← Nederland

ECLI:NL:RBZWB:2022:7666

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Belastingrecht zaaknummer: BRE 22/3932 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 16 december 2022 in de zaak tussen [belanghebbende], uit [plaats], [land], belanghebbende en De heffingsambtenaar van de gemeente Tilburg, de heffingsambtenaar. Procesverloop Belanghebbende heeft tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 19 juli 2022, betreffende de naheffingsaanslag parkeerbelasting met aanslagnummer [aanslagnummer], beroep ingesteld. Omdat belanghebbende geen adres heeft opgegeven, is het door de heffingsambtenaar in de uitspraak op bezwaar gehanteerde adres aangemaakt als correspondentieadres. Overwegingen Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De rechtbank legt hierna uit waarom het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is. Iemand die beroep instelt, moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, van de Awb. In een zaak als deze is het griffierecht € 50,-. De griffier van de rechtbank stelt een termijn waarbinnen het griffierecht moet worden betaald. Het hele bedrag moet binnen die termijn zijn bijgeschreven op de rekening van de rechtbank of dan zijn betaald op de griffie van de rechtbank. Als het griffierecht niet of niet tijdig is betaald, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Dat is alleen anders als het niet of niet tijdig betalen van het griffierecht verontschuldigbaar is. De griffier heeft bij aangetekend verzonden brief van 11 september 2022 belanghebbende nogmaals in de gelegenheid gesteld het griffierecht te betalen binnen vier weken na dagtekening van die brief. Volgens ingewonnen informatie van PostNL is de brief afgeleverd op het gehanteerde adres. Belanghebbende heeft het griffierecht niet op tijd betaald. Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.J. Bastiaansen, rechter, in aanwezigheid van P. van der Hoeven, griffier, op 16 december 2022 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. griffier rechter Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.