← Nederland

ECLI:NL:RBZUT:2012:BW5706

RECHTBANK ZUTPHEN Sector Kanton – Locatie Apeldoorn Zaaknummer : 472541 / HA 12-8 Afschrift aan : mr. I.E. van Hassel en verweerder Verzonden d.d. : beschikking van de kantonrechter d.d. 27 februari 2012 inzake de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Detailresult Productie B.V., gevestigd te Velsen-Noord, verzoekster, gemachtigde: mr. I.E. van Hassel, tegen [verweerder], wonende te [plaats, adres], verweerder, procederende in persoon. Procesverloop - het ter griffie binnengekomen verzoekschrift d.d. 19 januari 2012; - de ter griffie binnengekomen exploot van dagvaarding d.d. 10 februari 2012; - de mondelinge behandeling ter terechtzitting d.d. 13 februari 2012; - de voortzetting van de mondelinge behandeling ter terechtzitting d.d. 20 februari 2012 Beoordeling

  1. Verweerder, die 22 jaar oud is, is op 3 maart 2008 in dienst getreden van de rechtsvoor- gangster van verzoekster als medewerker expeditie.
  2. Hij is op 30 december 2011 op staande voet ontslagen, omdat hij , aldus verzoekster, –ondanks herhaaldelijke waarschuwingen– hardnekkig weigerde aan redelijke instructies van verzoekster te voldoen en grovelijk de plichten heeft veronachtzaamd die de arbeidsovereenkomst en het toepasselijke bedrijfsreglement hem hebben opgelegd.
  3. Verzoekster vraagt thans voorwaardelijk ontbinding van de arbeidsovereenkomst.
  4. In het verzoekschrift heeft verzoekster gesteld dat het verzoek geen verband houdt met het bestaan van een opzegverbod. De kantonrechter heeft zich ervan vergewist of dit het geval is en is tot de conclusie gekomen dat dit verband wel degelijk bestaat.
  5. Immers aan verweerder wordt verweten dat hij vele malen gewaarschuwd is voor o.a. te laat komen en onder invloed van drugs en/of alcohol op het werk te komen. Verweerder is ook met medewerking van verzoekster opgenomen geweest. Bij verzoekster was bekend dat verweerder een terugval heeft gehad.
  6. Onder de gegeven omstandigheden staat vast dat verweerder verslaafd is aan alcohol en drugs, hetgeen aangemerkt moet worden als ziekte in de zin van het Burgerlijk Wetboek. Deze ziekte moet als de onderliggende oorzaak van de problemen worden gezien.
  7. De reflexwerking van het opzegverbod brengt met zich dat het verzoek moet worden afgewezen.
  8. Terzijde wordt opgemerkt dat voor zover verzoekster verwijst naar art. 7 van haar bedrijfsreglement, dit in de gegeven situatie geen doel lijkt te treffen. Dit artikel luidt: ‘Voor alle bedrijfsruimtes alsmede de directe omgeving van het pand, geldt dat het gebruiken van alcohol en drugs verboden is’. Verzoekster verwijt verweerder echter dat hij (te veel) alcohol heeft genuttigd alvorens het pand te betreden. Dat lijkt de kern van verweerders problematiek (die zoals hiervoor al overwogen ook drugsgerelateerd is) te raken.
  9. Voorts wordt opgemerkt dat uit de stukken niet blijkt van betrokkenheid van de bedrijfsarts bij de problematiek van verweerder. De kantonrechter ziet aanleiding de STECR werkwijzer verslaving en werk (www.stecr.nl) onder de aandacht van verzoekster te brengen.
  10. De kantonrechter onderkent en waardeert de positieve grondhouding van verzoekster maar moet constateren dat disciplinaire maatregelen geen adequate reacties zijn op het door ziekte veroorzaakte gedrag van verweerder.
  11. In de omstandigheden van het geval wordt aanleiding gevonden voor compensatie van proceskosten. Beslissing Het verzoek wordt afgewezen. Iedere partij blijft belast met de eigen proceskosten. Aldus gegeven door mr. D.J. Buijs, kantonrechter en uitgesproken ter openbare terechtzitting van maandag 27 februari 2012, in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.