANKEN INDUSTRIE WINTERS B.V., gevestigd te Maarheeze, gemeente Cranendonck, 2. de vennootschap naar Belgisch recht SUN BEVERAGES COMPANY N.V., gevestigd te Ninove, België, eiseressen in de hoofdzaak, verweersters in het incident, advocaat mr. J.N.D.M. Kager, tegen 1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid KRONES NEDERLAND B.V., gevestigd te Enschede, 2. de naamloze vennootschap naar Belgisch recht S.A. KRONES AG, gevestigd te Louvain-la Neuve-Sud, België, 3. de naamloze vennootschap naar Duits recht KRONES AG, gevestigd te Neutraubling, Duitsland, gedaagden in de hoofdzaak, eiseressen in het incident, advocaat mr. J.E. Benner. Partijen zullen hierna Winters c.s. en Krones c.s. genoemd worden. 1. De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding, - de akte in het geding brengen producties, - de incidentele conclusie tot onbevoegdverklaring, - de incidentele conclusie van antwoord. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident. 2. Het geschil en de beoordeling in het incident 2.1. Winters c.s. vordert in de hoofdzaak hoofdelijke veroordeling van Krones c.s. tot betaling van een bedrag van EUR 843.823,90, vermeerderd met rente en kosten. Winters c.s. legt daaraan – kort gezegd – het volgende ten grondslag. Winters c.s. heeft van Krones c.s. een verpakkingsmachine gekocht, welke machine door Krones c.s. op 23 februari 2006 is geleverd. Omdat de machine niet naar behoren functioneerde, heeft Winters c.s. bij brief van 22 augustus 2006 een termijn gesteld om de machine deugdelijk te laten functioneren. Omdat de machine daarna nog steeds niet naar behoren functioneerde, heeft Winters c.s. de overeenkomst ontbonden. Volgens Winters c.s. heeft Krones c.s. bij brief van 15 september 2006 ingestemd met de ontbinding. Krones c.s. heeft de machine teruggenomen en het reeds door Winters c.s. betaalde deel van de koopsom gerestitueerd. Winters c.s. vordert thans vergoeding van de schade die zij heeft geleden als gevolg van de toerekenbare tekortkoming van Krones c.s. in de nakoming van de overeenkomst. 2.2. In het incident vordert Krones c.s. dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart. Winters c.s. voert gemotiveerd verweer. Op de stellingen van partijen zal hierna, voor zover van belang, worden ingegaan. 2.3. In het kader van de beoordeling van de bevoegdheid van deze rechtbank om kennis te nemen van het geschil in de hoofdzaak dient te worden uitgegaan van hetgeen Winters c.s., als eiseres in de hoofdzaak, omtrent de totstandkoming en de geldigheid van de overeenkomst heeft gesteld. Derhalve zal er in het incident van uit worden gegaan dat een overeenkomst tot stand is gekomen tussen Winters c.s. en Krones c.s. De rechtbank gaat voorbij aan het betoog van Krones c.s. dat de rechtbank in ieder geval niet bevoegd is om kennis te nemen van het geschil waar het gedaagden in de hoofdzaak sub 1 en sub 3 betreft, omdat zij geen partij bij de overeenkomst zouden zijn. Dit betreft niet een kwestie van bevoegdheid, maar een verweer ten gronde ter zake het gevorderde in de hoofdzaak. Zulks dient in de hoofdzaak te worden beoordeeld. 2.4. De rechtsmacht van de Nederlandse rechter dient in het onderhavige geval te worden gevonden in de EEX-Verordening (EEX-Vo). Winters c.s. baseert de bevoegdheid van de rechtbank op artikel 5 onder 1 sub a en b EEX-Vo. Daarin is bepaald dat naast de rechter van het land van gedaagde volgens artikel 2 EEX-Vo, bij een koopovereenkomst van roerende zaken, zoals de onderhavige tussen Winters c.s. en Krones c.s., tevens bevoegd is de rechter van de plaats waar de goederen geleverd werden. Dat is in het onderhavige geval Maarheeze, zodat de rechtbank volgens Winters c.s. bevoegd is kennis te nemen van de door haar ingestelde vordering. 2.5. Volgens Krones c.s. zijn partijen forumkeuze als bedoeld in artikel 23 onder 1 sub a EEX-Vo overeengekomen. Op grond daarvan is de rechtbank te Dendermonde, derhalve de Belgische rechter, aangewezen als de bij uitsluiting bevoegde rechter. 2.6. De rechtbank overweegt dat aangezien artikel 23 EEX-Vo derogeert aan artikel 5 EEX-Vo (en ook aan de hoofdregel van artikel 2 EEX-Vo), eerst onderzocht moet worden of er sprake is van forumkeuze, zoals Krones c.s. stelt. Op grond van artikel 23 onder 1 EEX-Vo wordt een overeenkomst tot aanwijzing van een bevoegd gerecht gesloten (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.