RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Strafrecht Zittingsplaats Middelburg parketnummer : 02-261276-23 raadkamernummers: 24-000777 en 24-002695 beslissing van de enkelvoudige raadkamer op het beklag op grond van artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van: [klager] , geboren op [geboortedag] 1966 te [geboorteplaats] , woonplaats kiezend op het kantoor van mr. J.H.E.M. Kersemaekers advocaat te Breda, (Postbus 4650, 4803 ER Breda), hierna te noemen: de klager, tevens beslagene. 1De procedure Het verloop van de procedure blijkt uit de volgende stukken: de kennisgeving van inbeslagname op grond van artikel 94 van het Wetboek van Strafvordering (hierna te noemen: Sv), waaruit blijkt dat op 14 december 2023 onder klager in beslag is genomen: een personenauto Jeep Renegade, [kenteken] en 2 horloges; het klaagschrift, ingediend op 9 januari 2024 ter griffie van deze rechtbank ingevolge artikel 552a Sv; het verweerschrift van de officier van justitie; de machtiging conservatoir beslag voor een bedrag van € 527.610,00 d.d. 25 januari 2024; de uitbreiding van het klaagschrift ingediend op 30 januari 2024, gericht tegen het conservatoire beslag; de overige stukken uit het bijbehorende raadkamerdossier met voornoemd raadkamernummer. Het klaagschrift is behandeld in raadkamer op 16 april 2024. Gehoord zijn de officier van justitie mr. R.S. Jacobs, klager en mr. J.H.E.M. Kersemaekers. Namens klager wordt aangevoerd dat er onder klager een Jeep Renagade en 2 horloges in beslag zijn genomen. De horloges zijn inmiddels aan klager teruggegeven, zodat het beklag zich nu nog slechts richt tegen het conservatoir beslag op de auto van klager. Klager is ontslagen, daarom heeft klager de auto nodig zodat hij werk kan gaan zoeken. Tevens is klager reumapatiënt en is daarom afhankelijk van zijn auto. Er ligt inmiddels conservatoir beslag op de woning van klager, zodat het niet proportioneel is om de auto in beslag te houden. Klager verzoekt de rechtbank dan ook tot gegrondverklaring van zijn klaagschrift en de teruggave van de inbeslaggenomen auto. De officier van justitie heeft zich in raadkamer op het standpunt gesteld dat het conservatoir beslag gehandhaafd dient te blijven nu het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter, later oordelend, een ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel dan wel een maatregel van schadevergoeding op zal leggen aan klager gelet op de tegen klager heersende strafrechtelijke verdenking. 2De beoordeling De raadkamer van de rechtbank is bevoegd tot afdoening van het klaagschrift. Het klaagschrift is tijdig ingediend en klager is ontvankelijk in het klaagschrift. Bij de beoordeling stelt de rechtbank voorop dat het onderzoek in raadkamer naar aanleiding van een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a Sv een summier karakter draagt. Dat betekent dat van de rechter niet kan worden gevergd ten gronde in de mogelijke uitkomst van een nog te voeren hoofdzaak of ontnemingsprocedure te treden. De rechtbank overweegt over het klaagschrift tegen het conservatoir beslag dat is gelegd op grond van artikel 94a Sv als volgt. Volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad sinds HR 28 september 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL2823, NJ 2010/654 r.o. 2.14, dient de rechter, in geval van een klaagschrift tegen een op grond van artikel 94a, eerste of tweede lid, Sv gelegd beslag te onderzoeken: (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.