vonnis RECHTBANK UTRECHT Sector handels- en familierecht zaaknummer / rolnummer: 232992 / KG ZA 07-624 Vonnis in kort geding van 3 juli 2007 in de zaak van 1. de naamloze vennootschap BBA PERSONENVERVOER N.V., gevestigd te Breda, 2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid PERSONEELSVOORZIENING BRABANTS BUSVERVOER B.V., gevestigd te Breda, eiseressen, procureur mr. L.J. Böhmer, advocaat mr. S.A. Tan te Rotterdam, tegen de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid FNV BONDGENOTEN, gevestigd te Utrecht, gedaagde, advocaat mr. J.D.A. Domela Nieuwenhuis te Amsterdam. Partijen zullen hierna BBA personenvervoer c.s. en FNV Bondgenoten genoemd worden. 1. De procedure 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding, - de mondelinge behandeling, - de pleitnota van BBA personenvervoer c.s., - de pleitnota van FNV Bondgenoten. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 1.3. In verband met de spoedeisendheid van de zaak is op 3 juli 2007 vonnis gewezen. Het onderstaande vormt hiervan de nadere schriftelijke uitwerking. 2. De feiten 2.1. BBA Personenvervoer N.V. (hierna te noemen: "BBA") verzorgt in opdracht van lokale overheden, waaronder de Provincie Noord-Brabant, (openbaar) personenvervoer. In verband met de uitvoering van dat vervoer wordt gebruik gemaakt van personeel werkzaam in dienst van BBA en in dienst van Personeelsvoorziening Brabants Busvervoer B.V. (hierna te noemen: "PBB"). 2.2. In de loop van 2006 is aan BBA de concessie West- en Midden Brabant gegund voor een looptijd van acht jaar. 2.3. Het personenvervoer in dit concessiegebied wordt verzorgd door ongeveer zeshonderd chauffeurs, waarvan negentig procent is aangesloten bij een vakbond. FNV Bondgenoten vertegenwoordigt 70% van de bij een vakbond aangesloten chauffeurs. 2.4. Aan de in 2.2 genoemde gunning is overleg tussen BBA en haar Ondernemingsraad voorafgegaan. Onderdeel van dat overleg is een regeling geweest met betrekking tot enkele arbeidsvoorwaardelijke aspecten van de buschauffeurs in dienst van BBA en PBB (het zogenaamde 11-puntenplan). 2.5. Nadat de concessie aan BBA is gegund, is het concessiegebied voorzien van een eigen Ondernemingsraad, namelijk de Ondernemingsraad West en Midden Brabant (hierna te noemen: "OR WMB"). Deze ondernemingsraad heeft zich verzet tegen het 11-puntenplan. 2.6. Op 25 mei 2007 hebben de BBA en de OR WMB de door BBA Personenvervoer c.s. als productie 2 in het geding gebrachte overeenkomst gesloten. Bij deze overeenkomst is een bijlage gevoegd, waarin afspraken zijn neergelegd over het rooster. Deze bijlage wordt door partijen ook wel aangeduid als "het 14- puntenplan". 2.7. In de overeenkomst van 25 mei 2007 zijn afspraken gemaakt ten behoeve van werktijdenregelingen, vergoedingen en ouderenregeling. Met betrekking tot deze onderwerpen is – kort gezegd – afgesproken dat: - uiterlijk 1 oktober 2007, of zoveel eerder als mogelijk, partijen de werktijdregelingen (roosters) zullen toepassen volgens de uitgangspunten zoals verwoord in het 14-puntenplan; - chauffeurs die in enig kalenderjaar de leeftijd van 55 jaar bereiken de mogelijkheid hebben per datum van de eerstvolgende dienstregelingwijziging, doch uiterlijk 1 juni in het betreffende kalenderjaar, te kiezen voor een fulltime dienstlengte van gemiddeld 6,5 uur per dag, exclusief onbetaalde rust/pauzetijd. De ATV en ATV 50+ rechten vervallen hiermee, zodat de fulltime werkweek 32,5 uur gemiddeld bedraagt; - alle chauffeurs die volledig toewijsbaar zijn aan de concessie WMB een bijdrage aan de levensloopregeling van 5% van het pensioengevende inkomen zullen ontvangen; - als de productiviteitsverbetering hoger wordt dan de verwachte 11% aan alle chauffeurs een extra bonus wordt toegekend ter hoogte van de helft van de als direct gevolg hiervan gerealiseerde extra productiviteitsverbetering. Partijen hebben naast de hiervoor genoemde afspraken de afspraak gemaakt dat het aantal uit te besteden ritten én het aantal in te huren krachten zal worden beperkt tot maximaal 7,5% van de "grote bus"dienstregelinguren per kalenderjaar. 2.8. In het 14-puntenplan zijn, in afwijking van de roosterrichtlijnen opgenomen in het bestek voor de concessie West- en Midden Brabant, afspraken gemaakt over de volgende 14 punten: 1. Op- en afstaptijden 2. Afrekentijd 3. Onbetaalde Pauzes 4. Toepassing Pauzeregeling 5. Dienstlengte 6. Standplaats in relatie tot onbetaalde pauzes/rusttijden 7. Looptijden en afhandelingstijden 8. Materieel rit, overstaptijd 9. Halve ATV dagen 10. Diensten langer dan 8.30 uur 11. Dienstdefinities 12. Exploitatieve Reserve 13. Verslaapreserve en uitrek (reserve) 14. Keertijden. 2.9. Tussen Vereniging Werkgevers Openbaar Vervoer te Utrecht enerzijds en FNV Bondgenoten, CNV BedrijvenBond te Houten en De Unie te Culemborg anderzijds is de door BBA personenvervoer c.s. BBA personenvervoer c.s. in het geding gebrachte CAO Openbaar Vervoer 2005/2006 (hierna te noemen: "CAO OV 2005/2006") gesloten. BBA en FNV Bondgenoten zijn beide partij bij deze CAO. Artikel 19 van deze CAO luidt, voor zover van belang, als volgt: Artikel 19 (dienstregeling/dienstrooster/werktijdenregeling) 1. Veranderingen in de dienstregeling worden vooraf met de ondernemingsraad besproken. Bij aanvraag van goedkeuring van de dienstregeling of verandering daarvan zal melding worden gemaakt van het standpunt van de ondernemingsraad terzake. 2. Er wordt geen dienstrooster/werktijdregeling van kracht dan nadat de ondernemingsraad daarmee heeft ingestemd. (...) 2.10. Bij brief van 29 juni 2007 (productie 5 van BBA Personenvervoer c.s.) heeft FNV Bondgenoten het volgende aan Veolia Transport Nederland B.V. (BBA) geschreven: "In ons schrijven van 28 maart 2007 hebben wij aan u kenbaar gemaakt te vinden dat wij als FNV Bondgenoten partij zijn bij de voorgenomen reorganisatie en aanpassing van de bedrijfsregels (het z.g. 14-puntenplan). Onze bestuurder, [naam bestuurder], heeft dit op 15 mei jl. herhaald in een persoonlijk gesprek met de heer [naam]. Inmiddels is dit 14-puntenplan buiten ons om op 26 mei jl. vastgesteld. Het 14-puntenplan grijpt rechtstreeks in op de arbeidsvoorwaarden van onze leden en de omstandigheden waaronder zij hun werk verrichten. Met het plan wordt beoogd om de productiviteit te verhogen wat tot gevolg heeft dat het chauffeursbestand met ongeveer 100 fte wordt ingekrompen. Onze leden hebben aangegeven het absoluut niet eens zijn met de inhoud van het 14-puntenplan alsmede niet met de manier waarop het besluit tot stand is gekomen. In reactie op onze brief heeft u gesteld dat u van mening was dat wij geen partij zijn en dat u niet met ons wilde onderhandelen. Op geen enkele wijze bleek een inhoudelijk discussie met u mogelijk. Uiteindelijk heeft de provincie Noord-Brabant een gesprek tussen de verschillende partijen tot stand gebracht. Dit gesprek heeft op dinsdag 26 juni 2007 en woensdag 27 juni 2007 plaatsgevonden. In deze onderhandeling tussen de Provincie, Veolia/BBA Personenvervoer en de bonden hebben wij de eis geformuleerd dat Veolia/BBA Personenvervoer de invoering van het 14-puntenplan dient te bevriezen en de bonden in deze als relevante partij dient te erkennen die de belangen behartigt van de bij Veolia/BBA Personenvervoer werkzame leden van de bond. Uiteindelijk heeft u in dit gesprek definitief geweigerd op deze eisen in te gaan. Hiermee zijn wij in een patstelling geraakt en moesten wij concluderen dat wij uitonderhandeld zijn. Vervolgens hebben wij uw handelwijze en opstelling voorgelegd aan onze leden. De leden van FNV Bondgenoten zijn het absoluut niet eens met de gang van zaken en uw opstelling. Daarbij werd ons duidelijk dat de actiebereidheid onder onze leden groot is. Wij kunnen derhalve niet anders dan vaststellen dat, aangezien uw handelwijze en opstelling door onze leden is verworpen, thans een onoverbrugbaar verschil bestaat in wederzijdse standpunten. Gezien de ontstane situatie hebben wij besloten u een ultimatum te stellen. De eisen waarmee u alsnog akkoord dient te gaan zijn de volgende: - Erkennen dat FNV Bondgenoten namens de bij Veolia/BBA Personenvervoer werkzame leden van de bond partij is bij verdere onderhandelingen over inkrimping van het personeelsbestand, de wens om te komen tot verhoging van de productiviteit en het 14- puntenplan. - Het bevriezen van de invoering van het 14-puntenplan tot overeenstemming is bereikt met FNV Bondgenoten. Indien wij vóór zondag 1 juli 2007 17.00 uur van u geen schriftelijke reactie hebben ontvangen, waaruit blijkt dat u integraal akkoord gaat met de hiervoor geformuleerde eisen, dient u rekening te houden met de door ons uit te roepen en te organiseren acties, waaronder werkonderbrekingen en stakingen voor kortere of langere duur vanaf maandagochtend 2 juli a.s. aanvang diensttijd. 2.11. Bij brief van 29 juni 2007 heeft Veolia Transport (BBA) het volgende geantwoord: "Deze middag ontvingen wij uw ultimatum. Het feit dat naast CNV Bedrijvenbond ook FNV Bondgenoten sinds jaar en dag erkennen als partij bij de CAO doet er niet aan af dat bepaalde onderwerpen sinds jaar en dag niet met de vakbonden, maar met onze Ondernemingsraad worden besproken. Dit laatste is onder andere het geval met betrekking tot de roosterrichtlijnen. De standaard richtlijnen zijn in de loop van 2001 geïntroduceerd als overeenkomst tussen ons en onze Ondernemingsraad en niet valt in te zien waarom wij respectievelijk de Ondernemingsraad BMW niet bevoegd zouden zijn geweest om van de standaard afwijkende roosterrichtlijnen vast te stellen. Uw stelling dat wij niet bereid waren tot een inhoudelijke discussie is onjuist. We hebben u het voorstel gedaan om tezamen de rechter, of een eventueel een arbiter, te verzoeken om te oordelen over de rechtsgeldigheid van de overeenkomst van 25 mei jl. U hebt deze suggestie echter zonder verdere discussie van de hand gewezen, hetgeen wij als een gemiste kans ervaren, te meer omdat de vraag die ons verdeeld houdt, vooral een rechtsvraag is: is de Overeenkomst van 25 mei jl. gelet op de wijze van totstandkoming en/of haar inhoud al dan niet afdwingbaar. (...) Komt het tot acties, dan zij die onrechtmatig. Wij overwegen juridische stappen hieromtrent. Verder dringen wij er bij u op aan dat FNV Bondgenoten haar leden oproept om af te zien van acties. Komt het toch tot acties, dan zal de door ons te lijden schade op FNV Bondgenoten worden verhaald. (...)". 2.12. Op 2 juli 2007 is er de gehele dag gestaakt, waardoor het busvervoer in het tot de concessie behorende gebied stil is komen te liggen, dit met uitzondering van Waalwijk waarin nagenoeg normaal is gereden. Op 3 juli 2007 wordt er gedurende de spits gereden, zij het dan de kaartjes niet worden gecontroleerd. Concreet betekent dat dat er van 06.00 uur tot 0.900 uur en van 16.00 uur tot 19.00 uur wordt gereden. Tussen de spits door wordt er gestaakt. 3. Het geschil 3.1. BBA personenvervoer c.s. vordert dat bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad op alle dagen en uren FNV Bondgenoten wordt geboden haar leden op te roepen tot het beëindigen en beëindigd doen houden van de actie, dit op straffe van een dwangsom van EUR 500.000,00 en met veroordeling van FNV Bondgenoten in de proceskosten. 3.2. BBA personenvervoer c.s. baseert deze vordering op een onrechtmatige daad van FNV Bondgenoten. Volgens BBA personenvervoer c.s. zijn de door FNV Bondgenoten georganiseerde collectieve acties onrechtmatig omdat:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.