← Nederland

ECLI:NL:RBZWB:2025:5246

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Team strafrecht Zittingsplaats Middelburg zaaknummer: 11260770 \ MB VERZ 24-670 CJIB-nummer: 1062 5422 5878 5037 uitspraakdatum: 3 juli 2025 proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van naam : [betrokkene] adres : [adres] woonplaats : [woonplaats] hierna: betrokkene Verloop van de procedure Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. De zaak is behandeld op de zitting van 3 juli

  1. Namens de officier van justitie is verschenen mr. C.S. de Meer (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan. Standpunten De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: voor het motorrijtuig met een toegestane maximummassa van 3500 kg of minder heeft het keuringsbewijs geldigheid verloren geconstateerd door de RDW op 20 juni 2023 om 17.00 uur. Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de boete niet redelijk is gelet op de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden. Het betreffende voertuig is niet op de openbare weg geweest. Het boetebedrag is veel te hoog voor de fout als je iets vergeet. Het voertuig is een hobby auto waarvan betrokkene er in totaal acht van heeft. Ter zitting heeft betrokkene hieraan toegevoegd op vrijdag het voertuig te hebben geschorst en de maandag daarop een boete te hebben ontvangen. De afspraak voor de keuring werd elke keer verzet. Betrokkene heeft eenmaal eerder een boete hiervoor ontvangen maar dat was 20 jaar geleden. De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. Een kentekenhouder heeft verplichtingen en een daarvan is het (tijdig) laten keuren van het voertuig. Het is een eigen verantwoordelijkheid de vervaldatum van het keuringsbewijs zelf in de gaten te houden. Op 26 juni 2023 is het voertuig geschorst. Dit maakt niet dat de boete onterecht is opgelegd. Er is geen reden tot matiging van het sanctiebedrag. Overwegingen De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Dit wordt ook niet betwist door betrokkene. De boete is dus terecht opgelegd. De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd wel aanleiding om de boete te matigen. Daarbij is van belang dat het voertuig al was geschorst en vervolgens een boete is ontvangen door betrokkene. Het is wel een eigen verantwoordelijkheid de vervaldatum van de keuring in de gaten te houden en tijdig een afspraak voor een keuring te maken. Als de keuring niet op tijd kan plaatsvinden is het mogelijk het voertuig (tijdelijk) te schorsen. Met deze matiging van de sanctie wordt rekening gehouden met de overschrijding van de redelijke termijn. De boete zal worden gematigd tot de helft. Het beroep is gelet op de matiging gedeeltelijk gegrond. De beslissing van de officier van justitie zal worden gewijzigd. Het bedrag dat betrokkene te veel aan zekerheid heeft betaald moet door de officier van justitie worden terugbetaald. Beslissing De kantonrechter: ‒ verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond; ‒ wijzigt de beslissing van de officier van justitie in die zin dat de boete wordt gematigd tot € 80,-, plus € 9,- administratiekosten; ‒ draagt de officier van justitie op het bedrag van € 80,-, dat betrokkene te veel als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terug te betalen. Deze uitspraak is gedaan door mr. M.A.V. van Aardenne, kantonrechter, bijgestaan door de griffier C.G. Zevenhuijzen, en in het openbaar uitgesproken op 3 juli
  2. Als u het niet eens bent met deze beslissing , dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als: de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld. Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, postbus 67, 4330 AB Middelburg. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde. U dient daarbij het zaaknummer te vermelden. De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten. Datum verzending:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.