RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Strafrecht Zittingsplaats: Breda parketnummer: 02-300129-22 vonnis van de meervoudige kamer van 15 augustus 2023 in de strafzaak tegen [verdachte] geboren op [geboortedag] 1990 te [geboorteplaats] wonende te [woonadres] raadsvrouw mr. M.E. Broekert, advocaat te Breda 1Onderzoek van de zaak De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 1 augustus 2023, waarbij de officier van justitie, mr. Y.E.Y. Vermeulen, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt. 2De tenlastelegging De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte feit 1: kinderpornografische afbeeldingen heeft verworven en/of in zijn bezit heeft gehad en/of zich daartoe toegang heeft verschaft via een geautomatiseerd werk of communicatiedienst;feit 2: dierenpornografische afbeeldingen heeft verspreid, vervaardigd en/of in zijn bezit heeft gehad. 3De voorvragen De dagvaarding is geldig. De rechtbank is bevoegd. De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. Er is geen reden voor schorsing van de vervolging. 4De beoordeling van het bewijs 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het bezit van en het zich via een geautomatiseerd werk toegang verschaffen tot kinderporno en dierenporno. De officier van justitie gaat daarbij uit van de verklaring van verdachte bij de politie. De officier van justitie is van mening dat de inbeslagname van de telefoon van verdachte rechtmatig is. Deze is door de rechter-commissaris in beslag genomen in een ander onderzoek waarin weliswaar geen verdenking tegen verdachte bestond, maar waar verdachte wel een link had met het pand en de bewoner. Er is volgens de officier van justitie geen sprake geweest van een diepgaand onderzoek aan de telefoon nu alleen de afbeeldingen en de Telegram groepen zijn onderzocht. Bij de afbeeldingen is kinderporno aangetroffen en dat was voldoende aanleiding voor verder onderzoek. Als de rechtbank van oordeel is dat er wel sprake is geweest van een diepgaand onderzoek en dat dit onrechtmatig is gebeurd, heeft de officier van justitie verzocht enkel vast te stellen dat er sprake is van een vormverzuim. De rechter-commissaris zou namelijk toestemming hebben gegeven voor een dergelijk onderzoek aan de telefoon als daarom verzocht zou zijn. 4.2 Het standpunt van de verdediging Primair stelt de verdediging zich op het standpunt dat de telefoon van verdachte onrechtmatig is onderzocht en dat dit een onherstelbaar vormverzuim is dat dient te leiden tot bewijsuitsluiting. Er was geen belang om de telefoon van verdachte in beslag te nemen en, in het verlengde daarvan, ook geen belang om onderzoek te doen aan de in beslag genomen telefoon. Subsidiair heeft de raadsvrouw aangevoerd dat het bekijken van een dergelijk grote hoeveelheid aan afbeeldingen én het lezen van de chats een meer dan beperkte inbreuk maakt op de persoonlijke levenssfeer van verdachte. Door het bekijken van deze bestanden kan een compleet beeld worden verkregen van verdachte als persoon. Hiervoor had toestemming gevraagd moeten worden aan de rechter-commissaris en dit is niet gebeurd. Dit levert daarom een vormverzuim op onder artikel 8 EVRM en raakt ook artikel 6 EVRM. Gelet daarop dient dit vormverzuim te leiden tot bewijsuitsluiting van al hetgeen uit het onderzoek aan de telefoon volgt. De raadsvrouw heeft bepleitverdachte op grond daarvan integraal vrij te spreken. Indien de rechtbank niet tot bewijsuitsluiting komt, dient verdachte integraal te worden vrijgesproken van beide feiten wegens het ontbreken van opzet. Over de 70% bestanden van Telegram kan niet worden vastgesteld dat deze bestanden opzettelijk in het bezit zijn gekomen of geweest van verdachte. Mogelijk zijn deze afbeeldingen onbewust op zijn telefoon gekomen doordat hij in meerdere groepsapps zat. Nu verdachte ook onderbouwd heeft aangegeven dat hij niet degene is die de via het [account 1] verstuurde video heeft gestuurd, kan niet worden vastgesteld dat verdachte opzet heeft gehad op die 70% bestanden van Telegram. Als de rechtbank van oordeel is dat wel kan worden vastgesteld dat verdachte degene is geweest die onder het [account 1] vragen heeft gesteld en de video heeft verstuurd, kan dit enkel het opzet ten aanzien van die bewuste video bewijzen. Ook de resterende 30% van de afbeeldingen, aangetroffen in de cachemap, zijn onbewust op de telefoon van verdachte terechtgekomen. Verdachte ontkent wetenschap te hebben gehad van deze bestanden. Niet kan worden uitgesloten dat er sprake is van ‘bijvangst’. Daarnaast zijn deze bestanden vaak niet toegankelijk voor de gebruiker. Verdachte heeft geen opzet gehad op het verwerven van, bezitten van en het zich toegang verschaffen tot die bestanden. Over feit 2 heeft de raadsvrouw opgemerkt dat het van belang is of deze video’s zijn toegestuurd in de groepsapps via Telegram of dat zij zich in de cachemap bevonden. Als de bestanden zich in de cachemap bevonden, moet verdachte worden vrijgesproken van het verspreiden, vervaardigen en bezitten van dierenporno. Dit is ook het geval als de bestanden zijn toegestuurd in de groepsapps via Telegram én de rechtbank het opzetverweer volgt. Als de rechtbank het opzetverweer verwerpt, maar wel vaststelt dat deze video’s vanuit Telegram op de telefoon zijn gekomen, moet vrijspraak volgen van het verspreiden van de dierenporno. 4.3 Het oordeel van de rechtbank 4.3.1 De bewijsmiddelen De bewijsmiddelen zijn in bijlage II aan dit vonnis gehecht. 4.3.2 De bijzondere overwegingen met betrekking tot het bewijs De rechtmatigheid van het onderzoek aan de telefoon De rechtbank stelt vast dat uit het proces-verbaal van bevindingen van de doorzoeking op 21 september 2021 van het [adres] in [plaats] in onderzoek Rolla volgt dat deze doorzoeking plaatsvond onder leiding van de rechter-commissaris. Verdachte verscheen ten tijde van de doorzoeking bij het pand en stond ook ingeschreven in de woning op dit adres. Zijn telefoon is vervolgens tijdens de doorzoeking met toestemming van de rechter-commissaris in beslag genomen. Naar het oordeel van de rechtbank was deze inbeslagname van de telefoon van verdachte rechtmatig. Vervolgens is er een onderzoek verricht aan de telefoon van verdachte. Door de officier van justitie werd toestemming verleend de telefoongegevens veilig te stellen en te onderzoeken. Met deze toestemming bestond er een toereikende grondslag voor het verrichten van het onderzoek aan de bestanden. Uit het proces-verbaal van bevindingen met betrekking tot dat onderzoek volgt voorts dat de veilig gestelde telefoongegevens bestonden uit een zeer grote hoeveelheid aan foto- en videobestanden, welke vervolgens door een automatisch zoeksysteem zijn gecategoriseerd. Pas daarna heeft een verbalisant als eerste de map genaamd ‘weapons’ onderzocht, waarin door hem kinderporno is aangetroffen. De officier van justitie heeft daarop opdracht gegeven tot een diepgaand onderzoek aan de telefoon. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat het onderzoek aan de telefoon rechtmatig was. Van een situatie waarin een machtiging door de rechter-commissaris nodig was, is geen sprake. De rechtbank verwerpt het verweer. Feit 1 Op grond van het dossier en de behandeling op zitting stelt de rechtbank vast dat er kinderporno is aangetroffen op de telefoon van verdachte. De vraag die de rechtbank vervolgens moet beantwoorden, is of verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van die kinderpornografische afbeeldingen op zijn telefoon. De rechtbank stelt vast dat er ten opzichte van het totale beeldmateriaal een relatief kleine hoeveelheid aan kinderpornografisch materiaal is aangetroffen. Daarnaast is het niet uit te sluiten dat de app Telegram automatisch bestanden opslaat op een telefoon zonder dat deze door de gebruiker zijn bekeken. In het aanvullende proces-verbaal van bevindingen van 29 december 2022 is echter een chatgesprek opgenomen dat vanaf 5 september 2021 op de app Telegram is gevoerd tussen ‘ [account 2] ’ en ‘ [account 1] ’ waarin wordt gesproken over het sturen/verkrijgen van kinderpornografisch beeldmateriaal. In dat gesprek wordt door ‘ [account 1] ’ verzocht om ‘more disturbing videos’ en ‘send me younger’. Wanneer wordt verzocht om ‘teens’, wordt door ‘ [account 1] ’ een video verstuurd. In het hierna te noemen proces-verbaal van bevindingen van 1 november 2022 staat dat er een daadwerkelijke kinderpornografische video werd verstuurd vanuit ‘ [account 1] ’. Er is onderzoek gedaan naar de gebruiker van het [account 1] . Blijkens het proces-verbaal van bevindingen van 1 november 2022 is het aannemelijk dat verdachte de gebruiker van dat account is. Nu het gesprek daarnaast afkomstig is van de telefoon van verdachte kan naar het oordeel van de rechtbank worden vastgesteld dat verdachte gebruik heeft gemaakt van het account met de gebruikersnaam ‘ [account 1] ’. Verdachte heeft pas op zitting verklaard dat zijn computer in een verder verleden zou zijn gehackt, waardoor een ander mogelijk gebruik zou maken van het account met de gebruikersnaam ' [account 1] '. Die verklaring acht de rechtbank niet aannemelijk en is verder op geen enkele wijze onderbouwd. De rechtbank houdt verdachte aan zijn verklaring bij de politie dat hij de volledige verantwoording draagt voor wat er op zijn telefoon staat. Op zitting heeft verdachte verklaard dat hij tijdens die verklaring onder druk zou zijn gezet. Daarvan is echter niet gebleken. Integendeel, verdachte werd tijdens het hele verhoor (telefonisch) bijgestaan door zijn raadsvrouw met wie hij tussentijds overleg heeft kunnen voeren. Bovendien complimenteerde hij tegen het einde van zijn verklaring de politie met haar werk. Volgens het proces-verbaal van bevindingen op pagina 38 van het dossier was ongeveer 70% van de kinderpornografische afbeeldingen gekoppeld aan applicaties zoals Telegram en daarom voor de gebruiker benaderbaar. Het is volgens het proces-verbaal dan ook aannemelijk dat de gebruiker moet hebben geweten dat die bestanden zich op zijn gegevensdragers bevonden. Nu verdachte daarnaast, met de gebruikersnaam ‘ [account 1] ’, via Telegram om kinderpornografisch materiaal heeft verzocht en ook zelf in dat gesprek een video heeft verstuurd, heeft hij daarmee naar het oordeel van de rechtbank ten minste bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat er meer kinderporno op zijn telefoon terecht zou komen. De rechtbank acht het verwerven en het bezit van deze kinderpornografische afbeeldingen vanaf de aanvang van genoemd gesprek, te weten 5 september 2021, dan ook wettig en overtuigend bewezen. De ongeveer 30% van de kinderpornografische afbeeldingen die zijn opgeslagen in de cache map van een internetbrowser zijn afbeeldingen zijn die niet altijd zichtbaar zijn voor de gebruiker. De rechtbank zal verdachte dan ook vrijspreken van het verwerven en bezit van deze afbeeldingen. Feit 2 Nu er slechts vier video’s met dierenporno op de telefoon van verdachte zijn aangetroffen, is dat naar het oordeel van de rechtbank naar alle waarschijnlijkheid ‘bijvangst’. Temeer omdat van zoeken naar of vragen om dit soort video’s niet is gebleken. Voor deze afbeeldingen kan niet wettig en overtuigend bewezen worden dat verdachte opzet heeft gehad op het vervaardigen, verspreiden, verwerven en/of bezit hiervan. De rechtbank zal verdachte daarom vrijspreken van feit
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.