← Nederland

ECLI:NL:RBZWB:2024:3947

ECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Zittingsplaats Breda Belastingrecht zaaknummer: BRE 23/9023 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 6 juni 2024 in de zaak tussen [belanghebbende], uit [plaats], belanghebbende, en de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking West-Brabant, de heffingsambtenaar. Inleiding

  1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 6 juli
  2. 1.
  3. De heffingsambtenaar heeft bij beschikking van 25 februari 2023 de WOZ-waarde van de onroerende zaak [adres] te [plaats] op 1 januari 2022 vastgesteld op € 463.
  4. Tegelijk met deze waardevaststelling is aan belanghebbende ook de aanslag in de onroerendezaakbelastingen van de gemeente Bergen op Zoom voor het jaar 2023 opgelegd. 1.
  5. De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard. 1.
  6. De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift. 1.
  7. De rechtbank heeft het beroep op 5 juni 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: belanghebbende, de dochter van belanghebbende en namens de heffingsambtenaar zijn verschenen [naam 1] en [naam 2]. Overwegingen
  8. Partijen hebben ter zitting bij wijze van compromis overeenstemming bereikt. Afgesproken is dat de WOZ-waarde voor het jaar 2023 wordt vastgesteld op € 447.
  9. Het beroep is daarom gegrond. De waarde moet worden verlaagd. De aanslag OZB dient dienovereenkomstig te worden verminderd. 2.
  10. Omdat het beroep gegrond is moet de heffingsambtenaar het griffierecht aan belanghebbende vergoeden en krijgt belanghebbende ook een vergoeding van zijn proceskosten, bestaande uit de reiskosten voor het bijwonen van de rechtbankzitting. De heffingsambtenaar is ter zitting akkoord gegaan met een vergoeding van de reiskosten van belanghebbende en zijn dochter. De rechtbank heeft deze bepaald op € 44,
  11. 2.
  12. Ten overvloede merkt de rechtbank op dat met deze uitspraak het geschil tussen belanghebbende en de heffingsambtenaar over het belastingjaar 2023 is afgedaan. Die beslissing staat op zichzelf en heeft geen verband met de beschikking voor het jaar
  13. Beslissing De rechtbank: verklaart het beroep gegrond; vernietigt de uitspraak op bezwaar; vermindert de WOZ-waarde van de woning tot een bedrag van € 447.000; vermindert de aanslag OZB dienovereenkomstig; bepaalt dat de heffingsambtenaar het griffierecht van € 50 aan belanghebbende moet vergoeden; veroordeelt de heffingsambtenaar tot betaling van € 43,52 aan proceskosten aan belanghebbende. Deze uitspraak is gedaan door mr. M.M. Dondorp-Loopstra, rechter, in aanwezigheid van mr. D. Damen, griffier, op 6 juni 2024 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. griffier rechter Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: Informatie over hoger beroep Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Digitaal beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hierna genoemd: de woning Dat is de waarde-peildatum voor het belastingjaar 2023 Hierna: de aanslag OZB Heen- en terugreis van woonadres belanghebbende naar het adres van de rechtbank, per openbaar vervoer, tweede klasse. En het daarin vastgelegde compromis

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.