← Nederland

ECLI:NL:RBSHE:2012:BV9689

RECHTBANK 's-HERTOGENBOSCH Sector Kanton, lokatie 's-Hertogenbosch Zaaknummer : 792585 Rolnummer : 11-10575 Uitspraak : 15 maart 2012 in de zaak van: de stichting Stichting Zayaz, gevestigd te 's-Hertogenbosch, eiseres, gemachtigde: N.A. Hofman, gerechtsdeurwaarder te 's-Hertogenbosch, t e g e n : [Gedaagde], wonende te [woonplaats], gedaagde, procederende in persoon, [Bewindvoerder], kantoorhoudende te [woonplaats], bewindvoerder van [gedaagde], niet verschenen, heeft de kantonrechter te 's-Hertogenbosch het navolgende vonnis gewezen.

  1. De procedure Eiseres heeft bij dagvaarding gesteld en gevorderd als na te melden. Gedaagde heeft in persoon mondeling geantwoord. Vervolgens is een comparitie van partijen bepaald. De comparitie van partijen is gehouden op 9 januari
  2. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van het verhandelde. Na de comparitie van partijen heeft eiseres de bewindvoerder bij exploit opgeroepen. De bewindvoerder is niet verschenen. Vervolgens is vonnis bepaald op heden.
  3. Het geschil 2.
  4. Eiseres heeft de ontbinding van de huurovereenkomst tussen partijen gevorderd met betrekking tot de woonruimte gelegen te 's-Hertogenbosch aan de Boschveldweg 337, met veroordeling van gedaagde het gehuurde binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis te ontruimen, een en ander zoals nader in de dagvaarding omschreven. Daarnaast vordert eiseres veroordeling van gedaagde tot betaling van € 945,78 aan achterstallige huur alsmede € 259,04 voor elke maand na de maand oktober 2011 dat gedaagde voormeld perceel in het bezit zal houden, vermeerderd met rente en kosten 2.
  5. Eiseres heeft daartoe gesteld dat gedaagde van haar een woning in huur heeft, gelegen aan de Boschveldweg 337 te 's-Hertogenbosch tegen een huurprijs van (laatstelijk) € 259,04 per maand. Gedaagde is toerekenbaar tekortgeschoten in de nakoming van haar verbintenis door de bij vooruitbetaling verschuldigde huur tot en met de maand oktober 2011 voor een bedrag van in totaal € 945,78 (inclusief wettelijke rente en incassokoste) onbetaald te laten ondanks sommatie en aanmaning. 2.
  6. Gedaagde heeft gesteld dat zij de huurachterstand erkent. Sinds oktober 2011 staat zij onder bewind bij KBI Bewindvoering in Odijk. Haar bewindvoerder heeft de schuldeisers aangeschreven.
  7. De beoordeling 3.1.Tijdens de procedure is naar voren gekomen dat alle goederen die gedaagde toebehoren of zullen toebehoren, onder bewind zijn gesteld met benoeming van KBI Bewindvoering als bewindvoerder. De onderhavige vordering heeft betrekking op zaken die behartigd moeten worden door de bewindvoerder. Op grond van artikel 1:441 BW vertegenwoordigt de bewindvoerder bij de vervulling van zijn taak de rechthebbende in en buiten rechte en treedt deze op eigen naam en voor rekening van gedaagde op als formele procespartij. Hoewel behoorlijk opgeroepen bij exploot, is de bewindvoerder niet verschenen in deze procedure. Daarom wordt tegen gedaagde verstek verleend. 3.
  8. De vordering van eiseres komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor behoudens het navolgende. 3.
  9. Eiseres heeft de door gedaagde gedane deelbetalingen op de voet van artikel 6:44 lid 1 BW eerst in mindering laten strekken op de gemaakte buitengerechtelijke kosten. Deze kosten zijn evenwel geen kosten van betaling maar redelijke kosten ter verkrijging van voldoening buiten rechte. Zij vallen daarom niet onder het bereik van de imputatieregeling van artikel 6:44 lid 1 BW. 3.
  10. Na aftrek van de deelbetalingen resteert een bedrag van € 588,78 aan achterstallige huur. De huurachterstand bedraagt dus geen volle drie maanden. De kantonrechter is daarom van oordeel dat de huurachterstand op dit moment niet is aan te merken als een zo ernstig tekort schieten dat dit de mede gevorderde ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde rechtvaardigt. Deze onderdelen zullen worden afgewezen. 3.
  11. Gedaagde zal, als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van de procedure.
  12. De beslissing De kantonrechter: veroordeelt gedaagde om tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te voldoen: een bedrag van € 945,78 ter zake huurachterstand tot en met de maand oktober 2011 en buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente over een bedrag van € 588,78 vanaf 21 oktober 2011 tot de dag der algehele voldoening; veroordeelt gedaagde in de kosten van het geding aan de zijde van eiseres gevallen en tot op heden begroot op € 97,81 wegens dagvaardingskosten, € 426,- wegens griffierecht en € 200,- wegens gemachtigdensalaris; verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; wijst af het meer of anders gevorderde. Aldus gewezen door mr. M.E. Bartels, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 maart 2012, in tegenwoordigheid van de griffier. Zaaknummer: 792585 blad 3 vonnis

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.