RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Familie- en Jeugdrecht Locatie Breda Zaaknummer: C/02/439500 / FA RK 25-4543 Datum uitspraak: 19 september 2025 Beschikking zorgmachtiging op het verzoek van de officier van justitie voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1992 in [geboorteplaats], hierna te noemen betrokkene, wonend in [plaats], advocaat mr. C.L.M. Gommers uit Breda. 1Het verloop van de procedure 1.
- De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: - het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 5 september
- 1.
- De rechtbank heeft partijen opgeroepen voor de mondelinge behandeling van het verzoek op 15 september 2025, op de locatie van [accommodatie] aan de [adres 1] te [plaats]. Hierbij waren aanwezig: mr. C.L.M. Gommers, advocaat van betrokkene; [naam 1], verpleegkundig specialist; [naam 2], mentor van betrokkene. 1.
- Bij aanvang van de mondelinge behandeling constateert de rechtbank dat betrokkene niet is verschenen. Uit artikel 6:1 Wvggz volgt dat de rechter betrokkene hoort na ontvangst van het verzoekschrift voor het verlenen van een zorgmachtiging, tenzij de rechter vaststelt dat betrokkene niet in staat is of niet bereid is zich te doen horen. 1.
- De advocaat van betrokkene heeft aangegeven dat zij betrokkene voorafgaand aan de mondelinge behandeling niet heeft kunnen spreken. Zij heeft betrokkene wel per e-mail op de hoogte gebracht van de mondelinge behandeling. De mentor heeft betrokkene evenmin recentelijk gesproken. Zij heeft wel enige tijd geleden met betrokkene besproken dat er een mondelinge behandeling zou komen. De verpleegkundig specialist geeft aan dat betrokkene dagelijks naar de FACT-locatie komt voor zijn medicatie en dat hij is geattendeerd op de mondelinge behandeling. Hij gaat er dan ook van uit dat betrokkene op de hoogte is van de mondelinge behandeling. Hij weet dit alleen niet zeker, omdat de vaste casemanager van betrokkene niet aanwezig is. De verpleegkundig specialist heeft tot slot tevergeefs geprobeerd om telefonisch contact met betrokkene op te nemen. 1.
- Gelet op het voorgaande heeft de rechtbank het verzoek op 15 augustus 2025 niet inhoudelijk behandeld en de zaak aangehouden tot de mondelinge behandeling op 19 augustus 2025 op het woonadres van betrokkene, aan [adres 2] te [plaats]. Bij die behandeling zijn verschenen en gehoord: mr. E.J.L. Mulderink, als waarnemend advocaat; dhr. [naam 3], casemanager FACT. 1.
- Bij aanvang van voormelde mondelinge behandeling heeft de casemanager in aanwezigheid van de rechter en de griffier en de advocaat aangebeld bij de woning van betrokkene, betrokkene communiceerde via de intercom, betrokkene heeft toen duidelijk aangegeven dat hij niets te bespreken heeft. Vervolgens is er nogmaals aangebeld. Betrokkene heeft daarop echter niet gereageerd. 1.
- Gelet op het voorgaande stelt de rechtbank vast dat betrokkene correct is op geroepen voor de mondelinge behandeling, maar dat hij niet bereid is om te worden gehoord over het verzoek. De rechtbank heeft de mondelinge behandeling van het verzoek daarom buiten aanwezigheid van betrokkene voortgezet. De advocaat heeft hiermee ingestemd. 2Wat vaststaat 2.
- De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 24 oktober
- 3Het verzoek 3.
- De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden. 4De standpunten 4.
- De casemanager van het FACT-team heeft aangegeven dat betrokkene de laatste tijd zijn deur niet meer opent voor de behandelaren en dat hij zijn medicatie niet inneemt. De casemanager kan instemmen met het verzoek om een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden. 4.
- De advocaat heeft aangegeven dat hij niet met betrokkene heeft gesproken over het verzoek. Naar de mening van de advocaat wordt voldaan aan de wettelijke vereisten voor het verlenen van een zorgmachtiging en refereert hij zich aan het oordeel van de rechtbank wat betreft de beslissing op het verzoek. 5De beoordeling 5.
- De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt. 5.
- De rechtbank is van oordeel, gezien de overgelegde stukken en wat er tijdens de mondelinge behandeling is besproken, dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis in de vorm van schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en middelgerelateerde en verslavingsstoornissen. De rechtbank heeft geen reden om te twijfelen aan de in de medische verklaring gestelde diagnose. 5.
- Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit: - levensgevaar; - ernstige psychische schade; - ernstige verwaarlozing; - maatschappelijke teloorgang; - het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag. 5.
- Het is de rechtbank gebleken dat betrokkene, tijdens psychotische episoden, zeer zorgmijdend is en dat hij zichzelf isoleert. Wanneer betrokkene psychotisch decompenseert, is er sprake van een verval in algeheel functioneren en matige zelfzorg met een verminderde voedingstoestand, veroorzaakt hij overlast en heeft hij last van impulscontroleproblemen, waaronder agressie gericht op anderen. Bij een ernstige psychische ontregeling, bestaat er bovendien een risico op suïcidaliteit. 5.
- Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig. 5.
- Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene verzet zich tegen de benodigde medicatie en is afwerend richting de hulpverlening. Verder ontkent betrokkene dat hij een psychische stoornis heeft. Daarom is verplichte zorg nodig. 5.
- De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, de visie van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat in ieder geval de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn: - het toedienen van medicatie; het verrichten van medische controles; andere medische handelingen en therapeutische maatregelen; het beperken van de bewegingsvrijheid; - aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen; - opnemen in een accommodatie. 5.
- Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. 5.
- De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst, zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving. 5.
- Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. 6De beslissing De rechtbank: 6.
- verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1992 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen zoals genoemd in rechtsoverweging 5.7 kunnen worden toegepast; 6.
- bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 19 september
- Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 19 september 2025 door mr. Willemsen, rechter, in aanwezigheid van Schellenbach, griffier en op schrift gesteld op 30 september
- Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.