ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ9629
beschikking RECHTBANK UTRECHT Sector handels- en familierecht zaaknummer / rekestnummer: 274786 / FA RK 09-5791 verlenging termijn afstand gemeenschap van goederen Beschikking van 2 oktober 2009 in de zaak van [de vrouw], wonende te [woonplaats], verzoekster, tevens nader te noemen de vrouw, advocaat mr. E.A.T.M. Steverink betreffende de nalatenschap van: [de man], nader te noemen de man, met als belanghebbenden: [de zoon], wonende te [woonplaats], en [de dochter], wonende te [woonplaats].
De zaak is behandeld ter terechtzitting met gesloten deuren van 1 oktober 2009.
Ter onderbouwing van haar verzoek heeft zij gesteld dat de man op 4 juli 2009 is overleden en dat het saldo van zijn nalatenschap zeer waarschijnlijk negatief is. De erfgenamen – waaronder de vrouw – hebben de nalatenschap van de erflater beneficiair aanvaard.
De vrouw overweegt om afstand te doen van de huwelijksgoederengemeenschap. Er bestaat thans echter nog onduidelijkheid over de herkomst van de aanwezige schulden en over de vraag in hoeverre de vrouw tijdens huwelijk ook zelf aansprakelijk was voor schulden. Daarom verzoekt zij een verlenging van de wettelijke termijn van drie maanden om zich te beraden op het al dan niet indienen van een verzoek tot afstand. De huidige termijn loopt af op 4 oktober 2009.
De heer [naam] heeft ter zitting verklaard dat hij navraag heeft gedaan bij het Centraal Testamentenregister en dat hem medegedeeld is dat er geen testament bekend is, zodat aangenomen mag worden dat de man nimmer een testament heeft gemaakt.
De belanghebbenden zijn de hiervoor genoemde zoon en dochter uit een eerder huwelijk van de man. Zij hebben ter zitting verklaard in te stemmen met het verzoek tot verlenging van de termijn.
De rechtbank is van oordeel op basis van de verklaringen van de betrokkenen ter zitting het voldoende gebleken is dat de vrouw belang heeft bij een verlenging van de termijn om nader onderzoek te doen omtrent de diverse schulden en zich te beraden op een eventuele afstand van de gemeenschap van goederen. Het verzoek tot verlenging van de termijn is gebaseerd op de wet (artikel 1:106 Burgerlijk Wetboek). Het verzoek zal daarom worden toegewezen voor een periode van drie maanden.
Teneinde duidelijkheid te bieden aan schuldeisers, zal de rechtbank de onderhavige beschikking in laten schrijven in het huwelijksgoederenregister, zodat zij kennis zouden kunnen nemen van de onderhavige termijnverlenging.
Deze beschikking is gegeven door mr. E.A.A. van Kalveen, rechter, in tegenwoordigheid van mr. J.A. Bultena, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 2 oktober 2009.?