← Nederland

ECLI:NL:RBZWB:2025:6933

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Familie- en Jeugdrecht Locatie Breda Zaaknummer: C/02/439574 / FA RK 25-4578 Datum uitspraak: 25 september 2025 Beschikking zorgmachtiging op het verzoek van de officier van justitie voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1967 in [geboorteplaats], hierna te noemen betrokkene, wonend in [plaats], advocaat mr. V.C. Andeweg uit Breda. 1Het verloop van de procedure 1.

  1. Het procesdossier bevat het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 8 september
  2. 1.
  3. Op 25 september heeft de rechtbank het verzoek, met gesloten deuren, mondeling behandeld. De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden buiten in de stal van betrokkene. Bij de behandeling zijn verschenen en gehoord: - betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat; de heer [naam 1], FACT-medewerker; mevrouw [naam 2], FACT-medewerker. 2Het verzoek 2.
  4. De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden. 3De standpunten 3.
  5. Betrokkene heeft, samengevat, onder meer het volgende aangegeven. In het verleden is betrokkene bijgestaan door een boekhouder. Deze boekhouder hield zich echter uitsluitend bezig met de btw-aangiften en niet met de volledige boekhouding. Betrokkene geeft aan dat het erg druk is in zijn hoofd, hetgeen volgens hem het gevolg is van het feit dat hij voortdurend met zijn werk bezig is. Hij weigert hulp te accepteren, omdat hij van mening is dat dit slechts opgelegde maatregelen betreft. Halverwege de mondelinge behandeling is betrokkene geagiteerd weggelopen. De verdere mondelinge behandeling heeft met toestemming van de advocaat zonder de aanwezigheid van betrokkene buiten zijn erf plaatsgevonden. 3.
  6. De zorgverleners van FACT brengen, samengevat, naar voren dat hulpverlening op vrijwillige basis niet haalbaar is. Gedurende een langere periode is geprobeerd betrokkene op vrijwillige basis hulpverlening aan te bieden, maar hij heeft deze hulp steeds geweigerd. De zorgverleners sluiten zich aan bij het verzoek van de officier van justitie om een zorgmachtiging voor de duur van zes maanden te verlenen. 3.
  7. De advocaat voert, samengevat, aan dat betrokkene vindt dat er niets met hem aan de hand is en dat hij geen zorg wil ontvangen. Gelet hierop is primair om afwijzing van het verzoek gepleit. Subsidiair is verzocht om een zorgmachtiging te verlenen voor een kortere duur. 4De beoordeling 4.
  8. De rechtbank verleent de machtiging voor de duur van vier maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt. 4.
  9. De rechtbank is van oordeel, gezien de overgelegde stukken en wat er tijdens de mondelinge behandeling is besproken, dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis in de vorm van schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en/of andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn. De rechtbank heeft geen reden om te twijfelen aan de in de medische verklaring gestelde diagnose. 4.
  10. Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit: gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen; levensgevaar; ernstig lichamelijk letsel; ernstige psychische schade; ernstige financiële schade; maatschappelijke teloorgang; het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag. 4.
  11. De rechtbank overweegt in dit verband als volgt. Onder invloed van bovengenoemde psychische stoornis, kampt betrokkene met achterdocht richting overheidsinstanties. Vanuit deze achterdocht tolereert betrokkene niemand meer op zijn erf, als er toch mensen verschijnen bedreigt hij hen. Betrokkene heeft de laatste twee à drie jaar de hulpdiensten regelmatig gebeld, soms tot tien keer per dag. Wegens geuite dreigementen is de politie recent bij betrokkene langsgegaan. Dit leidde tot het taseren van betrokkene met een stroomstootwapen. 4.
  12. Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid en de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig. 4.
  13. Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Doordat betrokkene vindt dat er niets met hem aan de hand is weigert hij hulp te accepteren, terwijl dit essentieel wordt geacht voor het wegnemen dan wel het voorkomen van het ernstig nadeel bij betrokkene en bij anderen. Bovendien wordt betrokkene niet in staat geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen met betrekking tot het accepteren van de zorg vanuit de ggz, door de paranoïde waangedachten. Daarom is verplichte zorg nodig. 4.
  14. De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, de visie van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat in ieder geval de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn: het toedienen van medicatie; verrichten van medische controles; het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen; beperkingen van de bewegingsvrijheid; aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen. Hieronder valt onder meer het verplicht toelaten van de contacten met het ambulante zorgteam en het toestaan van regelmatige huisbezoeken; opnemen in een accommodatie. De rechtbank zal het verzoek, voor zover dat ziet op het opnemen van de overige vormen van verplichte zorg, afwijzen omdat daartoe, naar het oordeel van de rechtbank, geen noodzaak bestaat en het onvoldoende voorzienbaar is dat deze vormen van verplichte zorg in de komende periode noodzakelijk zullen zijn. 4.
  15. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst, zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving. 4.
  16. Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de duur van vier maanden. De rechter heeft een termijn van vier maanden vastgesteld, omdat zij dit een redelijk termijn acht, aangezien eerst moet worden onderzocht welke hulp passend is voor betrokkene. 5De beslissing De rechtbank: 5.
  17. verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1967 in [geboorteplaats], inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen worden getroffen; het toedienen van medicatie; verrichten van medische controles; het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen; beperkingen van de bewegingsvrijheid; aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen. Hieronder valt onder meer het verplicht toelaten van de contacten met het ambulante zorgteam en het toestaan van regelmatige huisbezoeken; opnemen in een accommodatie; 5.
  18. bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 25 januari 2026; 5.
  19. wijst het meer of anders verzochte af. Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 25 september 2025 door mr Willemsen, rechter, in aanwezigheid van Schellenbach, griffier en op schrift gesteld op 8 oktober
  20. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.