vonnis RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Cluster II Handelszaken Middelburg zaaknummer / rolnummer: C/02/342034 / HA ZA 18-142 Vonnis van 16 oktober 2019 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid FIVENTE B.V., gevestigd te Amsterdam, eiseres, advocaat mr. B. Martens te Amsterdam, tegen de publiekrechtelijke rechtspersoon GEMEENTE BERGEN OP ZOOM, zetelend te Bergen op Zoom, gedaagde, advocaat mr. T.E. Hovius te Amsterdam. Partijen zullen hierna Fivente en de gemeente genoemd worden. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: het tussenvonnis van 13 maart 2019; de brief van 6 mei 2019 van mr. Kruitwagen aan de rechtbank met productie; de door Fivente genomen akte in geding brengen aanvullende producties, met producties; het proces-verbaal van de op 21 mei 2019 gehouden comparitie en de ter gelegenheid van de comparitie overgelegde spreekaantekeningen. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.1. De gemeente is eigenaar van een perceel grond gelegen aan de [adres] in Bergen op Zoom (hierna: het perceel). Op het perceel was tot eind 2013 een brandweerkazerne gevestigd. 2.2. De gemeente heeft het perceel te koop aangeboden ter ontwikkeling daarvan. Begin 2015 is zij in overleg getreden met Fivente die op het perceel een woon-zorgcomplex wilde realiseren. 2.3. Op 30 juli 2015 heeft Fivente een stedenbouwkundige visie voor het perceel aan de gemeente voorgelegd en een bod gedaan voor de verwerving van het perceel. 2.4. Op 7 december 2015 heeft de Welstand-Monumenten Commissie (WMC) een advies uitgebracht over de door Fivente aan de gemeente voorgelegde stedenbouwkundige visie. 2.5. Bij besluit van 15 december 2015 is het college van burgermeester en wethouders van de gemeente (hierna: het college) akkoord gegaan met de door Fivente geboden koopsom voor het perceel en heeft het college besloten medewerking te verlenen aan het wijzigen van het vigerende, door de gemeenteraad op 26 maart 2009 vastgestelde bestemmingsplan ‘Binnenstad’ (wijziging van de bestemming ‘maatschappelijk’ naar de bestemming ‘wonen’) om de door Fivente voorgestane ontwikkeling van het perceel mogelijk te maken. 2.6. Op 1 november 2016 hebben de gemeente en Fivente een samenwerkingsovereenkomst ondertekend. In die overeenkomst is onder meer het volgende vermeld: I ALGEMEEN Doel en definities: 1. Het doel van deze overeenkomst is om met behoud van ieders verantwoordelijkheid en met inachtneming van ieders taken en activiteiten, zoals beschreven in artikel 20 en 21 van deze overeenkomst, de voorwaarden waaronder de gemeente vanuit haar publiekrechtelijke taken en bevoegdheden haar medewerking zal verlenen aan de verdere ontwikkeling en realisatie van een woon-zorgcomplex, bestaand uit maximaal 35 reguliere appartementen en maximaal 30 zorgeenheden (intramuraal), en de bijbehorende boven- en ondergrondse infrastructurele werken in het plangebied door de ontwikkelaar Fivente en de wijze waarop Partners de planuitvoering onderling zullen afstemmen, vast te leggen.(…)4. Deze overeenkomst dient door middel van samenwerking de volgende resultaten op te leveren: de grondtransacties zoals aangegeven in bijlage 1; de vastlegging van een nieuw bestemmingsplan; het verkrijgen van een onherroepelijke omgevingsvergunning. (…)III BEPALINGEN REALISATIE Artikel 22 Activiteiten Gemeente (…)22.2 De Gemeente spant zich optimaal in om de noodzakelijk geachte planologische procedures zo adequaat mogelijk te voeren.22.3 Het conform Indicatieve planning beoordelen van de door of namens Fivente opgestelde plannen op DO-niveau (bouwplan voor Westersingel 50) op de volgende onderdelen:a. bestemmingsplan, ontwikkelplan, stedenbouwkundige uitgangspunten;(…)22.4 De Gemeente houdt bij nakoming van hetgeen in deze overeenkomst is bepaald volledig haar publiekrechtelijke verplichtingen ten aanzien van wettelijke procedures op basis van bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend, de Wet ruimtelijke ordening, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en de Wet Milieubeheer. Dit houdt in dat er van de zijde van de Gemeente geen sprake van wanprestatie zal zijn, indien het handelen naar deze verplichtingen eist, dat de Gemeente publiekrechtelijke handelingen verricht, die niet in het voordeel zijn van de aard of strekking van deze overeenkomst of de voortgang van de ontwikkeling en realisatie van het Plangebied.Artikel 23 Activiteiten Fivente23.1 Fivente zal onder eigen verantwoordelijkheid en voor eigen rekening en risico voor het Plangebied, het schetsontwerp uitwerken tot een voorlopig en definitief ontwerp (DO). Het DO wordt door Fivente aan de Gemeente voorgelegd. Het DO wordt opgesteld met inachtneming van o.a.:a. bestemmingsplan, ontwikkelplan, stedenbouwkundige uitgangspunten; b. de gemeentelijke parkeernormering c.(…) 23.2 Fivente zal onder eigen verantwoordelijkheid en voor eigen rekening en risico ten behoeve van het onder 13.1 genoemde bouwplan een ruimtelijke onderbouwing aanleveren voor de benodigde bestemmingsplan aanpassing ter plaatse van het Verkochte(…)Artikel 27 Benodigde procedures en vergunningen, risico’s 27.1 Voor het realiseren van het Plangebied is een wijziging van het vigerende bestemmingsplan vereist. De Gemeente zal zich optimaal inspannen voor het in gang zetten van of het voortgang maken bij de voor het Plangebied noodzakelijke planologische procedures/maatregelen en te verkrijgen vergunningen benodigd voor de realisatie van het Ontwikkelplan.27.2 Indien de in lid 1 en 2 van dit artikel bedoelde RO-procedures of omgevingsvergunningprocedures vertragingen optreden, bijvoorbeeld door onthouding van goedkeuring aan deze plannen of ten gevolge van bezwaar- en beroepsprocedures, zullen partij in onderling overleg trachten de plannen zodanig aan te passen dat de vereiste goedkeuring alsnog wordt verkregen. Fivente erkent hierbij dat de Gemeente in het kader van de uitvoering van deze overeenkomst vanuit haar publiekrechtelijke verantwoordelijkheid voor een goede ruimtelijke ordering en volkshuisvesting binnen haar territoir, de uiteindelijke beslissing houdt omtrent de aanvaardbaarheid van de door, vanwege en/of tezamen met Fivente c.q. met haar verbonden partijen vervaardigde plannen, ontwerpen en overige voorstellen betreffende de realisatie en inrichting van het herstructureringsgebied. De Gemeente zal zoveel als redelijkerwijze mogelijk is, rekening houden met de gerechtvaardigde belangen van Fivente en het bepaalde in lid 3 van dit artikel geldt onverkort.27.3 Het niet verlenen dan wel de niet-tijdige verlening van, respectievelijk het niet-tijdig onaantastbaar zijn, van de vereiste vergunningen geeft op zich geen van partijen het recht om de wederpartij aan te spreken tot vergoeding van enigerlei schade, kosten of interessen.(…) Artikel 32 Ontbinding van de overeenkomst (…)32.2 Partijen kunnen deze overeenkomst door middel van een aangetekende brief geheel of gedeeltelijk ontbinden (eenzijdig en zonder enige ingebrekestelling en zonder rechterlijke tussenkomst met inachtneming van een termijn van 1 maand):(…)d. ingeval de benodigde planologische maatregel en/of omgevingsvergunning ten behoeve van het bouwplan niet kan worden verleend of er zich andere omstandigheden voordoen die van invloed zijn op de realisering van het bouwplan; e. ingeval voldoende vast staat dat geen onherroepelijke omgevingsvergunning (voor de activiteit bouwen) kan worden verkregen voor het bouwplan, of voor een gedeelte daarvan; (…)h. ingeval op 31 december 2017 geen onherroepelijke omgevingsvergunning voor het Ontwikkelplan is afgegeven door de gemeente en het Verkochte niet notarieel is overgedragen aan Koper.(…) Artikel 36 Duur van de overeenkomst Deze overeenkomst treedt in werking na ondertekening en duurt voort totdat partijen aan alle verplichtingen uit hoofde van deze overeenkomst jegens elkaar hebben voldaan, zulks onverminderd het bepaalde in artikel 30 ter zake van de tussentijdse ontbinding van de overeenkomst, doch uiterlijk tot 31 december 2017, tenzij Partijen anders overeenkomen. (…)” 2.7. Op 15 december 2017 heeft het college een ‘ontwerp-postzegelbestemmingsplan’ (hierna: het ontwerpbestemmingsplan) met een ontwikkelingsschets ter ‘oordeelsvorming/peilen van gevoelens’ aan de gemeenteraad toegezonden. Het ontwerpbestemmingsplan is besproken in de raadscommissie Stad en Ruimte. 2.8. Op 26 januari 2017 heeft de gemeenteraad overwogen dat het in procedure brengen van het ontwerpbestemmingsplan op dat moment nog niet wenselijk was. Zij heeft het college opgedragen een beeldvormende avond te beleggen over het op 27 februari 2014 door de gemeente vastgestelde ontwikkelingsplan voor de buurt (Havenkwartier) waarin het perceel is gelegen (hierna: Ontwikkelingsplan Havenkwartier) en vervolgens een plan van aanpak op te stellen voor de verdere uitwerking van en invulling van het perceel en indien nodig voor herijking van de visie op de ontwikkeling van het Havenkwartier. Daarbij dienden de gemeenteraad, de omgeving en belanghebbenden te worden betrokken. Het besluit van de gemeenteraad wordt hierna in navolging van partijen aangeduid als Motie I. 2.9. Bij brief van 29 maart 2017 heeft het college de gemeenteraad geïnformeerd over de gehouden bijeenkomsten. In de brief is onder meer vermeld:“(…) Op basis van hetgeen is opgehaald tijdens de beide bijeenkomsten constateren wij dat het ontwikkelingsplan Havenkwartier als visiedocument nog steeds voldoet. Ook constateren wij dat het bebouwingsvoorstel zoals dat verbeeld is in het ontwerpbestemmingsplan in lijn is met het gedachtengoed van de visie en past in het gekozen maar nog uit te werken voorkeursmodel voor de Westersingel. Daarom stellen wij voor om één á twee uitwerkavonden te organiseren waarin we samen met de ontwikkelaar en architect de plannen verder vorm en inhoud gaan geven. (…)” 2.10. Op 22 juni 2017 heeft de gemeenteraad overwogen dat het onvoldoende duidelijk is of het ontwikkelplan Havenkwartier nog voldoende valide is om als basis voor toekomstige ontwikkelingen te kunnen dienen of dat de visie moet worden herijkt, dat onduidelijk is wat de consequentie kan zijn van de voorgenomen ontwikkeling locatie brandweerkazerne op het complete eindbeeld van de ontwikkeling van het Havenkwartier en dat het om die reden op dit moment nog niet wenselijk is om het ontwerpbestemmingsplan in procedure te brengen. De gemeenteraad heeft het college opgedragen om – kort gezegd – nader onderzoek te verrichten, geen besluiten te nemen die onomkeerbare ruimtelijke gevolgen hebben voor de ontwikkeling binnen het Havenkwartier en niet over te gaan tot vervreemding van gronden in die wijk. Zij heeft uitgesproken dat zij tot het moment waarop de resultaten van de onderzoeken in de gemeenteraad zullen worden behandeld, geen besluiten zal nemen die niet passen binnen het vigerende bestemmingsplan en onomkeerbare ruimtelijke gevolgen hebben die ontwikkelingen in het Havenkwartier en Westersingel voor toekomstige generaties blokkeren. Het besluit van de gemeenteraad wordt hierna aangeduid als Motie II. 2.11. Bij brief van 9 november 2017 heeft de gemeente Fivente meegedeeld dat de samenwerkingsovereenkomst op 31 december 2017 van rechtswege zal eindigen. In die brief deelt de gemeente verder mee dat zij de overeenkomst volledigheidshalve ook zal ontbinden op grond van artikel 32 sub h van die overeenkomst. 2.12. Bij besluit van 5 december 2017 heeft het college besloten om in lijn met Motie II geen medewerking te verlenen aan het verzoek van Fivente om met een wijzigingsverzoek op grond van het vigerende bestemmingsplan de ontwikkeling van het perceel alsnog mogelijk te maken. Fivente heeft tegen dit besluit bezwaar ingesteld. 3Het geschil 3.1. Fivente vordert – beknopt weergegeven – een verklaring voor recht dat de gemeente toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de samenwerkingsovereenkomst, althans onrechtmatig jegens Fivente heeft gehandeld, en veroordeling van de gemeente tot betaling van schadevergoeding op te maken bij staat, vermeerderd met kosten. 3.2. De gemeente voert verweer. 3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling 4.1. Fivente legt aan haar vordering primair ten grondslag dat de gemeente zich heeft verbonden tot het behalen van de in artikel 4 van de samenwerkingsovereenkomst genoemde resultaten en dat zij is tekortgeschoten in de nakoming van die resultaatsverbintenissen doordat het vigerende bestemmingsplan niet is gewijzigd en er geen onherroepelijke omgevingsvergunning is verleend. Daarnaast heeft de gemeente zich volgens Fivente onvoldoende ingespannen om de planologische procedures zo adequaat en voortvarend mogelijk te voeren (artikel 22.2 en 27.1 samenwerkingsovereenkomst) doordat zij
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.