RECHTBANK ZUTPHEN Sector Straf Meervoudige kamer Parketnummer: 06/950551-10 en 06/850894-11 (gevoegd ttz.) Uitspraak d.d. 7 februari 2012 Tegenspraak / dip / dip / onip VONNIS in de zaak tegen: [verdachte], geboren te [plaats] (Nederlandse Antillen) op [1990], wonende te [plaats, adres]. Raadsman: mr. V.P.J. Tuma, advocaat te Amersfoort. Onderzoek van de zaak Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 7 juni 2011 en 24 januari 2012. Voeging meerdere dagvaardingen Ter terechtzitting heeft de rechtbank in het belang van het onderzoek de voeging bevolen van de bij afzonderlijke dagvaardingen onder de parketnummers 06/950551-10 en 06/850894-11 tegen verdachte aangebrachte zaken. De tenlastelegging Aan verdachte is ten laste gelegd dat: Ten aanzien van parketnummer 06/950551-10 1. hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 29 juli 2010 tot en met 02 augustus 2010 in de gemeente Doetinchem, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogemerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning aan de [adres 1] heeft weggenomen een televisie (merk: Panasonic) en/of een home cinema set (merk: Pioneer) en/of meerdere, althans één, laptop(
(6730b)Jolmer, adapter laptop, een Nokia mobiel 6300, een paspoort van [slachtoffer B], een Nokia N73.28 In het proces-verbaal van bevindingen is gerelateerd dat verbalisanten naar het adres [adres 2 in plaats] zijn gegaan. Verbalisanten zagen aan de achterzijde van de woning dat er een ruit was vernield en open stond. Zij zagen dat de deur ernaast was getracht te forceren door middel van het slot te verbreken. Het kozijn en de deur waren beschadigd. Op de plek waar de televisie zou moeten staan, lagen alleen nog kabeltjes. Alle slaapvertrekken en een kantoor waren overhoop gehaald. Er stonden op zolder dozen van elektronische apparatuur, waarvan de verbalisanten de serienummers hebben genoteerd.29 Blijkens het proces-verbaal van bevindingen zijn onder verdachte onder meer de volgende goederen in beslag genomen: een Gazelle damesfiets, een Acer extensa laptop, HP elitebook laptop, HP 6730b laptop, muis, et-33, muis, HP, zwarte computertas HP, afstandsbediening UPC. Onder medeverdachte [naam 1] is onder meer in beslag genomen een mobiele HTC telefoon, mobiele Nokia telefoon, mobiele rode Samsung telefoon, tas van het merk Eastpak en een flat screen televisie merk Samsung Syncmaster.30 Er is onderzoek verricht naar de historische lijst van verdachtes mobiele telefoon met nummer [06-nummer]. Daaruit komt naar voren dat er op 10 juni 2010 rond 19.36 uur drie keer is gebeld vanaf dit mobiele nummer naar het vaste telefoonnummer van [naam 16] op adres [adres 2 in plaats].31 Medeverdachte [naam 1] heeft op 9 oktober 2010 bij de politie verklaard dat hij bij de woninginbraak aan het [adres 2] te Doetinchem is geweest, maar dat hij alleen buiten heeft gestaan op de uitkijk. Twee personen hebben de inbraak gepleegd. Hij werd gebeld door iemand die vroeg of ik kwam chillen. Bij de skatebaan trof hij drie personen, één ervan is naar huis gegaan. Zij waren toen nog met z'n drieën. De andere twee besloten te gaan inbreken en ze vroegen aan hem of hij ook mee wilde doen. Hij zei toen dat hij wel meeging maar dat hij niet mee naar binnen zou gaan. Ze zeiden toen dat hij buiten moest wachten. Hij moest op de uitkijk gaan staan. Hij moest hen roepen als hij het niet vertrouwde. Hij was mee naar achteren gelopen. Het raam aan de achterkant werd ingegooid met een baksteen volgens hem. Hij heeft toen geholpen met het verwijderen van stukken glas uit het raam zodat ze naar binnen konden. Een van de jongens had een klein, zilverkleurig zaklampje bij zich. Hij heeft lang buiten moeten wachten, ongeveer twee uur. Daarna kwamen ze met spullen naar buiten. Een van de twee heeft de spullen verstopt. Hij zag een tas met een beeldscherm en zeker twee laptops. Zij waren samen naar de Esso gelopen. Daar hadden ze wat gegeten. Een van die jongens was naar huis gegaan. Hij liep met die andere jongen naar huis en toen werden zij opgepakt. Daarvoor had die jongen met wie hij was opgepakt de goederen weer gepakt, hij weet niet waar vandaan. De fiets waarop hij was gepakt, was van die jongen.32 In een latere verklaring heeft [naam 1] verklaard dat hij met [naam 17], verdachte en [naam 18] naar de Esso was gegaan. Toen verdachte met de spullen terugkwam, was [naam 1] met verdachte meegegaan. Verdachte had toen ook een fiets bij zich.33 De jongens met wie hij ging inbreken, wisten dat de bewoners niet thuis waren, dat hadden ze hem verteld. Er waren laptops, een computer beeldscherm en mobieltjes gestolen.34 Hij had twee laptoptassen gezien. In de tas zaten ook wat kleinere spullen. Dat waren stekkers en een aantal mobieltjes.35 Op de vraag wie niet bij de inbraak betrokken was, [naam 18], [verdachte] of [naam 17], antwoordt medeverdachte [naam 1] dat [naam 18] niet bij de inbraak was betrokken.36 Gelet op het vorenstaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder parketnummer 06/950551-10 onder 5 primair ten laste gelegde diefstal tezamen en in vereniging heeft gepleegd. Uit de weergegeven bewijsmiddelen blijkt dat verdachte en medeverdachte [naam 1] niet lang na de inbraak zijn aangehouden met de gestolen goederen uit de woning. Uit de verklaring van [naam 1] kan worden afgeleid dat verdachte betrokken was bij de woninginbraak. De verklaring van verdachte bij de politie en ter terechtzitting dat hij de goederen van ene [naam] had gekocht dan wel had geleend is niet geloofwaardig, zeker niet gelet op het tijdstip waarop dit zou hebben plaatsgevonden, te weten zeer vroeg in de ochtend. De rechtbank hecht evenmin geloof aan de verklaring van verdachte dat hij niet met zijn mobiele telefoon naar het vaste nummer van de familie [naam 16], maar dat hij zijn telefoon ook wel uitleent. Gelet op de omstandigheden als hiervoor beschreven is de rechtbank van oordeel dat verdachte met anderen de diefstal heeft gepleegd. Ten aanzien van parketnummer 06/850894-1137 De officier van justitie heeft vrijspraak bepleit van het onder parketnummer 06/850894-11 primair ten laste gelegde poging tot zware mishandeling. Uit het dossier is niet gebleken van de hele toedracht van het incident en het blijft onduidelijk hoe aangever aan het letsel is gekomen. Mede gelet op de verklaring van verdachte acht de officier van justitie wel bewezen de subsidiair ten laste gelegde mishandeling, nu verdachte heeft verklaard dat hij aangever tweemaal heeft geduwd, waardoor aangever op de grond is gevallen en daardoor pijn heeft ondervonden. De raadsman heeft vrijspraak bepleit van het onder parketnummer 06/850894-11 primair en subsidiair tenlastegelegde. Hij heeft daartoe aangevoerd dat in het dossier alleen een aangifte voorhanden is en geen ander bewijs dat de verklaring van aangever ondersteunt. De rechtbank overweegt hieromtrent het volgende. De lezing van aangever over de feiten is als volgt. Aangever heeft in zijn aangifte verklaard dat hij op maandag 14 maart 2011 om ongeveer 18.30 uur in de Veentjes te Doetinchem kwam aanrijden, een jongen wilde groeten en stopte midden op de parkeerplaats.38 Hij had het raam van zijn auto naar beneden gedaan en toen zag hij dat [naam 19] hem door het raam bij de keel pakte. [naam 19] zei heel dwingend tegen hem dat hij uit de auto moest stappen. Aangever liep met verdachte mee naar de zijkant van de C1000 omdat ze zouden praten. [naam 19] kwam aanrennen en toen draaide verdachte naar hem toe en sloeg hem hard en snel en achtereenvolgens met rechtervuist en linkervuist op zijn gezicht en hoofd. Verdachte bleef gewoon doorslaan. Ook [naam 19] sloeg hem hard op zijn gezicht. Aangever denkt dat hij bewusteloos is geraakt.39 Aangever lag in het ziekenhuis met een barst in zijn oogkas, kneuzingen aan gezicht en kaak, een hersenschudding en veel pijn in en aan zijn hoofd. Hij had ook gekneusde ribben.40 De lezing van verdachte over de feiten is een geheel andere en is als volgt. Verdachte heeft op 10 mei 2011 bij de politie verklaard dat hij op maandag 14 maart 2011, omstreeks 18.30 uur op de Veentjes in Doetinchem was. Aangever kwam met een auto aanrijden en hij stapte agressief uit de auto en zei dat zij moesten praten. Zij liepen samen naar de achterkant van de C1000 en aangever begon gek te doen. Aangever heeft verdachte twee keer geduwd en toen heeft verdachte hem een goede duw gegeven. Hij heeft hem met twee handen op zijn buik/borst geduwd. Aangever viel achterover op de grond op zijn rug maar was niet gewond, althans verdachte had geen bloed gezien. Aangever en hij waren alleen en niemand kon hen zien staan.41 Verdachte heeft deze verklaring ter terechtzitting bevestigd en herhaald, waaraan hij nog heeft toegevoegd dat hij en aangever daarna gezamenlijk terug liepen. Uit het voorgaande volgt dat de lezingen van verdachte en aangever niet geheel overeenkomen. In de lezing van verdachte is aangever gaan duwen en heeft hij teruggeduwd. In de lezing van aangever heeft verdachte hem met zijn vuist op zijn hoofd en gezicht geslagen. Aangever had van zijn broer vernomen dat verdachte nog heeft getrapt en geslagen toen hij al bewusteloos op de grond lag. Hoewel de omstandigheden, in het bijzonder de ernstige verwondingen van aangever, niet in het voordeel van verdachte spreken en het niet is uit te sluiten dat het is gegaan zoals aangever heeft verklaard, kan naar het oordeel van de rechtbank niet tot de ondubbelzinnige conclusie worden gekomen dat verdachte het primair tenlastegelegde heeft gepleegd. Het dossier bevat wel een verklaring van [naam 19] [naam 19] die heeft verklaard dat aangever met de auto vlak bij hem en verdachte stopte en dat hij hoorde dat aangever tegen verdachte zei: Vuile kutantilliaan. Verdachte en aangever liepen scheldend in de richting van een parkeerplaats. Aangever was agressief, aldus [naam 19]. Verder bevat het dossier enkel verklaringen van personen die aangever en verdachte samen hebben gezien, maar niet het incident hebben waargenomen. Geen van de verklaringen kan steun vinden voor het relaas van aangever, zodat deze niet het steunbewijs kunnen bieden dat nodig is om te komen tot een wettig en overtuigend bewijs van de onder parketnummer 06/850894-11 primair tenlastegelegde poging tot zware mishandeling. De verdachte zal hiervan dan ook worden vrijgesproken. De rechtbank acht, gelet op de aangifte en de verklaring van verdachte dat hij aangever een goeie duw heeft gegeven met twee handen op de buik of borst van verdachte waardoor deze achterover is gevallen, wel voldoende bewijs aanwezig voor het onder parketnummer 06/850894-11 onder subsidiair ten laste gelegde feit, te weten mishandeling. Het is immers een feit van algemene bekendheid dat men bij een duw als gevolg waarvan men op de grond valt, pijn ondervindt. Bewezenverklaring Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat: 2 subsidiair. hij in de periode van 23 augustus 2010 tot en met 07 september 2010 te Westendorp, gemeente Oude IJsselstreek, en/of gemeente Doetinchem, tezamen en in vereniging met een ander, een televisie (merk: Philips) heeft verworven, voorhanden heeft gehad en heeft overgedragen, terwijl hij en zijn mededader ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die televisie wisten dat het een door misdrijf verkregen goed betrof; 3. hij in de periode van 29 maart 2010 tot en met 28 september 2010 te Doetinchem, tezamen en in vereniging met anderen een kluis (met daarin documenten van de school [basisschool]) heeft verworven, voorhanden heeft gehad, terwijl hij en zijn mededader ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die kluis wisten dat het een door misdrijf verkregen goed betrof; 4. hij in de periode van 01 september 2010 tot en met 02 september 2010 te Doetinchem een scooter (Beta met kenteken [kenteken]) heeft verworven, voorhanden heeft gehad, terwijl hij en zijn mededader ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die scooter wisten, dat het een door misdrijf verkregen goed betrof; 5 primair. hij omstreeks 11 juni 2010 te Doetinchem tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning aan het [adres 2] heeft weggenomen een paspoort (van [slachtoffer B]) en laptop(
- s)en/of notebook(
- s)en laptoptassen en mobiele telefoons en een (dames)fiets (merk: Gazelle), en één of meer andere goed(eren), toebehorende aan de heer [slachtoffer C] en/of de overige gezinsleden van voornoemde heer [slachtoffer C], waarbij verdachte en zijn mededaders de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van braak; Ten aanzien van parketnummer 06/850894-11 subsidiair hij op 14 maart 2011 in de gemeente Doetinchem opzettelijk mishandelend [slachtoffer D] op/tegen de borst heeft geduwd (waardoor die [slachtoffer D] op de grond is gevallen), waardoor deze pijn heeft ondervonden. Taal- en/of schrijffouten Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Vrijspraak van het meer of anders ten laste gelegde Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. De verdachte behoort daarvan te worden vrijgesproken. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Het bewezenverklaarde levert op de misdrijven: Parketnummer 06/950551-10 Feit 2 subsidiair, en 3: Telkens Medeplegen van opzetheling Feit 4: Opzetheling; Feit 5 primair: Diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak; Parketnummer 06/9850894-11 Subsidiair: Mishandeling. Strafbaarheid van de verdachte Verdachte is strafbaar nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Oplegging van straf en/of maatregel De officier van justitie heeft ten aanzien van de onder 06/950551-10 onder 2 subsidiair, 3, 4 en 5 primair en het onder parketnummer 06/850894-11 onder 1 subsidiair ten laste gelegde feiten gevorderd verdachte te veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, met aftrek van de tijd die door verdachte in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, met een proeftijd van twee jaren. Bij de strafeis heeft de officier van justitie rekening gehouden met de ernst van de feiten, de omstandigheid dat verdachte onder meer op grote schaal heeft gehandeld in gestolen goederen, een woninginbraak heeft gepleegd en een mishandeling. De officier van justitie heeft voorts in het nadeel van de verdachte rekening gehouden met de omstandigheid dat hij geen verantwoordelijkheid voor zijn daden heeft genomen. Ten voordele heeft de officier van justitie rekening gehouden met het tijdsverloop. De raadsman heeft primair bepleit dat verdachte geen straf dient te worden opgelegd nu hij vrijspraak van de tenlastegelegde feiten heeft bepleit. Subsidiair heeft hij zich op het standpunt gesteld dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk aan de duur van het voorarrest kan worden opgelegd juist omdat het hier oudere feiten betreft. De raadsman heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank ten aanzien van de duur van een eventuele voorwaardelijke gevangenisstraf. De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een woninginbraak. Verdachte ging met meerdere mededaders te werk. Verdachte en zijn mededaders handelden puur uit financieel gewin. Dergelijke feiten brengen veel overlast en financiële schade mee voor aangevers. Daarnaast heeft verdachte zich in een korte periode schuldig gemaakt aan heling. Feiten als heling dragen ertoe bij dat andere criminaliteit zoals diefstal in stand blijft en het geeft een gevoel van onveiligheid. Ook heeft verdachte door zijn handelen bijgedragen aan het in stand houden van een afzetmarkt voor gestolen voorwerpen. Ten slotte heeft verdachte zich nog schuldig gemaakt aan mishandeling De rechtbank heeft voorts ten nadele van verdachte rekening gehouden met zijn proceshouding. Verdachte heeft geen openheid van zaken gegeven en hij heeft evenmin verantwoordelijkheid genomen voor zijn handelen. Bovendien heeft hij geen volledige medewerking verleend aan het onderzoek naar zijn persoon en/of zijn geestvermogens. Ten voordele houdt de rechtbank rekening met de omstandigheid dat verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke feiten en met het tijdsverloop. Gelet op de ernst van de bewezenverklaarde feiten acht de rechtbank uitsluitend een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend. De rechtbank komt tot de oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) maanden met aftrek van de tijd die door verdachte in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht. De rechtbank ziet geen aanleiding om een voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen, gelet op de hiervoor weergegeven proceshouding van verdachte. In beslag genomen voorwerpen Uit de kennisgeving van inbeslagneming van 16 november 2010 is gebleken dat op 28 september 2010 onder verdachte een witte Blackberry in beslag is genomen. Nu zich geen strafvorderlijk belang daartegen verzet, zal de teruggave worden gelast van de na te melden telefoon aan de veroordeelde. Vordering tot schadevergoeding Parketnummer 06/850894-11 De benadeelde partij [slachtoffer D] heeft zich met een vordering tot schadevergoeding ten bedrage van € 3.675,00 (€ 3.500,00 immateriële schade en € 175,00 materiële schade) gevoegd in het strafproces ten aanzien van het onder parketnummer 06/850894-11 tenlastegelegde. De officier van justitie heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering tot het bedrag van € 175,00 betreffende de materiële schadevergoeding. Ten aanzien van de immateriële schadevergoeding heeft zij verzocht om matiging. De raadsman heeft zich ter terechtzitting primair op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij niet-ontvankelijk dient te worden verklaard nu hij vrijspraak heeft bepleit van het onder parketnummer 06/850894-11 tenlastegelegde. Subsidiair heeft hij zich op het standpunt gesteld dat de vordering dient te worden afgewezen, omdat de vordering onvoldoende is onderbouwd. Naar het oordeel van de rechtbank is op grond van de gebezigde bewijsmiddelen en hetgeen verder ter terechtzitting met betrekking tot de vordering is gebleken, onvoldoende komen vast te staan dat er causaal verband bestaat tussen het bewezenverklaarde en het letsel van de benadeelde partij. Gelet op het voorgaande zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn vordering, nu de behandeling van de vordering naar het oordeel van de rechtbank een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. De benadeelde partij kan derhalve zijn vordering slechts aanbrengen bij de burgerlijke rechter. Toepasselijke wettelijke voorschriften Deze strafoplegging/beslissing is gegrond op de artikelen 10, 27, 47, 57, 310, 311 en 416 van het Wetboek van Strafrecht. Beslissing De rechtbank: * verklaart partieel nietig de dagvaarding onder parketnummer 06/950551 het onder 5 tenlastegelegde, voor zover het betreft het onderdeel "en/of elektronische apparatuur"; * verklaart niet bewezen, dat verdachte het parketnummer 06/950551-10 onder 1 primair en subsidiair, 2 primair, en 6 en onder parketnummer 06/850894-11 onder het primair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij; * verklaart bewezen dat verdachte het onder parketnummer 06/950551-10 onder 2 subsidiair, 3, 4 en 5 primair en onder parketnummer 06/850894-11 onder subsidiair tenlastegelegde heeft begaan; * verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij; * verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als: Parketnummer 06/950551-10 Feit 2 subsidiair, en 3: Telkens medeplegen van opzetheling Feit 4: Opzetheling; Feit 5 primair: Diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak; Parketnummer 06/850894-11 Subsidiair: Mishandeling. * verklaart verdachte strafbaar; * veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) maanden; * beveelt, dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; * gelast de teruggave van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven telefoon aan veroordeelde, te weten: een witte Blackberry (voorwerpnummer [nummer]); * verklaart de benadeelde partij [slachtoffer D] ten aanzien van het parketnummer 06/850894-11 niet-ontvankelijk in zijn vordering, met veroordeling van deze benadeelde partij in de proceskosten door verdachte gemaakt, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil; * heft op het -geschorste- bevel tot voorlopige hechtenis. Aldus gewezen door mrs. Heenk, voorzitter, Van Breda en Gilhuis, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Buitenhuis, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 7 februari 2012. Voetnoten: 1 Wanneer hierna verwezen wordt naar dossierpagina's, betreft dit delen van in de wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal, als bijlagen opgenomen bij (stam)proces-verbaal, nummer 2010051058, Regiopolitie Noord- en Oost Gelderland, district Achterhoek, gesloten en ondertekend op 18 januari 2011 door P. Teekman. 2 Proces-verbaal van aangifte door [secretaris], p. 275 en 276. 3 Schriftelijk bescheid, een factuur van [bedrijf van datum], p. 282. 4 Proces-verbaal van bevindingen van 7 september 2010, p. 290 en proces-verbaal van bevindingen van 8 september 2010, p. 292. 5 Proces-verbaal van medeverdachte [medeverdachte B], p. 286. 6 Proces-verbaal van bevindingen van 12 oktober 2010, p. 303 en 304. 7 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige A], p. 335. 8 Proces-verbaal van aangifte door [directeur], p. 503. 9 Proces-verbaal van aangifte door [directeur], p. 504 en 505. 10 Proces-verbaal van bevindingen, p. 491 en 498. 11 Proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 511. 12 Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer D], p. 617. 13 Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer D], p. 618. 14 Proces-verbaal van bevindingen van 3 oktober 2010, p. 623. 15 Proces-verbaal van bevindingen van 3 oktober 2010, p. 624. 16 Proces-verbaal van bevindingen van 3 oktober 2010, p. 626. 17 Proces-verbaal observeren donderdag 2 september 2010, p 663 en 664. 18 Proces-verbaal van verhoor van getuige [naam 11]], p. 684 en 685. 19 Proces-verbaal van verhoor van getuige [naam 11]], p. 685. 20 Proces-verbaal van verhoor van getuige [naam 11]], p. 686. 21 Proces-verbaal van verhoor van getuige [naam 12], p. 698. 22 Proces-verbaal van verhoor van getuige [naam 12], p. 699. 23 Proces-verbaal van bevindingen van 11 juni 2010, p. 723 en 724. 24 Proces-verbaal van bevindingen van 13 juni 2010, p. 716. 25 Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer C], p. 760 - 769 26 Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer C], p. 761. 27 Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer C], p. 762. 28 Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer C], een bijlage met de lijst van gestolen goederen, p. 765. 29 Proces-verbaal van bevindingen van 13 juni 2010, p. 704 en 705. 30 Proces-verbaal van bevindingen van 24 november 2010, p. 733. 31 Proces-verbaal van bevindingen van 27 augustus 2010, p. 807. 32 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [naam 1] p. 863. 33 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [naam 1] p. 882. 34 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [naam 1] p. 883. 35 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [naam 1] p. 883 en 884. 36 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [naam 1] p. 884. 37 Wanneer hierna verwezen wordt naar dossierpagina's, betreft dit delen van in de wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal, als bijlagen opgenomen bij (stam)proces-verbaal, nummer PL0641 2011034379-14, Regiopolitie Noord- en Oost Gelderland, district Achterhoek, gesloten en ondertekend op 13 mei 2011 door [verbalisant]. 38 Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer C], p. 12 en 13. 39 Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer C], p. 13. 40 Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer C], p. 14. 41 Proces-verbaal van verhoor van verdachte, p. 38 en 39.