← Nederland

ECLI:NL:RBZWB:2024:7884

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Team strafrecht Zittingsplaats Breda zaaknummer : 11272585 \ MB VERZ 24-1102 CJIB-nummer : 1062 5422 5731 0160 uitspraakdatum : 11 oktober 2024 proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van naam : [betrokkene] adres : [adres] woonplaats : [woonplaats] hierna: betrokkene Verloop van de procedure Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. De zaak is behandeld op de zitting van 11 oktober

  1. Namens de officier van justitie is verschenen mr. A. de Vreeze (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan. Standpunten De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: Parkeren op parkeergelegenheid op andere wijze dan op (onder)bord is aangegeven op de Venestraat te Geertruidenberg op 9 april 2023 om 10:48 uur. Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de boete niet redelijk is gelet op de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden. Volgens betrokkene is er niet aangegeven wat hij fout heeft gedaan. Als er naar de situatie gekeken wordt, dan blijkt dat de parkeervakken erg kort en smal zijn en er daardoor geen mogelijkheid is om met twee auto’s naast elkaar te parkeren. Om die reden parkeren meerdere auto’s schuin om zo het fietspad aan de voorkant en het voetpad aan de achterkant vrij te laten. Betrokkene heeft foto’s gemaakt als voorbeeld en verwijst hiernaar. Ook heeft betrokkene niemand gehinderd, waardoor de boete onterecht is. De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep gegrond te verklaren, aangezien de zittingsvertegenwoordiger uit de foto’s in het dossier en het straatbeeld op Google Streetview geen bebording heeft gezien die erop wijst hoe geparkeerd dient te worden. Daardoor kan de gedraging niet worden vastgesteld. Overwegingen De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de gedraging is verricht. Daarbij is van belang dat het om een onduidelijke situatie gaat, waarbij de bebording ontbreekt. Dit betekent dat de boete ten onrechte is opgelegd. Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie zullen worden vernietigd. Het bedrag dat betrokkene aan zekerheid heeft betaald moet door de officier van justitie worden terugbetaald. Beslissing De kantonrechter: ‒ verklaart het beroep gegrond; ‒ vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd; ‒ draagt de officier van justitie op het bedrag van € 119,- dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terug te betalen. Deze uitspraak is gedaan door mr. S.W.M. Speekenbrink, kantonrechter, bijgestaan door de griffier E. Alekperov, en in het openbaar uitgesproken op 11 oktober
  2. De griffier is niet in de gelegenheid om deze uitspraak mede te ondertekenen. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk. Datum verzending:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.