uitspraak RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Wrakingskamer Middelburg zaaknummer / rekestnummer: C/02/411052 / HA RK 23-127 Beschikking van 29 juni 2023 in de zaak van [verzoekster01] , wonende te [woonplaats01] , verzoekster, verschenen in persoon. 1 De procedure Het verloop van de procedure blijkt uit: het wrakingsverzoek ingediend bij e-mailbericht van verzoekster van 21 juni 2023; de mededeling van mr. Thielen van 26 juni 2023 dat zij niet in de wraking berust; de processtukken zoals opgenomen in het dossier van de rechtbank in de hoofdzaak met zaaknummer 10411444 CV EXPL 23-
- 2 De beoordeling 2.
- Het verzoek strekt tot wraking van mr. Thielen (hierna: de rechter). Het wrakingsverzoek luidt: “Goedendag Via deze weg wraak ik vandaag de rechter Thielen Zaak rolnummer 10411444 CV EXPL 23-837 Hoop hiermee voldoende te hebben geschreven In afwachting verblijf ik Vriendelijke groet [verzoekster01] ”. 2.
- De rechter berust niet in het verzoek tot wraking. 2.
- Op grond van artikel 36 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. 2.
- Voorop moet worden gesteld, dat bij de beoordeling van een beroep op het ontbreken van onpartijdigheid van de rechter als uitgangspunt geldt, dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn tenzij zich een uitzonderlijke omstandigheid voordoet die een zwaarwegende aanwijzing oplevert dat een rechter ten aanzien van een partij een vooringenomenheid koestert, althans dat de bij die partij daarvoor bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is. 2.
- Het wrakingsverzoek is niet onderbouwd. De wrakingskamer zal het verzoek bij gebreke van een deugdelijke motivering kennelijk ongegrond verklaren. 2.
- Omdat sprake is van een kennelijk ongegrond wrakingsverzoek laat de wrakingskamer de mondelinge behandeling van het verzoek achterwege overeenkomstig artikel 4 lid 2 aanhef en onder a van het Wrakingsprotocol van de rechtbank Zeeland-West-Brabant (gepubliceerd op de website www.rechtspraak.nl, zie rechtbank Zeeland-West-Brabant, regels en procedures, wrakingsprotocol). 3 De beslissing De wrakingskamer 3.
- verklaart het verzoek tot wraking kennelijk ongegrond. Deze beschikking is gegeven op 29 juni 2023 door mr. Holierhoek, mr. Kool en mr. Hopmans. De uitspraak wordt openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.