beschikking RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Team Familie- en Jeugdrecht Locatie Breda Zaaknummers : C/02/410450 / FA RK 23-2695 (wijziging gezag en vaststelling omgang) : C/02/410449 / FA RK 23-2694 (vervangende toestemming verhuizing) Datum uitspraak: 24 augustus 2023 Nadere beschikking van de meervoudige kamer van de rechtbank over wijziging ouderlijk gezag, vaststelling omgang en vervangende toestemming verhuizing in de zaken van: [de man] , hierna te noemen: de man, wonende te [plaats 1] , verzoeker in de zaak FA RK 23-2695, verweerder in de zaak FA RK 23-2694, advocaat: mr. M.J.E.M. Edelmann te Breda, tegen [de vrouw] , hierna te noemen: de vrouw, wonende te [plaats 1] , verzoekster in de zaak FA RK 23-2694, verweerster in de zaak FA RK 23-2695, advocaat: mr. L.A.P. van Haperen te Breda, over hun minderjarige kind: [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2017 te [plaats 1] , hierna te noemen: [minderjarige] . Op grond van het bepaalde in artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) heeft de Raad voor de Kinderbescherming, regio Zuidwest Nederland, locatie Breda, hierna te noemen: de Raad, de rechtbank in beide zaken over de verzoeken geadviseerd. 1Het verdere procesverloop 1.1 De rechtbank oordeelt in beide zaken op grond van de navolgende stukken: de beschikking van deze rechtbank van 31 juli 2023 en alle daarin genoemde stukken; de brief van 10 augustus 2023 van mr. Van Haperen, met bijlagen; het F9-formulier van 15 augustus 2023 van mr. Van Haperen, met bijlage; het F9-formulier van 15 augustus 2023 van mr. Van Haperen; het F4-formulier van 15 augustus 2023 van mr. Edelmann; het op 15 augustus 2023 ingekomen e-mailbericht van mr. Van Haperen, met bijlagen; het op 15 augustus 2023 ingekomen e-mailbericht van mr. Van Haperen; het op 15 augustus 2023 ingekomen e-mailbericht van mr. Edelmann. 2De nadere beoordeling 2.1 De rechtbank verwijst naar de inhoud van voormelde beschikking van 31 juli 2023. In die beschikking heeft de rechtbank, samengevat, geoordeeld dat de vrouw de man vooralsnog onvoldoende heeft meegenomen bij haar voornemen om met [minderjarige] te verhuizen naar [plaats 2] . Met het oog op de datum waarop het nieuwe schooljaar zal starten en het belang dat [minderjarige] voor die datum duidelijkheid ervaart over haar woonplaats en school, heeft de rechtbank de beslissing op het verzoek van de vrouw ter verkrijging van vervangende toestemming om met [minderjarige] te verhuizen pro forma aangehouden tot 15 augustus 2023, om de vrouw alsnog in de gelegenheid te stellen om de man deugdelijk te informeren en te raadplegen over die verhuizing en hem kennis te laten maken met haar huidige partner, de nieuwe woonomgeving en de nieuwe school die zij voor [minderjarige] op het oog heeft. De vrouw dient ook aan te geven op welke wijze zij de omgang tussen de man en [minderjarige] bevordert. De rechtbank heeft de beslissing op de overige voorliggende verzoeken alsmede de verwijzing van partijen naar zorg in het kader van het uniform hulpaanbod (UHA) aangehouden tot voormelde pro forma datum. De rechtbank heeft ten slotte een opbouwende voorlopige omgangsregeling tussen de man en [minderjarige] bepaald. 2.2 Aan de orde zijn nog de verzoeken van de man (in de zaak C/02/410450 / FA RK 23-2695): om hem te belasten met het medegezag over [minderjarige] ; te bepalen dat de man en [minderjarige] gerechtigd zijn tot het hebben van omgang met elkaar eenmaal per veertien dagen van vrijdag 16:15 uur tot zondag 18:30 uur, alsmede tijdens de helft van de vakanties en feestdagen. 2.3 Daarnaast is nog aan de orde het verzoek van de vrouw (in de zaak C/02/410449 / FA RK 23-2694), voor zover de wet dat toelaat uitvoerbaar bij voorraad, aan haar vervangende toestemming te verlenen, ter vervanging van de ontbrekende instemming van de man, om met [minderjarige] te verhuizen naar [plaats 2] . 2.4 Bij voormelde brief van 10 augustus 2023 heeft mr. Van Haperen, namens de vrouw, samengevat, aangevoerd dat zij alles heeft gedaan wat er van haar mag worden verwacht om de man kennis te laten maken met haar huidige partner, de nieuwe woonomgeving en de nieuwe school die zij voor [minderjarige] op het oog heeft, maar dat de man hiervan geen gebruik heeft willen of kunnen maken en dat hij zich voornamelijk ‘verschuilt’ achter de korte termijn die de rechtbank aan partijen heeft gegeven. Ter onderbouwing hiervan heeft de vrouw een afschrift van een aantal e-mailberichten tussen partijen overgelegd. De vrouw vindt dan ook dat zij heeft voldaan aan de opdracht van de rechtbank om de man mee te nemen in de voorgenomen verhuizing met [minderjarige] naar [plaats 2] , zoals neergelegd in de beschikking van 31 juli 2023, en dat zij (alsnog) heeft voldaan aan de informatie- en consultatieverplichting die zij op basis van artikel 1:377b van het Burgerlijk Wetboek (BW) heeft ten aanzien van de man met betrekking tot die verhuizing. De vrouw stelt daarnaast dat partijen momenteel uitvoering geven aan de door de rechtbank bij voormelde beschikking bepaalde voorlopige omgangsregeling tussen de man en [minderjarige] en dat zij momenteel constructieve mediationgesprekken voeren bij [mediator] over de vaststelling van de definitieve omgangsregeling tussen de man en [minderjarige] . De door de man verzochte omgangsregeling, op basis waarvan hij en [minderjarige] tweewekelijks in het weekend en tijdens de helft van de vakanties en feestdagen gerechtigd zijn tot het hebben van omgang met elkaar, is volgens de vrouw haalbaar wanneer [minderjarige] in [plaats 2] woont. De vrouw heeft ten slotte haar aanbod herhaald om het halen en brengen van [minderjarige] in het kader van die regeling voor haar rekening te nemen. De vrouw vindt dan ook dat zij de omgang tussen [minderjarige] en de man voldoende bevordert. Gelet op het voorgaande handhaaft de vrouw haar verzoek om haar vervangende toestemming te verlenen, ter vervanging van de ontbrekende instemming van de man, om met [minderjarige] naar [plaats 2] te verhuizen. Met het oog op het belang dat [minderjarige] voor de start van het nieuwe schooljaar duidelijkheid ervaart over haar woonplaats en school, verzoekt de vrouw om spoedig en schriftelijk op dit verzoek te beslissen. Daarnaast verzoekt de vrouw om de beslissing over de definitieve omgangsregeling aan te houden voor de duur van vier weken in afwachting van het verdere verloop en het resultaat van het mediationtraject dat partijen doorlopen en partijen te verwijzen naar zorg in het kader van het UHA, onder aanhouding van het verzoek tot wijziging van het ouderlijk gezag voor de duur van zes maanden (pro forma). 2.5 Bij voormeld F4-formulier van 15 augustus 2023 en in voormeld op 15 augustus 2023 ingekomen e-mailbericht heeft mr. Edelmann, namens de man, aangegeven dat partijen met elkaar in gesprek zijn en dat zij hopen dat zij die gesprekken in het komende weekend, te weten 19 en 20 augustus 2023, zullen afronden. Gelet hierop is namens de man verzocht om een nadere termijn te verlenen voor de duur van een week voor het geven van zijn standpunt. De man vindt het van belang dat partijen tot een gezamenlijk gedragen beslissing komen. 2.6 De rechtbank overweegt, gezien de (nader) overgelegde stukken, als volgt. Vervangende toestemming verhuizing 2.7 De rechtbank overweegt dat zij in voormelde beschikking van 31 juli 2023 een duidelijke opdracht heeft geformuleerd richting partijen, namelijk dat de vrouw de man alsnog deugdelijk dient te informeren en te raadplegen over haar huidige partner, de nieuwe woonomgeving en de nieuwe school die zij voor [minderjarige] op het oog heeft. De rechtbank heeft hierbij overwogen dat het aan de vrouw is om op heel korte termijn daartoe het initiatief te nemen en de man uit te nodigen voor een kennismaking met haar huidige partner in [plaats 2] , waarbij de man in de gelegenheid wordt gesteld om te bekijken wat een verhuizing voor [minderjarige] zou betekenen. 2.8 Uit de namens de vrouw overgelegde e-mailcorrespondentie tussen partijen blijkt dat de vrouw op 3 augustus 2023 een e-mailbericht aan de man heeft verstuurd waarin zij hem heeft voorgesteld om kennis te maken met haar huidige partner in [plaats 2] (bij wie de vrouw en [minderjarige] zullen intrekken), dan wel, met het oog op het vervoer van de man, in de woonplaats van de man. Daarnaast heeft de vrouw hem geïnformeerd over het woonadres van de huidige partner van de vrouw, de nieuwe woonomgeving, de in die omgeving beschikbare voorzieningen en faciliteiten en de mogelijkheden voor zwemles, sporten en hobby’s. Als bijlagen bij voormeld e-mailbericht heeft de vrouw een aantal foto’s gevoegd van de binnen- en buitenkant van de woning van haar huidige partner en de woonomgeving alsmede een afschrift van de schoolgids van de nieuwe school die zij voor [minderjarige] op het oog heeft. In daaropvolgende e-mailberichten van 7, 8 en 10 augustus 2023 heeft de vrouw aan de man verzocht om data en tijdstippen door te geven waarop de man zou kunnen kennismaken met de nieuwe woonomgeving en waarop hij en de huidige partner van de vrouw elkaar zouden kunnen ontmoeten, al dan niet in de avond of in het weekend. Daarnaast heeft de vrouw voorgesteld om haar huidige partner te laten aansluiten bij een mediationgesprek tussen partijen bij [mediator] , al dan niet voor langere duur. 2.9 De rechtbank is, gezien het voorgaande, van oordeel dat de vrouw heeft voldaan aan de opdracht van de rechtbank om de man alsnog deugdelijk te informeren en te raadplegen over haar voornemen om te verhuizen met [minderjarige] . Zij heeft de man uitvoerig geïnformeerd, zowel op schrift als met foto’s, over haar huidige partner, de nieuwe woonomgeving en de nieuwe school die zij voor [minderjarige] op het oog heeft. Daarnaast heeft zij de man uitgenodigd om in de nieuwe woonomgeving te komen kijken en kennis te maken met haar huidige partner, in de woonplaats van de man of in het kader van het mediationtraject dat partijen momenteel doorlopen bij [mediator] . De vrouw heeft zich hierbij flexibel opgesteld door de man de keus te geven wanneer en hoe laat hij zou willen en kunnen bezichtigen en kennismaken. 2.10 De rechtbank overweegt dat de man om hem moverende redenen niet is ingegaan op de voorstellen van de vrouw om een dag en tijdstip te plannen voor een kennismaking met de nieuwe woonomgeving en de huidige partner van de vrouw. Hij wil, zo blijkt uit de namens de vrouw overgelegde e-mailcorrespondentie tussen partijen, eerst een uitvoerig(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.