RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Strafrecht Zittingsplaats: Breda parketnummer: 02/214337-22 vonnis van de meervoudige kamer van 7 mei 2024 in de strafzaak tegen [verdachte] , geboren op [geboortedag] 1963 te [geboorteplaats] , wonende te [postcode] [plaats] , [adres] , raadsvrouw mr. K.C. van de Wijngaart, advocaat te Rotterdam. 1Onderzoek van de zaak De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 23 april 2024, waarbij de officier van justitie, mr. Y.E.Y. Vermeulen, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt. 2De tenlastelegging De tenlastelegging is gewijzigd overeenkomstig artikel 313 van het Wetboek van Strafvordering en als bijlage I aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachtefeit 1: in de periode van 1 augustus 2022 tot en met 19 augustus 2022 een hennepkwekerij heeft gehad;feit 2: in de periode van 1 augustus 2022 tot en met 19 augustus 2022 elektriciteit heeft gestolen, dan wel medeplichtig is geweest aan diefstal van elektriciteit. 3De voorvragen De dagvaarding is geldig. De rechtbank is bevoegd. De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. Er is geen reden voor schorsing van de vervolging. 4De beoordeling van het bewijs 4.1 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 en het onder 2 primair tenlastegelegde heeft begaan. Hij baseert zich daarbij op de metingen die door Enexis zijn uitgevoerd en op het gegeven dat op het perceel van verdachte in een schuur een hennepkwekerij met 315 planten is aangetroffen. Onder de grond op het binnenplein tussen de schuren is er een illegale stroomaansluiting aangelegd. Verdachte heeft verklaard dat hij de schuur heeft verhuurd aan een ander en niets heeft gemerkt van een illegale aansluiting, maar die verklaring is niet alleen wisselend, maar ook ongeloofwaardig. 4.2 Het standpunt van de verdediging De verdediging heeft integrale vrijspraak bepleit. Verdachte wist niet dat er in de schuur een hennepkwekerij was gevestigd en dat daarvoor illegaal stroom werd afgetapt. Verdachte had de schuur eind april/begin mei 2022 verhuurd aan een persoon die aan hem had verteld dat hij zich bezig zou gaan houden met het spuiten van keukenkastjes. Hij had geen argwaan en hoefde dat ook niet te hebben. Er was ook sprake van normaal watergebruik. Toen hij er uiteindelijk achter kwam dat er in de schuur een hennepkwekerij zat, heeft hij tegen die persoon gezegd dat hij dat niet wilde hebben. Omdat de sfeer toen grimmig werd en de persoon zich dreigend uitliet richting hem, heeft hij hem onder de toezegging dat hij daarna meteen zou vertrekken de cyclus laten af maken. De hennepkwekerij zat er nog niet heel erg lang. Dat kan mede afgeleid worden uit het feit dat er in de nacht van 17 op 18 juli 2021 een stroomstoring in de straat was. Als er toen al een hennepkwekerij was, zou deze zijn ontdekt. In de week voorafgaand aan de ontdekking van de hennepkwekerij door de politie, was verdachte in het buitenland. Hij was dan ook niet betrokken bij de verzorging van de hennepplanten. Er kan hoogstens sprake zijn van medeplichtigheid aan hennepteelt en dat is niet aan verdachte ten laste gelegd, zodat hij moet worden vrijgesproken. 4.3 Het oordeel van de rechtbank 4.3.1 De bewijsmiddelen De bewijsmiddelen zijn in bijlage II aan dit vonnis gehecht. 4.3.2 De bijzondere overwegingen met betrekking tot het bewijs Feit 1 Op 18 augustus 2022 is in de schuur achter de woning van verdachte, gelegen op het perceel [adres] in [plaats] , een in werking zijnde hennepkwekerij aangetroffen met 315 hennepplanten. Verdachte was eigenaar van de schuur en het perceel waarop de schuur stond. Uit het dossier blijkt dat een buurman meerdere malen in de omgeving van de schuur een hennepgeur heeft geroken. Ook de politieagenten roken een hennepgeur bij de schuur. Op het binnenplein bij de schuur bleek ondergronds een illegale aftakking voor de elektriciteitsvoorziening te zijn aangelegd. Verdachte heeft bij de politie deels anders dan op zitting verklaard. Op zitting heeft hij verklaard dat hij de schuur per 1 mei 2022 had onderverhuurd aan een jongen, van wie hij de naam niet wil noemen. De jongen zou de ruimte gaan gebruiken om keukenkastjes te spuiten. Verdachte had in maart 2022 de schuur gereedgemaakt voor die verhuur. Verdachte kwam af en toe in de schuur, maar heeft nooit iets gemerkt van een inwerking zijnde hennepkwekerij. Hij had wel eens een vreemde lucht geroken en hij had wel gezien dat er in de schuur een afscheidingswand was aangebracht, maar hij zag daar toen geen kwaad in. De jongen had tegen hem gezegd dat de afgesloten ruimte er was zodat deze stofvrij bleef. Omdat hij het stil vond, is hij eind juli 2022 weer bij de schuur gaan kijken. Hij rook toen weer een vreemde lucht en kwam er achter dat er in de schuur een hennepkwekerij zat. Hij heeft de jongen daarop aangesproken en wilde dat hij zou vertrekken. Omdat de sfeer toen grimmig werd en de jongen zich dreigend uitliet richting hem, heeft hij hem toch nog tot de eerste oogst gebruik laten maken van de schuur. Verdachte heeft verder verklaard dat een bedrag van € 750,- per maand overeengekomen was voor de huur. Dit was inclusief elektriciteit. De jongen kwam het geld maandelijks brengen. Als bewijs van betaling gaf hij de jongen een kwitantie. De betalingen hield hij bij in zijn eigen administratie maar dit heeft hij niet aan de politie laten zien en ook ter zitting kan hij hiervan niets overhandigen. Ook heeft verdachte verklaard dat er geen sprake was van een schriftelijke huurovereenkomst. Het gebeurde allemaal in goed vertrouwen. De hennepkwekerij is aangetroffen in de schuur van verdachte, gelegen op zijn terrein achter zijn woning. Hij had toegang tot het terrein en die schuur. Het ging om een uitzonderlijk professioneel ingerichte kwekerij. Er werd gebruik gemaakt van een centraal geregeld bevloeiingssysteem of drupsysteem, een aan- en afzuiginstallatie voor lucht, een thermostaat- of computergestuurde verwarming en geavanceerde inrichtingen voor kunstlicht, alles geschakeld op tijdklokken, met gebruik van klimaat controle kasten. Er werd gecontroleerd koolstofdioxide toegevoegd, hetgeen de opbrengst en kwaliteit van een kwekerij verhoogt. De systemen in de hennepkwekerijen waren volledig geautomatiseerd. Er is ook een accupakket met omvormer aangetroffen, vermoedelijk om de afzuiginstallatie draaiende te houden bij stroomuitval en op die manier ontdekking van de kwekerij te voorkomen. De illegale aansluiting op het elektriciteitsnet is onder de grond gemaakt, waarvoor het terrein opengebroken moest worden. Uit de metingen van Enexis van de patronen in het stroomverbruik, blijkt dat de hennepkwekerij al tenminste vanaf de installatie van het monitoringssysteem op 7 mei 2021 in gebruik moet zijn geweest. Dit alles maakt dat de verklaring van verdachte dat hij niets heeft gemerkt van de installatie en de werking van de kwekerij en dat deze eerst na mei 2022 kan zijn ingericht, ongeloofwaardig. Dat geldt des te meer omdat verdachte eerder is veroordeeld voor het kweken van hennep. Hij heeft ter terechtzitting verklaard dat hij deze kwekerij zelf heeft opgezet. Hij kent dus de geur van hennep en weet wat er voor het kweken van hennep nodig is. Van de betrokkenheid van een andere persoon “een huurder” blijkt niet. Alleen verdachte verklaart daarover, maar hij heeft geen enkele onderbouwing daarvoor gegeven en daarvan is ook op geen enkele wijze uit het onderzoek gebleken. De omstandigheid dat verdachte enige tijd voor de ontdekking afwezig is geweest, hoeft gelet op de mate van automatisering van de kwekerij, ook niet te wijzen op noodzakelijke betrokkenheid van derden. De verdediging heeft nog gewezen op het waterverbruik dat volgens de jaarnota van Brabant Water vóór mei 2022 niet afwijkend van normaal gezinsgebruik zou zijn. Verdachte heeft ter terechtzitting echter verklaard dat het verbruik is vastgesteld op basis van de door hemzelf doorgegeven meterstanden. Daarnaast heeft hij verklaard dat hij inmiddels een naheffing van Brabant Water heeft ontvangen van ongeveer € 2.200,-. De gegevens op de jaarnota kunnen dan ook niet tot de door de verdediging gestelde conclusie leiden. Dat geldt ook voor de verwijzing naar de stroomstoring in juli
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.