← Nederland

ECLI:NL:RBZWB:2024:8579

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Team strafrecht Zittingsplaats Middelburg zaaknummer : 10984663 \ MB VERZ 24-178 CJIB-nummer : 7062 5422 5525 7411 uitspraakdatum : 15 november 2024 proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van naam : [betrokkene] B.V. adres : [adres] woonplaats : [woonplaats] hierna: betrokkene gemachtigde : mr. M. Lagas Verloop van de procedure Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. De zaak is behandeld op de zitting van 15 november

  1. Namens de officier van justitie is verschenen mr. Z. Fluitsma (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Namens betrokkene is als waarnemend gemachtigde verschenen mevrouw [naam]. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan. Standpunten De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: een voertuig parkeren waar dat niet mag (bord E1, parkeerverbod(szone)) te Middelburg op 30 december
  2. Namens de betrokkene heeft de gemachtigde zich op het standpunt gesteld dat betrokkene de gedraging niet heeft verricht. De betrokkene heeft niet op de rijbaan geparkeerd, maar op een ander weggedeelte in de zin van artikel 10 RVV wat niet in strijd is met het parkeerverbod. Daarbij stelt de gemachtigde dat de foto’s in het procesdossier geen bewijskracht hebben aangezien deze van slechte kwaliteit zijn. Tot slot verzoekt de gemachtigde proceskostenvergoeding. Ter zitting heeft de gemachtigde hieraan toegevoegd dat de betreffende plek voor de gemiddelde weggebruiker voordoet als een parkeerplek. De rijbaan is eveneens betegeld. Pas indien sprake is van parkeren op de rijbaan is het in strijd met het verbod. De gedraging is daarom niet verricht. De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. Het tegelgebruik is niet kenmerkend als ander deel van de rijbaan. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft in de zaak met kenmerk 2022:4283 geoordeeld dat parkeren op een daartoe bestemd weggedeelte een uitzondering vormt op het parkeerverbod, het aan de gemachtigde is om aannemelijk te maken dat sprake is van een voor parkeren bestemd weggedeelte. Dat het gaat om een strook naast de rijbaan en deze strook een ander kleur asfalt heeft, is onvoldoende om aan te nemen dat sprake is van een parkeerstrook. Daarvoor is een verdere aanduiding nodig. Overwegingen De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier - met name uit de verklaring van de verbalisant - voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. In zaken op grond van de Wahv biedt de verklaring van de verbalisant in beginsel voldoende grondslag voor de vaststelling dat de gedraging is verricht. Dat is anders indien de betrokkene voor zijn zaak specifieke feiten en omstandigheden aanvoert, die aanleiding geven om te twijfelen aan de juistheid van die verklaring of indien dergelijke feiten en omstandigheden uit het dossier blijken. De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd geen aanleiding om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant. Om een locatie te duiden als parkeervak dient er belijning zichtbaar te zijn. Dat ontbreekt in dit geval. De boete is dus terecht opgelegd. De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Beslissing De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. W.H.C. van Eck, kantonrechter, bijgestaan door de griffier mr. S.E. van Wijk, en in het openbaar uitgesproken op 15 november
  3. Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als: de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld. Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 67, 4330 AB Middelburg. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde. U dient daarbij het zaaknummer te vermelden. De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten. Datum verzending:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.