RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Tilburg Zaaknummer: 11657177 \ CV EXPL 25-1873 Vonnis van 30 juli 2025 in de zaak van de vennootschap naar buitenlands recht ALEKTUM CAPITAL V AG, gevestigd en kantoorhoudende te Zug (Zwitserland), eisende partij, hierna te noemen: Alektum , gemachtigde: Deurwaarderskantoor Van Lith B.V. te Eindhoven, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde] , procederend in persoon. 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding van 26 maart 2025 met producties;- het extract audiëntieblad van de rolzitting van 23 april 2025;- de akte van Alektum van 7 mei 2025 met producties;- het extract audiëntieblad van de rolzitting van 18 juni
- 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De zaak in het kort Alektum stelt dat [gedaagde] een bestelling heeft geplaatst bij de webshop van haar rechtsvoorgangster (verder: de verkoper). De verkoper heeft haar vordering gecedeerd aan Alektum . [gedaagde] heeft het openstaande bedrag onterecht onbetaald gelaten, zodat zij rente en kosten verschuldigd is geworden. [gedaagde] betwijfelt of zij de bestelling heeft geplaatst en stelt het bestelde product niet te hebben ontvangen. De kantonrechter is van oordeel dat onvoldoende is onderbouwd dat [gedaagde] de goederen heeft ontvangen. De vordering wordt dan ook afgewezen. 3Het geschil en de beoordeling Standpunten van partijen: 3.
- Alektum vordert om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 107,94, te vermeerderen met rente en kosten. Zij voert aan dat [gedaagde] op 5 juni 2023 een bestelling heeft geplaatst bij de verkoper en die bestelling door de verkoper aan [gedaagde] is geleverd. [gedaagde] heeft de koopsom onbetaald gelaten. De vordering van de verkoper is aan Alektum gecedeerd, zodat [gedaagde] de koopsom aan haar moet voldoen. Nu zij dit nalaat, is zij rente en kosten verschuldigd geworden. Op het verweer van [gedaagde] voert Alektum aan dat [gedaagde] erkent dat de bestelling vanaf haar account is geplaatst. Zij heeft echter pas onlangs de Track-and-Trace code opgevraagd. Daarbij is [gedaagde] via e-mail en post diverse malen op de bestelling en het openstaande bedrag gewezen. Het had op haar weg gelegen eerder verweer te voeren tegen de vordering. Dit heeft zij niet gedaan. Alektum acht het verweer dan ook ongeloofwaardig. 3.
- [gedaagde] voert verweer. Zij voert aan dat zij de bestelling in haar account terug kan vinden, maar dat zij de bijbehorende e-mailberichten niet terug kan vinden. Daarbij is bij de bestelling gekozen om achteraf te betalen, terwijl zij meestal vooraf betaald via IDeal. Zij bestelt nooit op rekening. De brieven van de verkoper en Alektum heeft zij niet ontvangen. Zij woonde in een studentenhuis op dat moment en er raakte wel vaker post kwijt. Zij heeft na ontvangst van de dagvaarding de Track-and-Trace code van de zending opgevraagd bij DHL, maar die gaf geen resultaat. Zij concludeert daaruit dat de bestelling niet is verzonden. Zij heeft het bestelde product niet ontvangen. Bevoegdheid van de Nederlandse rechter en het toepasselijk recht: 3.
- De verkoper en Alektum zijn rechtspersonen naar buitenlands recht. Daarom moet allereerst de vraag worden beantwoord of de Nederlandse rechter wel bevoegd is van de vordering kennis te nemen. Dat is zo. [gedaagde] woont namelijk in Nederland en is een consument. Verder overweegt de kantonrechter dat op de vordering het Nederlands recht van toepassing is. De behandeling van het verweer en conclusie: 3.
- In het kort komt het verweer van [gedaagde] erop neer dat zij betwijfelt of zij de bestelling heeft geplaatst. Zij betwist het bestelde product te hebben ontvangen. 3.
- Naar het oordeel van de kantonrechter is voldoende onderbouwd dat de bestelling via haar account bij de verkoper is geplaatst, zodat ervan uit moet worden gegaan dat er een koopovereenkomst tussen de verkoper en [gedaagde] is ontstaan. Onvoldoende is echter onderbouwd dat [gedaagde] de bestelling ook heeft ontvangen. Het feit dat zij bijna twee jaar na het plaatsen van de bestelling pas navraag heeft gedaan bij de verkoper en de vervoerder is daarbij niet van belang. Uit artikel 7:26 lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering volgt dat de betalingsverplichting pas ontstaat op het moment dat het bestelde product is afgeleverd. Nu Alektum stelt dat [gedaagde] gehouden is de koopsom te betalen, is het aan haar om voldoende te onderbouwen (en eventueel te bewijzen) dat het bestelde product door [gedaagde] is ontvangen. Alektum heeft geen stukken overgelegd, waaruit volgt dat het bestelde product is ontvangen. De vordering wordt, als onvoldoende onderbouwd, afgewezen. 3.
- Alektum is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen. Nu [gedaagde] tweemaal op de rolzitting is verschenen worden haar proceskosten begroot op een bedrag van € 50,
- 4De beslissing De kantonrechter 4.
- wijst de vordering af; 4.
- veroordeelt Alektum in de proceskosten van € 50,00, 4.
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. Tilman-Knoester en in het openbaar uitgesproken door mr. Eijssen-Vruwink op 30 juli 2025.