RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Middelburg Zaaknummer: 10410048 \ CV EXPL 23-689 Vonnis van 21 februari 2024 in de zaak van 1 [eiser 1] , 2. [eiser 2], beiden te [plaats 1] , eisers, hierna samen te noemen: [eisers] , procederend in persoon, tegen [gedaagde] , te [plaats 2] , gedaagde, hierna te noemen: [gedaagde] , gemachtigde: mr. M. Harte. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 7 juni 2023 en de daarin genoemde processtukken; - de conclusie van repliek; - de conclusie van dupliek; - de mondelinge behandeling van 31 juli 2023, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt. 1.2. Vervolgens is de procedure aangehouden voor minnelijk overleg. 1.3. Bij e-mails van 5 december 2023 van [eisers] en van 6 december 2023 van mr. Harte, hebben partijen meegedeeld dat zij geen onderling akkoord hebben bereikt. Daarop is vonnis bepaald. 2De feiten 2.1. [eisers] verhuurt aan [gedaagde] met ingang van 16 februari 2007 de woning aan de [adres] (hierna: het gehuurde). 2.2. Bij brief van 29 december 2022 heeft [eisers] de huurovereenkomst wegens dringend eigen gebruik opgezegd met een opzegtermijn van zes maanden. Verder heeft hij aangezegd dat de maandelijkse huur vanaf 1 januari 2023 wordt verhoogd vanwege de in het gehuurde geplaatste nieuwe cv-ketel en vanaf 1 februari 2023 wordt geïndexeerd. Hij heeft [gedaagde] verzocht om binnen zes weken te reageren. Bij de brief heeft [eisers] een stuk genaamd “Renovatieplan [adres] ” meegezonden. 2.3. Nadat reactie van [gedaagde] binnen de gestelde termijn uitbleef, heeft [eisers] [gedaagde] bij brief van 14 februari 2023 nog een keer verzocht te reageren en akkoord te gaan met de opzegging van de huur. 3Het geschil 3.1. [eisers] vordert – na verduidelijking ter zitting – bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad: a. de huurovereenkomst te ontbinden c.q. beëindigen per 30 juni 2023, en [gedaagde] te veroordelen: het gehuurde te ontruimen en bij vertrek de woning, tuin en opstallen borstelschoon achter te laten, tot het uitvoeren van achterstallige onderhoudswerken aan de tuin, tot het verwijderen van de onvergunde constructie op het terras, in de kosten van deze procedure, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 dagen na betekening van dit vonnis. 3.2. [eisers] legt aan zijn vordering ten grondslag dat hij het gehuurde nodig heeft voor dringend eigen gebruik vanwege renovatie. Het uitvoeren van die renovatie is dringend en noodzakelijk. Allereerst kan de huidige exploitatie vanwege de lage huurprijs, de slechte staat van het gehuurde en de hoogte van de te voorziene onderhoudskosten op korte en middellange termijn, niet op rendabele manier worden voortgezet. De woning is sterk verouderd. De laatste onderhoudswerkzaamheden waren 32 jaar geleden. [eisers] wil als goed huisvader de situatie voorkomen dat hij met enorme onderhoudskosten wordt geconfronteerd. Zonder renovatie is het ook onmogelijk de woning te laten voldoen aan de verduurzamingsplannen van de Woonbond, de gemeente, de provincie en het kabinet. De woning zal tijdens de renovatie geheel moeten worden ontmanteld, zodat een onbewoonbare ruwbouw ontstaat. Omdat [eisers] de werkzaamheden deels zelf wil uitvoeren, wil hij het hele gebouw tegelijk aanpakken en dit spreiden in tijd over zijn vrije uren. Het is dan ook onmogelijk deze renovatie uit te voeren zonder het beëindigen van de huur. 3.3. [gedaagde] voert verweer en betwist dat sprake is van dringend eigen gebruik aan de zijde van [eisers] . Allereerst wordt met de huur van de woning een netjes rendement behaald. Daarnaast is renovatie niet dringend noodzakelijk. [eisers] heeft geen duidelijk renovatieplan overgelegd. De woning is al redelijk energiezuinig en een deel van de voorgestelde werkzaamheden is niet nodig, laat staan dringend, omdat de woning hier al over beschikt. In de jaren daarvoor heeft [eisers] , behalve het installeren van een (gebrekkige) cv-ketel in 2022, niets van tussentijds onderhoud uitgevoerd aan het gehuurde en de huurprijs ook niet geïndexeerd. Tot slot is niet gebleken dat een renovatie niet kan plaatsvinden zonder beëindiging van de huur. [gedaagde] wil graag, al dan niet met tijdelijke beperkingen door renovatiewerkzaamheden, in het gehuurde blijven wonen. 3.4. Op de standpunten van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. 4De beoordeling Ontbinding huurovereenkomst en ontruiming gehuurde 4.1. De eerste vraag die dient te worden beantwoord is of [eisers] het gehuurde dringend nodig heeft voor eigen gebruik. Onder dringend eigen gebruik wordt mede begrepen renovatie van woonruimte die zonder beëindiging van de huur niet mogelijk is. Daarbij geldt dat het enkele feit dat de verhuurder wil overgaan tot de uitvoering van een bouw- en/of renovatieplan, geen dringend eigen gebruik oplevert, in de regel ook niet indien de exploitatie van het verhuurde in ongewijzigde staat onrendabel is. Als sprake is van een structurele wanverhouding tussen de exploitatiekosten en de huuropbrengsten, kán dit anders zijn. Maar gelet op het gewicht dat toekomt aan de door het huurrecht beoogde bescherming van de huurder van woonruimte, mag beëindiging van huur met een beroep op dringend eigen gebruik niet te snel worden gehonoreerd. 4.2. In dit geval oordeelt de kantonrechter dat [eisers] , in het licht van het verweer van [gedaagde] , onvoldoende heeft gesteld dan wel onderbouwd dat hij het gehuurde zo dringend nodig heeft voor eigen gebruik, dat van hem niet kan worden verlangd dat de huurverhouding met [gedaagde] wordt voortgezet. Daartoe wordt het volgende overwogen. 4.3. Niet is gebleken van een structurele wanverhouding tussen de exploitatiekosten en de huuropbrengsten. [gedaagde] heeft dit gemotiveerd betwist en [eisers] heeft op dit punt onvoldoende nadere onderbouwing gegeven. Daarbij komt dat [eisers] , hoewel hij daartoe op basis van de huurvoorwaarden gerechtigd was, de huur ruim vijftien jaar niet heeft geïndexeerd. Kennelijk zag hij daarvan af. Dat maakt het beroep van [eisers] op een onrendabele huuropbrengst oneigenlijk en kan (in ieder geval niet volledig) aan [gedaagde] als huurder worden tegengeworpen. Ook de (hoogte van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.