RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Team strafrecht Zittingsplaats Middelburg zaaknummer : 11030365 \ MB VERZ 24-275 CJIB-nummer : 6062 5422 5652 4951 uitspraakdatum : 5 augustus 2024 proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van naam : [betrokkene] [adres] [woonplaats] ( [land] ) hierna: betrokkene gemachtigde : [bedrijf] Verloop van de procedure Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. De zaak is behandeld op de zitting van 5 augustus
- Namens de officier van justitie is verschenen mr. A. de Vreeze (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene en gemachtigde zijn niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan. Standpunten De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: 11 kilometer per uur harder rijden dan mag p een (auto)weg buiten de bebouwde kom op de N253 (rechts, van Sint Anna ter Muiden richting Heilleweg) te Sluis op 17 maart 2023 om 18:12 uur. Betrokkene heeft in het beroepsschrift samengevat aangevoerd dat het voertuig was verkocht ten tijde van de constatering van de verweten gedraging. De persoon/het bedrijf die het voertuig had gekocht is verantwoordelijk voor de gedraging die is verricht met het voertuig. De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. Betrokkene heeft in het dossier een verkoopfactuur overlegd. De zittingsvertegenwoordiger heeft echter via het Europese Kentekenregister geconstateerd dat het voertuig nog steeds op de naam van betrokkene stond. Overwegingen De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. De boete is dus terecht opgelegd. De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen. Daarbij is van belang dat betrokkene had aangegeven dat het voertuig ten tijde van de gedraging was verkocht. Op de dag van het vaststellen van de gedraging, op 17 maart 2023, stond het kenteken nog op naam van betrokkene. Op het moment dat een voertuig in [land] wordt verkocht, is er een termijn van dertig dagen om het voertuig over te laten zetten op naam van de koper. Na het raadplegen van het Europese Kentekenregister door de zittingsvertegenwoordiger blijkt dat het kenteken na het bedoelde termijn nog steeds op naam van betrokkene stond. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Beslissing De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.H. de Brouwer, kantonrechter, bijgestaan door de griffier X.L.C.M. van Sprundel, en in het openbaar uitgesproken op 5 augustus
- Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk. Datum verzending: