RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Team strafrecht Zittingsplaats Breda zaaknummer : 10993874 \ MB VERZ 24-294 10993878 \ MB VERZ 24-295 CJIB-nummer : 1062 5422 5525 7706 4062 5422 5469 5088 uitspraakdatum : 4 november 2024 proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van naam : [betrokkene] adres : [adres] woonplaats : [woonplaats] hierna: betrokkene Verloop van de procedure Aan betrokkene zijn twee administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft de beroepen ongegrond verklaard. Tegen die beslissingen is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. De zaken zijn behandeld op de zitting van 4 november
- Namens de officier van justitie is verschenen mr. A. de Vreeze (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan. Standpunten De gedragingen waarvoor de boetes zijn opgelegd luiden, kort omschreven: rijden op het trottoir, voetpad, fietspad, fiets/bromfietspad of het ruiterpad (niet de rijbaan gebruiken) op de Nieuwstraat [huisnummer] te Oosterhout (gemeente Oosterhout) op 6 december 2022 om 18:15 uur. rijden op het trottoir, voetpad, fietspad, fiets/bromfietspad of het ruiterpad (niet de rijbaan gebruiken) op de Nieuwstraat [huisnummer] te Oosterhout (gemeente Oosterhout) op 10 januari 2023 om 22:12 uur. Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de boete niet redelijk is gelet op de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden en het boetebedrag te hoog is, gelet op de financiële situatie van betrokkene. Betrokkene stelt dat er op het verkeersbord stond dat de boete € 100,- bedraagt. Voorts voert betrokkene aan dat hij geen geld heeft om te betalen en bekend is bij Zuidweg & partners en de gemeente in verband met hulpsanering. De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht de zekerheid op nihil te stellen en het beroep gegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. Zij heeft geen bevestiging gezien dat betrokkene daadwerkelijk in de schuldsanering terecht is gekomen. Ook heeft betrokkene nagelaten een overzicht van zijn inkomsten en uitgaven te overhandigen. De zittingsvertegenwoordiger wil betrokkene op dit punt het voordeel van de twijfel geven. De boetes zijn opgelegd voor gedragingen die door een camerasysteem zijn geconstateerd. Indien een gemeente over wil gaan naar het digitaal handhaven, moet er aan bepaalde voorwaarden worden voldaan. Een belangrijke voorwaarde is dat er een foto in het dossier dient te zitten, waaruit blijkt dat het voertuig van betrokkene de gedraging heeft begaan. In dit dossier ontbreekt die foto. Overwegingen Zekerheidstelling Op grond van artikel 11 Wahv moet de indiener van een beroepschrift eerst een bedrag aan zekerheidstelling betalen voordat het beroep in behandeling kan worden genomen. Betrokkene heeft deze zekerheidstelling van € 159,- niet betaald. Betrokkene heeft aangevoerd de zekerheid niet te kunnen betalen. De kantonrechter geeft betrokkene op dit punt het voordeel van de twijfel. De te betalen zekerheid wordt daarom op nihil gesteld. Inhoudelijk De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de gedragingen zijn verricht. De gemeente mag via een digitale camera handhaven, mits de gemeente zich aan de daarbij komende voorwaarden houdt. In dit geval ontbreken de foto’s in het dossier waaruit blijkt dat met het voertuig van betrokkene de gedragingen zijn begaan. De gemeente heeft ook nagelaten om later nog een foto te verstrekken. Dit betekent dat de boetes ten onrechte zijn opgelegd. Het beroep is daarom gegrond. De beschikkingen waarbij de boetes zijn opgelegd en de beslissingen van de officier van justitie zullen worden vernietigd. Beslissing De kantonrechter: ‒ verklaart de beroepen gegrond; ‒ vernietigt de bestreden beslissingen van de officier van justitie en de beschikkingen waarbij de boetes zijn opgelegd. Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Breeman, kantonrechter, bijgestaan door de griffier X.L.C.M. van Sprundel, en in het openbaar uitgesproken op 4 november
- Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk. Datum verzending: