RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Team strafrecht Locatie Breda parketnummer: 02/207728-23 rk-nummer: 24-002663 Beslissing op het bezwaarschrift ex artikel 7 van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden (hierna te noemen de Wet), ingekomen ter griffie op 30 januari 2024 over het bevel tot afname van celmateriaal, van: [veroordeelde] geboren op [datum] 2001 te [plaats] woonplaats kiezend ten kantore van mr. T. van Riel op het adres: Postbus 1030 4801 BA Breda hierna te noemen: veroordeelde 1De procedure Op 14 maart 2024 heeft het onderzoek door de raadkamer plaatsgevonden. Hierbij zijn de officier van justitie, mr. R. Jacobs, en mr. T. van Riel de advocaat van veroordeelde. Namens veroordeelde is aangevoerd dat hij naar aanleiding van de opgelegde strafbeschikking van 28 november 2023 in de zaak met parketnummer 02/207728-23 een bevel tot afname van DNA-materiaal heeft ontvangen. Veroordeelde voert aan dat hij tegen de opgelegde strafbeschikking in verzet is gegaan en er een behandeling van de strafzaak door de politierechter zal volgen. Veroordeelde stelt dat er gronden zijn voor de toepassing van de uitzonderingsgrond als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder b van de Wet DNA. Het feit betreft namelijk een incident waarbij er sprake was van een misverstand tussen een vriend van veroordeelde en een derde. Uit het reclasseringsrapport is gebleken dat het recidive risico laag is. Veroordeelde stelt daarnaast dat met het bepalen en verwerken van zijn DNA-profiel zijn recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer ex artikel 8 EVRM ernstig wordt geschonden. Gelet hierop is de opname van het DNA-profiel in de DNA-databank disproportioneel te achten. Veroordeelde verzoekt om het bezwaarschrift gegrond te verklaren. De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat door aangehaalde redenen van de rechtbank, inhoudende dat de opgelegde strafbeschikking niet onherroepelijk is, het bezwaar gegrond moet worden verklaard. 2De beoordeling De officier van justitie heeft op 28 november 2023 middels een strafbeschikking aan veroordeelde opgelegd een taakstraf voor de duur van 100 uren voor het plegen van, kort gezegd, openlijk geweld. Veroordeelde heeft op 15 december 2023 tegen deze beslissing verzet ingesteld, welk verzet voor behandeling staat gepland op de politierechterzitting van 25 maart
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.