RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Strafrecht Zittingsplaats: Middelburg parketnummer: 02-031347-22 vonnis van de meervoudige kamer van 10 juli 2023 in de strafzaak tegen de minderjarige [verdachte01] geboren op [geboortedag01] 2009 te [geboorteplaats01] wonende [adres01] , [postcode01] [woonplaats01] raadsman mr. J.M.H.J. Colen, advocaat te Terneuzen 1 Onderzoek van de zaak De zaak is inhoudelijk behandeld met gesloten deuren op de zitting van 26 juni 2023, waarbij de officier van justitie, mr. M. van Leeuwen, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt. 2 De tenlastelegging De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte Feit 1: Op 3 februari 2022 te Middelburg, samen met anderen een diefstal met (bedreiging met) geweld tegen [slachtoffer01] heeft gepleegd, waarbij een fiets en een rugzak zijn gestolen; Deze verdenking is verdachte in verschillende juridische varianten ten laste gelegd, namelijk als diefstal met (bedreiging met) geweld in vereniging dan wel als afpersing in vereniging. Feit 2: Op 3 februari 2022 te Middelburg, samen met anderen heeft geprobeerd [slachtoffer02] met (bedreiging met) geweld van zijn geld en schoenen te beroven; Deze verdenking is verdachte in verschillende juridische varianten ten laste gelegd, namelijk als poging diefstal met (bedreiging met) geweld in vereniging dan wel als poging afpersing in vereniging. Feit 3: Op 3 februari 2022 te Middelburg, samen met anderen een diefstal met (bedreiging met) geweld tegen [slachtoffer03] heeft gepleegd, waarbij een zak chips is gestolen; Deze verdenking is verdachte in verschillende juridische varianten ten laste gelegd, namelijk als diefstal met (bedreiging met) geweld in vereniging dan wel als afpersing in vereniging. Feit 4: Op 3 februari 2022 te Middelburg, samen met anderen heeft geprobeerd [slachtoffer03] met (bedreiging met) geweld van zijn geld te beroven; Deze verdenking is verdachte in verschillende varianten ten laste gelegd, namelijk als poging diefstal met (bedreiging met) geweld in vereniging dan wel als poging afpersing in vereniging. 3 De voorvragen De dagvaarding is geldig. De rechtbank is bevoegd. De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. Er is geen reden voor schorsing van de vervolging. 4 De beoordeling van het bewijs 4.1 Het standpunt van de officier van justitie Feit 1: De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de diefstal met geweld in vereniging en baseert zich daarbij op de aangifte van [slachtoffer01] , het proces-verbaal van bevindingen van de verbalisanten [verbalisant01] en [verbalisant02] en op de verklaring van verdachte. De officier van justitie vraagt verdachte vrij te spreken van de afpersing in vereniging. Feit 2: De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de poging afpersing in vereniging. Hij baseert zich daarbij op de aangifte, het proces-verbaal verhoor van aangever, het proces-verbaal verhoor van [getuige01] en op de processen-verbaal verhoor van [getuige02] . De officier van justitie vraagt verdachte vrij te spreken van de poging diefstal met geweld in vereniging. Feit 3: De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de afpersing in vereniging. Hij baseert zich daarbij op de aangifte, het proces-verbaal verhoor van [getuige03] , het proces-verbaal verhoor van [getuige04] en op het proces-verbaal van bevindingen beeldmateriaal. De officier van justitie vraagt verdachte vrij te spreken van de poging diefstal met geweld. Feit 4: De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de poging afpersing in vereniging. Hij baseert zich daarbij op de aangifte, het proces-verbaal verhoor van [getuige03] , het proces-verbaal verhoor van [getuige04] en op het proces-verbaal van bevindingen beeldmateriaal. De officier van justitie vraagt verdachte vrij te spreken van de poging diefstal met geweld in vereniging. 4.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging is van mening dat is voldaan aan de formele voorvragen, zodat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging van verdachte. Verder is de verdediging van mening dat er bij de vier feiten sprake is geweest van afpersing in vereniging of van een poging daartoe en niet van een (poging) diefstal met (bedreiging van) geweld in vereniging. Ten aanzien van feit 2 wijst de verdediging erop dat de rol van verdachte hierbij zeer gering is geweest. 4.3 Het oordeel van de rechtbank 4.3.1 De bijzondere overwegingen met betrekking tot het bewijs Aangezien verdachte ten aanzien van de feiten een bekennende verklaring heeft afgelegd en ter zake daarvan geen vrijspraak is bepleit, zal worden volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering en acht de rechtbank dat feit wettig en overtuigend bewezen, gelet op: - de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de zitting van 26 juni 2023; - de aangifte van [slachtoffer01] ; - de aangifte van [slachtoffer02] ; - de aangifte van [slachtoffer03] . De rechtbank is van oordeel dat met betrekking tot de feiten 3 en feit 4 sprake is van een voortgezette handeling in de zin van artikel 56 van het Wetboek van Strafrecht. De verschillende bewezenverklaarde, elkaar in de tijd opvolgende gedragingen hangen (ook met betrekking tot het 'wilsbesluit') zo nauw met elkaar samen dat verdachte daarvan in wezen één verwijt wordt gemaakt, terwijl de strekking van de desbetreffende strafbepalingen niet enigszins uiteenloopt. 4.4 De bewezenverklaring De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte 1 op 3 februari 2022 te Middelburg tezamen en in vereniging met anderen, een fiets en een rugzak, die aan [slachtoffer01] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen [slachtoffer01] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, en om, bij betrapping op heterdaad, het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en bedreiging met geweld eruit bestonden dat hij, verdachte en zijn mededaders • die [slachtoffer01] hebben gezegd dat hij mee moest lopen, omdat hij anders klappen zou krijgen, en • een fysiek en numeriek overwicht op die [slachtoffer01] hebben gevormd en • vervolgens - bij een tunneltje - die [slachtoffer01] hebben vastgepakt en • vervolgens die [slachtoffer01] bij de keel hebben vastgegrepen en • vervolgens die [slachtoffer01] tegen het hoofd hebben geslagen en • vervolgens tegen die [slachtoffer01] hebben gezegd dat wanneer hij naar de politie zou gaan ze hem zouden pakken; 2 op 3 februari 2022 te Middelburg tezamen en in vereniging met anderen, ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededaders voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en bedreiging met geweld [slachtoffer02] te dwingen tot de afgifte van geld en schoenen, die aan [slachtoffer02] toebehoorden welke geweld en bedreiging met geweld eruit bestonden dat hij, verdachte en zijn mededaders • die [slachtoffer02] - die op een fiets reed - bij zijn kleding en fiets hebben vastgepakt, in elk geval die [slachtoffer02] hebben doen stoppen en • vervolgens tegen die [slachtoffer02] hebben geschreeuwd dat hij geld moest geven en zijn schoenen moest uittrekken en • vervolgens tegen die [slachtoffer02] hebben gezegd dat hij, verdachte en zijn mededaders [slachtoffer02] zijn ribben zouden breken, en • vervolgens in het bijzijn van die [slachtoffer02] tegen de vrienden van die [slachtoffer02] hebben geroepen dat ze niet dichterbij moesten komen omdat ze anders gestoken zouden worden, en • vervolgens die [slachtoffer02] hebben gestompt en • vervolgens die [slachtoffer02] tegen zijn gezicht hebben geschopt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid 3 op 3 februari 2022 te Middelburg tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk om zich en een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en bedreiging met geweld [slachtoffer03] heeft gedwongen tot de afgifte van een zak chips, toebehorende aan die [slachtoffer03] , welk geweld en bedreiging met geweld eruit bestonden dat hij, verdachte en zijn mededader • die [slachtoffer03] op dwingende toon hebben gezegd dat hij, verdachte en zijn mededader, geld moesten hebben en • die [slachtoffer03] op dwingende toon hebben gezegd dat hij zijn zakken moest leeg maken en • die [slachtoffer03] op dwingende toon hebben gezegd dat hij op-en-neer moest springen en • die [slachtoffer03] bij de keel en jas hebben vastgepakt en • vervolgens tegen die [slachtoffer03] hebben gezegd dat hij de chips moest geven, anders werd die [slachtoffer03] gestoken met een mes, en • in het bijzijn van die [slachtoffer03] hebben gezegd, ik heb geen pistool nodig alleen messen, en • tegen die [slachtoffer03] op dwingende toon hebben gezegd dat hij op zijn knieën moest gaan zitten en • vervolgens die [slachtoffer03] op de grond hebben geduwd en • vervolgens toen die [slachtoffer03] op zijn knieën op de grond zat, die [slachtoffer03] in zijn kruis hebben getrapt. 4 op 3 februari 2022 te Middelburg tezamen en in vereniging met een ander ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededader voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en bedreiging met geweld [slachtoffer03] te dwingen tot de afgifte van een hoeveelheid geld dat aan [slachtoffer03] toebehoorde welk geweld of bedreiging met geweld eruit bestond dat hij, verdachte of zijn mededader • die [slachtoffer03] (op dwingende toon) hebben gezegd dat hij, verdachte en zijn mededader, geld moest hebben en • die [slachtoffer03] (op dwingende toon) hebben gezegd dat hij zijn zakken moest leeg maken en • die [slachtoffer03] (op dwingende toon) hebben gezegd dat hij op-en-neer moest springen en • die [slachtoffer03] bij de keel/jas hebben vastgepakt en • (vervolgens) tegen die [slachtoffer03] hebben gezegd dat hij de chips moest geven, anders werd die [slachtoffer03] gestoken met een mes en • in het bijzijn van die [slachtoffer03] hebben gezegd, ik heb geen pistool nodig alleen messen en • tegen die [slachtoffer03] (op dwingende toon) hebben gezegd dat hij op zijn knieën moest gaan zitten en • (vervolgens) die [slachtoffer03] op de grond hebben geduwd en • (vervolgens) toen die [slachtoffer03] op zijn knieën op de grond zat, die [slachtoffer03] in zijn kruis hebben getrapt,terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid. Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad. De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken. 5 De strafbaarheid Volgens de officier van justitie blijkt uit de stukken niet dat verdachte door medeverdachten is gedwongen om mee te doen. Er is dan ook geen sprake geweest van een overmachtssituatie. Volgens de verdediging is verdachte door [medeverdachte01] onder druk gezet om de feiten te plegen, welke dwang ook zou blijken uit de bedreigingen die verdachte achteraf van [medeverdachte01] heeft ontvangen om wat deze verklaard heeft bij de politie. De rechtbank overweegt dat uit de bewijsmiddelen niet blijkt dat verdachte door (één van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.