← Nederland

ECLI:NL:RBZWB:2024:281

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Cluster I Civiele kantonzaken Tilburg zaak/rolnr.: 10683874 CV EXPL 23-3457 vonnis d.d. 17 januari 2024 inzake de besloten naar buitenlands recht Alektum Capital II AG, gevestigd en kantoorhoudende te Zug (Zwitserland), eiseres, gemachtigde: Deurwaarderskantoor Van Lith B.V. te Eindhoven, tegen [gedaagde] , wonende te [plaats 1] aan het [adres] , gedaagde, gemachtigde: [gemachtigde] , werkzaam ten [kantoor] te [plaats 2] . Partijen worden hierna aangeduid als “Alektum” en “ [gedaagde] ”. 1Het verloop van het geding De procesgang blijkt uit de volgende stukken: a. de dagvaarding van 11 augustus 2023 met producties; b. de conclusie van antwoord van 20 september 2023 met producties; c. de conclusie van repliek van 18 oktober 2023; d. de conclusie van dupliek van 1 november 2023. 2Het geschil en de beoordeling 2.1 Alektum stelt dat [gedaagde] een bestelling heeft geplaatst bij Wish.com (verder: de verkoper). [gedaagde] heeft bij het doen van die bestelling gekozen voor achteraf betalen via Klarna Bank AB (verder: Klarna), waarop de vordering van de verkoper direct wordt gecedeerd aan Klarna. Zij treedt dan ook in de rechten van de verkoper. De vordering van Klarna is uiteindelijk gecedeerd aan Alektum, zodat zij thans vorderingsgerechtigd is. [gedaagde] laat de vordering onterecht onbetaald, zodat zij rente en kosten verschuldigd is geworden. Op het verweer van [gedaagde] voert Alektum aan dat zij geen andere stukken meer in het geding kan brengen. Zij conformeert zich aan het oordeel van de kantonrechter. 2.2 [gedaagde] voert aan dat door Alektum niet is onderbouwd dat zij vorderingsgerechtigd is, nu niet inzichtelijk is gemaakt dat sprake is geweest van rechtsgeldige cessies. Bovendien is geen sprake van een koopovereenkomst tussen verkoper en [gedaagde] , nu [gedaagde] de bestelling niet heeft geplaatst. Ook heeft zij de goederen niet ontvangen, zodat de verkoper de koopovereenkomst, voor zover die bestaat, niet is nagekomen. 2.3 De kantonrechter overweegt dat, nu Alektum gevestigd is in Zwitserland, de onderhavige procedure een internationaal karakter draagt. Allereerst dient daarom de vraag te worden beantwoord of de Nederlandse rechter bevoegd is van de vordering kennis te nemen. De kantonrechter beantwoordt deze vraag bevestigend en wel op grond van artikel 16 lid 2 van het Verdrag betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (Lugano, 30 oktober 2007). 2.4 Het meest verstrekkende verweer van [gedaagde] is dat niet kan worden vastgesteld dat er rechtsgeldige cessies hebben plaatsgevonden. Alektum heeft nagelaten de stukken, die samenhangen met de cessies in het geding te brengen. Voor de kantonrechter is het dan ook niet mogelijk om vast te stellen dat Alektum vorderingsgerechtigd is. Zij zal niet-ontvankelijk worden verklaard. 2.5 De overige stellingen en weren behoeven geen bespreking meer. 2.6 Alektum zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten. Aan de zijde van [gedaagde] worden deze begroot op € 78,00 gemachtigdensalaris en € 19,50 aan nakosten. 3De beslissing De kantonrechter: verklaart Alektum niet-ontvankelijk; veroordeelt Alektum in de proceskosten van € 97,50, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Wordt bij niet betaling het vonnis daarna betekend, dan moet Alektum ook de kosten van betekening betalen; verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. Dijkman en in het openbaar uitgesproken op 17 januari 2024.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.