RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Strafrecht Zittingsplaats: Breda parketnummer: 02/143712-21 vonnis van de meervoudige kamer van 19 april 2022 in de strafzaak tegen [verdachte] geboren op [geboortedag] 1985 te [geboorteplaats] wonende aan [adres] gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting te Grave raadsman mr. G.J. Woodrow, advocaat te Tilburg. 1Onderzoek van de zaak De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 5 april 2022, waarbij de officier van justitie, mr. M.S. Kikkert, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt. 2De tenlastelegging De tenlastelegging is gewijzigd overeenkomstig artikel 314a van het Wetboek van Strafvordering. De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte feit 1: samen met anderen 164 liter amfetamine(olie) heeft geproduceerd dan wel aanwezig heeft gehad; feit 2: samen met anderen voorbereidingshandelingen heeft getroffen voor de productie van amfetamine(olie); feit 3: samen met anderen een of twee jammers heeft gebruikt dan wel voorhanden heeft gehad. 3De voorvragen De dagvaarding is geldig. De rechtbank is bevoegd. De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. Er is geen reden voor schorsing van de vervolging. 4De beoordeling van het bewijs 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht de drie tenlastegelegde feiten wettig en overtuigend bewezen. Verdachte is gevlucht toen er op 1 juni 2021 in een loods in Werkendam een in werking zijnde amfetaminelaboratorium werd aangetroffen met goederen om meer amfetamine te produceren. Er zijn nog meer aanwijzingen dat verdachte betrokken was bij het lab en niet voor schoonmaakwerkzaamheden zoals verdachte stelt. Ook het medeplegen acht de officier van justitie bewezen. De officier van justitie ziet verdachte als een van de uitvoerders. 4.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging is van mening dat de rechtbank niet tot een bewezenverklaring kan komen en wijst er op dat een pleegperiode van slechts één dag ten laste is gelegd, dat 164 liter amfetamineolie niet op die ene dag kan zijn geproduceerd en dat de betrokkenheid van verdachte bij het lab niet uit het dossier blijkt. De verdediging acht ook onduidelijk waar de tenlastegelegde hoeveelheid van 164 liter op gebaseerd is. De alternatieve verklaring van verdachte, dat hij in de loods aanwezig was om schoon te maken, vindt volgens de verdediging steun in het dossier. 4.3 Het oordeel van de rechtbank 4.3.1 De bewijsmiddelen De bewijsmiddelen zijn in bijlage II aan dit vonnis gehecht. 4.3.2 De bijzondere overwegingen met betrekking tot het bewijs Aanleiding Naar aanleiding van een melding van een verstoring van het KPN-netwerk, is de politie op 1 juni 2021 een loods in Werkendam binnengetreden. Er werd een werkend amfetaminelaboratorium aangetroffen; de ketels waren nog warm. Van vloeistoffen in verschillende ketels en vaten zijn monsters genomen waarin amfetamine bleek te zitten. Door de Landelijke Faciliteit Ontmantelen (LFO) is vastgesteld dat er circa 164 liter amfetamineolie is aangetroffen. De rechtbank heeft vastgesteld dat in de verschillende monsters van de bij elkaar minstens 445 liter vloeistof, amfetamine is aangetroffen. Daarnaast zijn er verschillende chemicaliën en opstellingen gevonden die bij de productie van amfetamine worden gebruikt, waaronder 40 liter benzylmethylketon (BMK). Ook is in de loods een auto gevonden met hierin twee jammers, waarvan er een al sinds middernacht aanstond en het KPN-netwerk verstoorde. Verdachte is met ontbloot bovenlijf in de nabijheid van de loods aangehouden nadat hij uit de loods was weggerend, tezamen met medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2]. Zijn kleding en slippers roken naar amfetamine. Op verdachtes telefoon stond een filmpje van het amfetaminelab wat door verdachte gemaakt was op 28 mei 2021. Verklaring verdachte ten aanzien van zijn aanwezigheid in het lab Verdachte heeft verklaard dat hij die dag samen met medeverdachte [medeverdachte 1] in de loods aanwezig was om schoon te maken. Ze hadden een bedrijf opgericht en dit was hun eerste klant. Ze waren al een paar keer eerder in de loods geweest om dingen af te spreken, op te ruimen en schoon te maken. Ze hadden geen weet van het amfetaminelab in de loods welk ook niet zichtbaar was vanuit de ruimtes die zij moesten schoonmaken. Beoordeling geloofwaardigheid verklaring De rechtbank is van oordeel dat de verklaring van verdachte ten aanzien van het bedrijfsmatig schoonmaken in de loods ongeloofwaardig is. Dat verdachte in de loods schoonmaakwerkzaamheden heeft verricht zonder dat hiervoor duidelijke afspraken zijn gemaakt over de duur, frequentie en betaling, acht de rechtbank onaannemelijk. Verdachte heeft ook geen naam willen noemen van de derde oprichter van het bedrijf of de opdrachtgever. Veel blijft in nevelen gehuld. Verdachte kon niet vertellen hoe lang ze al in de loods waren op 1 juni 2021. Dat iemand met een werkend amfetaminelab in zijn loods een schoonmaakbedrijf zou inhuren, acht de rechtbank eveneens onaannemelijk. De loods ziet er op de foto’s in het dossier niet opgeruimd of schoon uit en als verdachte alleen schoonmaakte, had hij geen reden om uit de loods te vluchten voor de politie. Verdachtes verklaringen zijn al met al niet verifieerbaar, onvoldoende concreet en onaannemelijk. Daarnaast overweegt de rechtbank dat het amfetaminelab onmiskenbaar aanwezig was in de loods. De politie heeft beschreven dat de chemische lucht duidelijk waarneembaar was en deze geur is ook aangetroffen op de kleding en de slippers die verdachte droeg ten tijde van zijn aanhouding. Op een telefoon van verdachte is een filmpje aangetroffen van het amfetaminelab, gemaakt op 28 mei 2021. Verdachte heeft verklaard dat hij dit filmpje heeft gemaakt. Verdachtes stelling dat hij niet wist dat er in de loods een amfateminelab zat, is dan ook volstrekt ongeloofwaardig. Er was geen andere reden voor verdachte om in de loods te zijn dan voor het amfetaminelab. De rechtbank acht bewezen dat verdachte betrokken was bij het werkende amfetaminelab op 1 juni 2021 in Werkendam. Conclusie t.a.v. feit 1 Nu niet kan worden vastgesteld dat de aangetroffen (minstens) 164 liter amfetamine ook daadwerkelijk op de tenlastegelegde datum van 1 juni 2021 door verdachte is geproduceerd, spreekt de rechtbank hem vrij van het bereiden van deze hoeveelheid amfetamine. Er zijn immers ook aanwijzingen dat er meerdere mensen betrokken waren bij de productie van de deze amfetamine. Dat verdachte deze hoeveelheid amfetamine op 1 juni 2021 aanwezig heeft gehad, acht de rechtbank op basis van de bewijsmiddelen wél wettig en overtuigend bewezen. Conclusie t.a.v. feit 2 Gelet op de nog aanwezige chemicaliën en productieopstellingen en de warme ketels in de loods kan eveneens wettig en overtuigend worden bewezen dat verdachte voorbereidingshandelingen voor de productie van amfetamine heeft verricht. Medeplegen feiten 1 en 2 Ten aanzien van feit 1 en 2 stelt de rechtbank vast dat verdachte met medeverdachte [medeverdachte 1] is opgetrokken. Zij zijn samen meermalen naar de loods gegaan om werkzaamheden te verrichten en zij waren ook bevriend. Ten aanzien van medeverdachte [medeverdachte 2] stelt de rechtbank vast dat deze samen met verdachte en [medeverdachte 1] uit de loods is gevlucht toen de politie de loods binnenviel en dat zij zich daarna ook samen hebben verstopt tot het moment dat zij werden aangehouden. [medeverdachte 1] heeft daarnaast verklaard dat hij medeverdachte [medeverdachte 2] al eerder in de loods had gezien zodat kan worden aangenomen dat er sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking tussen de drie mannen in de loods. Zij waren alle drie vanwege dit lab in de loods aanwezig. T.a.v. feit 3 Er zijn twee jammers in de auto van medeverdachte [medeverdachte 1] aangetroffen. Eén jammer stond aan en lag voorin aan de accu en de andere jammer lag achter in de kofferbak. Zoals de rechtbank hiervoor heeft overwogen, ziet zij een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] in het gezamenlijk optrekken. De mannen zijn bevriend, hebben een bedrijf samen en hebben samen werkzaamheden in de loods verricht. Verdachte is ook met medeverdachte [medeverdachte 1] naar de loods is gekomen in de Seat Ibiza waarin de jammers zijn aangetroffen. De rechtbank acht dan ook wettig en overtuigend bewezen dat verdachte samen met [medeverdachte 1] één jammer heeft gebruikt en één jammer aanwezig heeft gehad. Er is geen aanwijzing in het dossier dat de andere medeverdachte bemoeienis heeft gehad met de jammers. 4.4 De bewezenverklaring De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte 1op 1 juni 2021 te Werkendam, gemeente Altena, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk aanwezig heeft gehad, ongeveer 164 liter amfetamineolie, zijnde een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I; 2op 1 juni 2021 te Werkendam, gemeente Altena, tezamen en in vereniging met anderen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk bereiden van één of meer hoeveelhe(i)d(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.