← Nederland

ECLI:NL:RBZWB:2023:4180

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Cluster I Civiele kantonzaken Middelburg Zaaknummer: 10223460 \ CV EXPL 22-2976 herstelvonnis d.d. 7 juni 2023 inzake de naamloze vennootschap VGZ ZORGVERZEKERAAR N.V. BETREFFENDE BEWUZT , gevestigd te Arnhem, eisende partij, hierna te noemen: VGZ, gemachtigde: Inkassier Gerechtsdeurwaarders & Incasso, tegen [gedaagde01] , wonende te [woonplaats01] , gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde01] , procederend in persoon. 1 Het verloop van het geding De procesgang blijkt uit de volgende stukken: a. het vonnis van de kantonrechter te Middelburg van 29 maart 2023, met de daarin genoemde stukken; b. de brief van 13 april 2023 van de gemachtigde van VGZ; c. de brief van de griffier van 20 april 2023; d. de mondelinge toelichting ter zitting van 17 mei 2023 van [gedaagde01] . 2 Het geschil en de beoordeling 2.1 De gemachtigde van VGZ heeft bij brief van 13 april 2023 namens VGZ verzocht om herstel van voormeld vonnis. Hij heeft daartoe aangevoerd dat de proceskosten voor een te laag bedrag zijn toegewezen. 2.2 [gedaagde01] is bij brief van de griffier in de gelegenheid gesteld zich over het verzoek uit te laten. 2.3 [gedaagde01] heeft op de zitting van 17 mei 2023 aangevoerd dat hij niet kan en zal betalen. 2.4 De kantonrechter is van oordeel dat er sprake is van een kennelijke fout, die zich leent voor eenvoudig herstel zoals bedoeld in artikel 31 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Daarbij overweegt de kantonrechter dat er bij de vaststelling van de proceskosten uit is gegaan van een verkeerd (te laag) bedrag aan griffierecht. De kantonrechter zal deze fout herstellen. 2.5 Beslist wordt als volgt. 3 De beslissing De kantonrechter: bepaalt dat waar onder rechtsoverweging 2.7 van het vonnis van 29 maart 2023 staat: “Gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten. Tot aan dit vonnis worden de proceskosten aan de zijde van eiseres als volgt vastgesteld: - kosten van de dagvaarding € 129,74 - griffierecht € 80,00 - salaris gemachtigde € 160,00 (2 punten × € 80,00) totaal € 369,74” moet staan: “Gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten. Tot aan dit vonnis worden de proceskosten aan de zijde van eiseres als volgt vastgesteld: - kosten van de dagvaarding € 129,74 - griffierecht € 128,00 - salaris gemachtigde € 160,00 (2 punten × € 80,00) totaal € 417,74” bepaalt dat waar onder de beslissing van het vonnis van 29 maart 2023 staat: “veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiseres tot dit vonnis vastgesteld op € 369,74” moet staan: “veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiseres tot dit vonnis vastgesteld op € 417,74” bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 7 juni 2023 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 29 maart 2023; bepaalt dat de griffier dit vonnis hecht aan de minuut van het vonnis van 29 maart 2023 en van deze vonnissen als één geheel afschrift respectievelijk grosse verstrekt. Dit vonnis is gewezen door mr. Ponds en uitgesproken op 7 juni 2023.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.