RECHTBANK 's-HERTOGENBOSCH Sector Kanton, locatie 's-Hertogenbosch Zaaknummer : 689093 Rolnummer : CV EXPL 10-3830 Uitspraak : 2 december 2010 in de zaak van: 1. De commanditaire vennootschap Rietvelden I CV 2. Certitudo Offices BV, beide gevestigd te Eindhoven, eiseressen in conventie, verweersters in reconventie, gemachtigde: mr N. de Bruijn t e g e n : 1. P.C.M. Clous Mode BV, 2. Clous Mode Den Bosch BV, beide gevestigd te ‚s Hertogenbosch gedaagden in conventie, eiseressen in reconventie, gemachtigde: mr P.H.W. Pennings Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Rietvelden I CV, Certitudo, samen ook als 'verhuurders' enerzijds en P.C.M. Clous Mode en Clous Mode Den Bosch, samen ook als 'huurders' anderzijds. De procedure 1.1. Verhuurders hebben bij dagvaarding gevorderd: I. Dat de kantonrechter zal verklaren voor recht dat huurders de huurovereenkomst met Rietvelden I CV met betrekking tot het bedrijfspand gelegen aan de Rietveldenweg 47 H te 's-Hertogenbosch, kadastraal bekend gemeente 's-Hertogenbosch, sectie F, nummer 2330 (gedeeltelijk), bestaande uit circa 205 m² bedrijfsruimte, circa 62 m² kantoorruimte op de begane grond, alsmede circa 67 m² kantoorruimte op de eerste verdieping, onterecht buitengerechtelijk hebben ontbonden, primair op grond dat niet aan de eisen van ontbinding op de voet van artikel 7:210 BW en/of 6:265 BW jo 6: 267 BW is voldaan en subsidiair op grond dat het huurders niet vrijstond op de voet van artikel 6:248 lid 2 BW om de huurovereenkomst buitengerechtelijk te ontbinden omdat dit mede gelet op de bepalingen van de koopovereenkomst d.d. 11 april 2005 naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is; II. De huurovereenkomst d.d. 11 maart 2005 tussen partijen te ontbinden op grond van een toerekenbare tekortkoming van huurders en huurders te veroordelen om binnen drie dagen na betekening van het te wijzen vonnis het hiervoor omschreven gehuurde geheel leeg en ontruimd ter beschikking van verhuurders te stellen en met de hunnen en al het hunne het gehuurde te verlaten en te ontruimen en ontruimd te houden, een en ander op verbeurte van een dwangsom van € 1000 voor iedere dag of gedeelte daarvan dat huurders in gebreke blijven aan het vonnis te voldoen, althans een zodanige veroordeling als de kantonrechter juist oordeelt; III. Huurders hoofdelijk, des dat de een betalende, de ander zal zijn bevrijd, te veroordelen aan Rietvelden ten titel van openstaande huurpenningen (vanaf 1 februari 2010 tot en met 30 juni 2010) tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 21.593,74 (inclusief BTW en voorschotten servicekosten), alsmede een bedrag van € 776,87 ter zake de contractuele boete van 2% per maand tot en met 30 juni 2010, in totaal zijnde € 22.370,61, te vermeerderen met de contractuele boete van 2% per maand over € 22.370,61 vanaf 1 april 2010 tot aan de dag der algehele voldoening en voorts vermeerderd met de wettelijke rente over het bedrag van € 776,87 vanaf de datum van de dagvaarding, 19 april 2010, tot aan de dag der algehele voldoening; IV. Huurders hoofdelijk, des dat de een betalende, de ander zal zijn bevrijd, te veroordelen aan Rietvelden te betalen ter zake huurpenningen vanaf 1 juli 2010 tot en met de datum van ontbinding van de huurovereenkomst, een bedrag van € 12.988,96 per kwartaal vooruit (zijnde € 4.329,64 per maand), te vermeerderen met de contractuele boete van 2% per maand vanaf de respectievelijke vervaldata tot en met de dag der algehele voldoening; V. Huurders hoofdelijk, des dat de een betalende, de ander zal zijn bevrijd, te veroordelen aan Rietvelden te betalen een gebruiksvergoeding van € 4.329,64 per maand vanaf de datum van ontbinding van de huurovereenkomst tot en met de datum van algehele ontruiming van het gehuurde, een en ander te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf de respectievelijke vervaldata tot en met de dag der algehele voldoening; VI. Huurders hoofdelijk, des dat de een betalende, de ander zijn bevrijd, te veroordelen tot betaling van een schadevergoeding aan Rietvelden I CV die de kantonrechter meent te behoren toe te wijzen, althans tot betaling van een schadevergoeding aan Rietvelden I CV, nader op te maken bij staat en te vereffenen bij de wet, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf de dag der dagvaarding, respectievelijk vanaf de dagen waarop de verschillende schadecomponenten zijn ontstaan, tot aan de dag der algehele voldoening; VII. Huurders hoofdelijk, des dat de een betalende, de ander zijn bevrijd, te veroordelen tot voldoening aan Rietvelden I CV van de buitengerechtelijke kosten, te begroten ingevolge rapport voorwerk op € 1500,-, vermeerderd met de wettelijke rente ex artikel 6:119a BW over deze kosten vanaf de 15e dag na de dag van de uitspraak; VIII. Huurders hoofdelijk te veroordelen in de kosten van deze procedure, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over deze proceskosten vanaf de 15e dag na de uitspraak. 1.2. Huurders hebben een conclusie van antwoord genomen, waarbij zij verweer hebben gevoerd en een eis in reconventie hebben ingesteld. Deze luidt als volgt: 1. dat de kantonrechter zal verklaren voor recht dat de huurovereenkomst tussen verhuurders en huurders inzake Rietvelden weg unit 47 H te 's-Hertogenbosch per 20 oktober 2009 is ontbonden; 2. Verhuurders te veroordelen om binnen vijf dagen na betekening van het vonnis aan ABN Amro Bank N.V. te Eindhoven de originele huurgarantie met nummer 114.57.35.654 toe te sturen met de mededeling dat verhuurders geen aanspraak maken of zullen maken op voornoemde huurgarantie en dat voornoemde bank uit haar verplichtingen jegens verhuurders uit bedoelde huurgarantie is ontslagen; 3. Verhuurders te veroordelen om aan huurders te betalen een dwangsom van € 5000,- per dag of gedeelte van een dag dat verhuurders niet aan voornoemde veroordeling onder 2 voldoen, zulks tot een maximum van € 13.000; 4. met veroordeling van verhuurders in de proceskosten in reconventie. 1.3. Hierna is een comparitie van partijen gelast. Deze heeft plaats gevonden op 21 september 2010. Zijdens huurders is daarbij een schriftelijke pleitnota door haar gemachtigde overgelegd. Daarna is vonnis bepaald. Het geschil in conventie en in reconventie en de beoordeling ervan 2. In rechte kan, als enerzijds gesteld, en anderzijds niet, dan wel onvoldoende gemotiveerd weersproken, van de navolgende feiten worden uitgegaan. 2.1. De heer en mevrouw Clous - van der Meijden hebben een aantal bedrijfspanden met ondergrond, gelegen aan de Rietveldenweg nummers 47 en 47 A, 47 B, 47 D, 47 E, 47 F, 47 G, 47 H en 47 K, alsmede daarbij behorend onbebouwd terrein, op 11 april 2005 verkocht aan Elzent Property BV dan wel door laatstgenoemde aan te wijzen nadere meester. Rietvelden I CV is als nader te noemen meester aangewezen door Elzent Properties BV. De levering van het onroerend goed heeft plaatsgevonden aan Elzent Beleggingen I BV, in haar hoedanigheid van beherend vennoot van Rietvelden I BV. Elzent Beleggingen I BV heeft haar naam gewijzigd in Certitudo Offices BV, eiseres sub 2. In de koopovereenkomst is bepaald dat er ten behoeve van de huurder van het bedrijfspand met nummer 47 H, zijnde P.C.M. Clous Mode BV, een nieuwe huurovereenkomst zou worden opgesteld met een aanvangshuurprijs van € 40.000,- per jaar. ex btw en servicekosten. Per 1 maart 2005 is een nieuwe huurovereenkomst opgesteld met een duur van 7 jaar, lopend derhalve tot 1 maart 2012, tussen P.C.M. Clous Mode BV en Elzent Beleggingen BV. Partijen zijn het erover eens dat Rietvelden I CV heeft te gelden als verhuurster. Clous Mode Den Bosch BV heeft zich jegens Rietvelden hoofdelijk met P.C.M. Clous Mode BV verbonden en garant gesteld voor de nakoming van alle uit de huurovereenkomst voortvloeiende verplichtingen van laatstgenoemde. De huurovereenkomst is op 7 september 2009 opgezegd tegen 1 maart 2012. 2.2. In de huurovereenkomst is bepaald dat onderverhuur slechts is toegestaan na verkregen schriftelijke toestemming van verhuurder. Verhuurder heeft geen schriftelijke toestemming tot onderverhuur gegeven. Het gehuurde bedrijfspand nummer 47 H is door huurders vanaf januari 2007 onderverhuurd. Vanaf 11 januari 2009 is er onderverhuurd aan Van Uden Schilderwerken BV. De huurprijs die door Van Uden Schilderwerken wordt betaald is lager dan de huur die door P.C.M. Clous Mode BV aan Rietvelden I C.V. wordt voldaan. De naam van Van Uden Schilderwerken is gewijzigd in Procoat BV. Dit bedrijf is gefailleerd. Volgens een schrijven van makelaarskantoor DTZ Zadelhoff is de huurprijs van een vergelijkbare unit in hetzelfde bedrijfspand, nummer 47 F, € 18.000 per jaar. 2.3. Op 26 september 2009 heeft in het bedrijfsgebouw een brand gewoed. De ruimte die aan P.C.M. Clous Mode was verhuurd, en door deze was onderverhuurd aan Procoat BV, was is hierdoor verontreinigd. Bij brieven van 29 september 2009 en 2 oktober 2009 hebben huurders om informatie gevraagd aan de beheerder van verhuurders van het pand, onder meer over de vraag of er opdracht kon worden gegeven om te starten met schoonmaakwerkzaamheden. Verhuurders hebben op 3 oktober 2009 een bijeenkomst belegd met de huurders van de diverse bedrijfsunits van het gebouw, waarbij informatie is gegeven over het herstel van het gebouw. Daarbij is onder meer medegedeeld: - dat het gebouw zo snel mogelijk gebruiksklaar wordt gemaakt; - dat de huurpenningen vanaf de dag van de brand niet verschuldigd zijn; - dat het dak vervangen moet worden; - dat, mede vanwege de roetophoping, wandbeplating moet worden vervangen, deels nieuwe muren moeten worden gemetseld en - dat de staalconstructie deels moet worden vervangen. - dat verwacht wordt dat binnen maximaal 6 maanden het pand zal zijn hersteld. 2.4. Bij schrijven van 20 oktober 2009 hebben huurders de huurovereenkomst buitengerechtelijk ontbonden, nadat hun onderhuurder Procoat BV daartoe eveneens was overgegaan. Verhuurders hebben hiertegen bezwaar gemaakt. 2.5. Het bedrijfspand is geheel hersteld en voorzien van een nieuw dak. Volgens de verzekeraar die de brandschade heeft vergoed, wordt het pand per 1 februari 2010 geacht weer verhuurbaar te zijn. 3. Verhuurders doen hun vordering steunen op bovenstaande feiten, alsmede op het volgende. 3.1. Verhuurders stellen dat de verkopers van het pand, de heer en mevrouw Clous-Van der Meijden, de huurovereenkomst met betrekking tot de bedrijfsruimte genummerd 47H zijn aangegaan tegen een hogere huurprijs dan de marktprijs om op deze wijze een hogere, fiscaal onbelaste koopprijs voor het pand in privé te bedingen. Deze huurprijs van € 40.000 per jaar was twee keer zo hoog als de marktprijs van circa € 18.000 per jaar. De te hoge huur die huurders betaalden was bovendien fiscaal aftrekbaar. Doordat de jaarhuur met circa € 20.000 hoger lag dan de gebruikelijke huurprijs hebben de heer en mevrouw Clous- van der Meijden op deze wijze een bedrag van circa € 220.000 extra als koopprijs kunnen bedingen. 3.2. De huurovereenkomst met huurders loopt tot februari 2012, waarbij de huurverplichtingen in totaal, exclusief servicekosten (inclusief indexering) circa € 95.000 bedragen, te vermeerderen met BTW. Na de bijeenkomst van 3 oktober 2009, volgend op de brand, zijn per e-mail van 14 december 2009 (prod. 9 dagv.) door verhuurders twee voorstellen gedaan aan de heer Clous om tot een oplossing te komen, waarbij rekening is gehouden met de wens van de heer Clous om de onderhuur niet voort te zetten: Het eerste voorstel hield in het afkopen van de huursom per 31 december 2009 voor een vast te stellen bedrag onder ontbinding van de huurovereenkomst en de onderhuurovereenkomst. Het tweede voorstel hield in de doorbetaling van de maandbedragen verminderd met de huur van de onderhuurder, echter niet meer onder de titel van huurovereenkomst. Na een verzoek tot bemiddeling aan de heer Clous inzake het aangaan van een rechtstreeks contract met de onderhuurders, vernamen verhuurders op 27 januari 2010 van de gemachtigde van huurders het bericht dat de huurovereenkomst reeds bij schrijven van 20 oktober 2009 ontbonden was door een verklaring aan de beheerder van Rietvelden. 3.3. Primair voeren verhuurders aan dat huurders niet gerechtigd waren om de huurovereenkomst buitengerechtelijk te ontbinden. Buitengerechtelijke ontbinding op grond van artikel 7:210 BW is volgens verhuurders niet aan de orde. Er was sprake van een gebrek als gevolg van de brand dat Rietvelden I CV verplicht was te verhelpen. De schade aan het pand is door de verzekeraar vergoed en verhuurders hebben het pand hersteld. De brand heeft weliswaar de voorzijde van het pand dermate aangetast dat het genot tijdelijk onmogelijk was, de Unit nummer 47 H is echter niet geheel vergaan. Deze diende slechts opnieuw geschilderd te worden. Teneinde een langdurige schoonmaak te vermijden, is het dak verwijderd van het gehele pand en is een nieuw dak aangebracht. De onderhuurder van huurders heeft zijn werkzaamheden en activiteiten kunnen voortzetten. Daartoe is vervangende ruimte door Rietvelden I CV ter beschikking gesteld. Dit blijkt volgens verhuurders uit een e-mail van 10 februari 2010, overgelegd als productie 11 bij dagvaarding. Het gehuurde was in januari 2010 volledig gebruiksklaar. Ontbinding van de overeenkomst op grond van de artikelen 6:265 en 6:267 BW kan niet buitengerechtelijk gebeuren omdat er geen sprake is van een aan verhuurders toerekenbare tekortkoming. Op de huurovereenkomst zijn van toepassing de algemene bepalingen ROZ model 2003. Ingevolge artikel 11 lid 6 van deze bepalingen is het beroep op ontbinding en huurprijsvermindering expliciet uitgesloten. 3.4. Subsidiair achten verhuurders de ontbinding van de overeenkomst naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar omdat huurders door de ontbinding van de huurovereenkomst onder de verplichting van de hogere huurbetaling trachten uit te komen, terwijl de heer en mevrouw Clous- van der Meijden die hogere huuropbrengst wel contant hebben gemaakt middels het ontvangen van een hogere verkoopprijs. 3.5. Verhuurders stellen zich op het standpunt dat de huurders toerekenbaar tekort zijn geschoten in de nakoming van de huurovereenkomst met verhuurders. Verhuurders vorderen de huurpenningen met ingang van 1 februari 2010 omdat de verzekeraar van Rietvelden I CV het gehuurde per die datum als opgeleverd beschouwt en geen uitkering meer doet ter vergoeding van de huurderving. De huur van februari 2010 bedraagt € 4288,60 ( inclusief BTW en servicekosten). Vanaf 1 maart 2010 is de huur geïndexeerd met 2% en bedraagt deze € 4329,64 per maand. Tot en met 30 juni 2010 zijn huurders aldus € 21.593,74 ( inclusief BTW en servicekosten) verschuldigd. Verhuurders maken voorts aanspraak op de contractuele boetes van 2% zoals omschreven in het petitum. Over de periode 1 februari 2010 tot en met 30 juni 2010 bedraagt de vervallen boete € 776,84, zodat de schuld van huurders per 30 juni 2010 € 22.370,61 bedraagt. De gevorderde schadevergoeding op te maken bij staat heeft betrekking op het verschil tussen de huurpenningen die een andere huurder zal betalen aan Rietvelden en de met verhuurders overeengekomen (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.