RECHTBANK ZUTPHEN Meervoudige wrakingskamer Rekestnummer: 124936 KG RK 11/557 Beslissing van 14 november 2011 van de meervoudige wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van: [verzoeker], wonende te [adres, plaats], verzoeker, strekkende tot wraking van: [rechter], rechter in deze rechtbank.
- Het verloop van de procedure Het verloop van de wrakingsprocedure blijkt uit: - het verzoekschrift tot wraking d.d. 6 september 2011, op 12 september 2011 ingekomen bij de griffie van deze rechtbank; - de schriftelijke reactie van [rechter] d.d. 15 september 2011; - de brief van [verzoeker] d.d. 24 september 2011; - het proces-verbaal van de behandeling van het wrakingsverzoek ter zitting van 31 oktober
- Het wrakingsverzoek Verzoeker heeft aan zijn wrakingsverzoek, voor zover relevant, het volgende ten grondslag gelegd. 2.
- Ter behandeling van de zaak met het zaaksnummer 10/1674 BESLU 216 heeft de rechter onvoldoende onderzoek verricht naar en/of onvoldoende kennis gehad van de Wet Inburgering
- De rechter heeft er ter zitting van 17 augustus 2011 blijk van gegeven geen volledig begrip te hebben verworven over de Wet Inburgering
- 2.
- Bij de behandeling van het wrakingsverzoek heeft verzoeker verder aangegeven dat hij niet de indruk had dat de rechter partijdig was.
- Standpunt van [rechter] [Rechter] heeft schriftelijk het verzoek tot wraking gemotiveerd weersproken. Op hetgeen hij heeft aangevoerd zal hierna, indien van belang, worden teruggekomen
- Ontvankelijkheid van het verzoek 4.
- Ingevolge artikel 8:15 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan op verzoek van een partij een rechter die een zaak behandelt, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. 4.
- Blijkens arresten van de Hoge Raad van 18 december 1998 (LJN: AD2977) en 2 november 2010 (LJN: BN2366) kan een wrakingsverzoek worden ingediend in elke stand van het geding, totdat een einduitspraak is gedaan. Dit uitgangspunt is eveneens opgenomen in artikel 4.
- van het wrakingsprotocol Rechtbank Zutphen. Wraking strekt er immers toe te voorkomen dat de door een verzoeker niet onpartijdig of vooringenomen geachte rechter over zijn zaak oordeelt en beslist. Als de betrokken rechter die de zaak heeft behandeld uitspraak heeft gedaan, dan kan die uitspraak door wraking niet meer worden voorkomen. 4.2.
- Het vorenstaande brengt met zich dat een wrakingsverzoek niet kan worden gedaan wanneer, zoals in het onderhavige geval, er een einduitspraak is gedaan. Dit leidt dan ook tot de slotsom dat het verzoek van verzoeker niet tijdig is ingediend. De wrakingskamer tekent daarbij aan dat een verzoek tot wraking niet tot gevolg kan hebben dat een voor betrokkene negatief blijkende einduitspraak (voorlopig) wordt opgeschort of teniet wordt gedaan. Het wrakingsmiddel biedt geen mogelijkheid om een voor betrokkene ongunstige beslissing ongedaan te maken, hiervoor staat in voorkomende gevallen de mogelijkheid van hoger beroep open. 4.2.
- Het voorgaande leidt ertoe dat verzoeker niet in zijn verzoek tot wraking van [rechter] kan worden ontvangen. Aan een inhoudelijke beoordeling van het verzoek komt de wrakingskamer derhalve niet toe. De wrakingskamer zal verzoeker dan ook niet-ontvankelijk verklaren in zijn verzoek tot wraking.
- Beslissing De rechtbank: 5.
- verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking van [rechter]. Deze beslissing is gegeven door mr. Van der Mei, voorzitter, mrs. Kleinrensink en Prisse, rechters, en in het openbaar uitgesproken op 14 november 2011 in aanwezigheid van mr. F.A. Demmers, griffier.