RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Zittingsplaats Breda Bestuursrecht zaaknummer: BRE 24/1501 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van 20 februari 2024 op het verzoek om toepassing van artikel 8:87, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht tot opheffing van een ordemaatregel van de burgemeester van de gemeente Breda, uit Breda, verzoeker (gemachtigde: mr. M. IJzerman), Als derde-partij neemt aan de zaak deel: [naam belanghebbende] uit [vestigingsplaats belanghebbende], (gemachtigde: mr. S. Schilder). Inleiding
- Verzoeker heeft met het bestreden besluit van 25 januari 2023 (de voorzieningenrechter leest: 2024) de Alcoholwetvergunning ten behoeve van [naam belanghebbende] aan [adres belanghebbende] te [vestigingsplaats belanghebbende] ingetrokken. [naam belanghebbende] heeft hiertegen beroep ingesteld (zaaknummer BRE 24/1305). Hij heeft de voorzieningenrechter tevens verzocht om een voorlopige voorziening te treffen (zaaknummer BRE 24/1304).
- Naar aanleiding van het verzoek om voorlopige voorziening heeft een voorzieningenrechter van deze rechtbank op 30 januari 2024 bij wijze van ordemaatregel het bestreden besluit geschorst tot uiterlijk een week na de zitting waarop het verzoek om voorlopige voorziening zal worden behandeld. Daarbij is opgemerkt dat het verzoek zo spoedig als mogelijk op een zitting zal worden behandeld.
- Verzoeker heeft vervolgens op 6 februari 2024 een verzoek ingediend om opheffing van de ordemaatregel.
- De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 20 februari 2024 op zitting behandeld, tegelijkertijd met de behandeling van het verzoek om voorlopige voorziening van [naam belanghebbende]. Aan de zitting hebben deelgenomen: de gemachtigde van verzoeker, [naam belanghebbende] en zijn gemachtigde. Na afloop van de zitting heeft de voorzieningenrechter onmiddellijk uitspraak gedaan op het verzoek om opheffing van de ordemaatregel. Beoordeling door de voorzieningenrechter
- De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. Dat betekent dat de getroffen ordemaatregel blijft gelden, en dat de schorsing van de intrekking van de Alcoholwetvergunning nog een week geldt. Daarna herleeft het intrekkingsbesluit.
- Op het verzoek om voorlopige voorziening van [naam belanghebbende] zal schriftelijk uitspraak worden gedaan binnen drie weken na de zitting. De voorzieningenrechter zal zich nog beraden op mogelijkheid om in die uitspraak tevens uitspraak te doen op het beroep.
- Voor vergoeding van het griffierecht of een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
- Partijen zijn erop gewezen dat tegen deze mondelinge uitspraak geen hoger beroep of verzet openstaat. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om opheffing van de ordemaatregel af. Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 20 februari 2024 door mr. drs. E.J. Govaers, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van N.A. D’Hoore, griffier, en zal geanonimiseerd worden gepubliceerd op www.rechtspraak.nl.. griffier voorzieningenrechter Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.