RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Belastingrecht zaaknummer: BRE 22/5319 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 7 april 2023 in de zaak tussen [belanghebbende], uit [plaats], belanghebbende (gesteld gemachtigde: [gemachtigde]), en de inspecteur van de belastingdienst, de inspecteur. Procesverloop Namens belanghebbende wordt een beroepschrift ingediend betreffende een naheffingsaanslag omzetbelasting met aanslagnummer [aanslagnummer]. Overwegingen Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De rechtbank legt hierna uit waarom het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is. Iemand die beroep instelt, moet in het beroepschrift de gronden van het beroep vermelden. Dit staat in artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d, van de Awb. Dat houdt in: zeggen op welke specifieke punten hij of zij het niet eens is met het bestreden besluit. Ook moet iemand die namens een ander beroep instelt, op verzoek van de rechtbank een machtiging indienen om aan te tonen dat hij namens die ander beroep mag instellen. Dit staat in artikel 8:24, tweede lid, van de Awb. Als de gronden of de machtiging niet worden ingediend, kan de rechtbank het beroep op grond van artikel 6:6 van de Awb niet-ontvankelijk verklaren. Namens belanghebbende zijn geen beroepsgronden vermeld in het beroepschrift. Ook is bij het beroepschrift geen machtiging bijgevoegd waaruit blijkt dat [gemachtigde] gemachtigd is beroep in te stellen namens belanghebbende. De rechtbank heeft [gemachtigde] bij brief van 18 november 2022 verzocht om binnen vier weken deze verzuimen te herstellen. Dit verzoek is herhaald bij aangetekende brief van 20 december 2022 met een laatste termijn van twee weken na verzending van die brief. Deze brieven bevatten de waarschuwing dat indien het verzuim niet tijdig wordt hersteld, de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk kan verklaren. Volgens gegevens van Track&Trace van PostNL is de aangetekende brief afgeleverd op het door [gemachtigde] opgegeven adres. [gemachtigde] heeft binnen die termijn geen gronden ingediend en ook geen machtiging overgelegd. Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.J. Bastiaansen, rechter, in aanwezigheid van P. van der Hoeven, griffier, op 7 april 2023 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. griffier rechter Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.