RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Familie- en Jeugdrecht Locatie Breda Zaaknummer: C/02/436658 / FA RK 25-3100 Datum uitspraak: 7 juli 2025 Beschikking zorgmachtiging op het verzoek van de officier van justitie voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1985 in [geboorteplaats] , hierna te noemen betrokkene, wonend in [plaats] , advocaat mr. A.Ch. Osté te Dongen. 1Het verloop van de procedure 1.
- De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: - het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 18 juni
- 1.
- De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 7 juli
- Daarbij zijn gehoord: betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat; [persoon 1] , psychiater en zorgverantwoordelijke; [persoon 2] , casemanager FACT-team. 1.
- Bij aanvang van de mondelinge behandeling bleek betrokkene niet aanwezig te zijn op de FACT-locatie. Betrokkene heeft aan de casemanager aangegeven wel telefonisch de zitting bij te willen wonen, maar niets te willen zeggen. De rechtbank heeft betrokkene vervolgens gevraagd of hij iets wilde zeggen over het verzoek, maar hierop kwam geen reactie. 1.
- Gelet op voorgaande stelt de rechtbank vast dat betrokkene niet gehoord wil worden. Betrokkene heeft de zitting telefonisch bijgewoond, maar is niet gehoord. 1.
- De officier van justitie is zoals zij reeds aangaf in het verzoek niet op de mondelinge behandeling verschenen en dus ook niet gehoord. 2Het verzoek 2.
- De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden. 3De standpunten 3.
- Omdat betrokkene niet gehoord wilde worden, heeft de rechtbank geen kennis kunnen nemen van zijn visie op het verzoek. 3.
- De psychiater brengt, samengevat, naar voren dat betrokkene een verleden heeft met psychoses en door medicatie steeds opknapte. Betrokkene is zijn woning verloren en verblijft op dit moment op de [accommodatie] . In aanloop naar de aanvraag voor een zorgmachtiging was nauwelijks contact te krijgen met betrokkene; hij wilde het gesprek niet aangaan. Betrokkene is volgens de psychiater een eigenzinnige man en is gevoelig voor doorgeschoten wantrouwen en achterdochtigheid. Op dit moment is betrokkene niet actief psychotisch, maar het verlies van zijn woning kan meer onrust veroorzaken. Daarnaast heeft betrokkene een stollingsziekte waarvoor hij medicatie moet nemen en dit niet consequent doet. Dit baart de psychiater grote zorgen. Volgens de psychiater zijn de psychotische klachten het hoofdprobleem, maar zorgt onder andere het niet innemen van de somatische medicatie voor ernstig nadeel. De zorgmachtiging is van belang op acuut in te kunnen grijpen. 3.
- De casemanager sluit zich aan bij wat de psychiater al naar voren bracht en verklaart daarnaast dat betrokkene eerder had aangegeven pas contact te willen hebben als de zorgmachtiging zou worden toegewezen. Hij wil maar beperkt contact. Vanuit de [accommodatie] kwamen signalen van psychoses naar voren. Daarnaast is er volgens de casemanager geen zicht op zijn medicatie-inname voor zijn somatische aandoening. Het is ook niet duidelijk of hij überhaupt medicijnen bestelt en in huis heeft. 3.
- De advocaat brengt naar voren dat hij betrokkene niet heeft kunnen spreken. De advocaat maakt uit de stukken op dat betrokkene het niet eens is met een zorgmachtiging, maar vindt het wel van belang dat betrokkene geholpen wordt. De advocaat pleit voor een zo kort mogelijke duur van de zorgmachtiging, bijvoorbeeld drie maanden, wellicht is dat prettiger voor betrokkene. De advocaat pleit, afgaande op het dossier, voor afwijzing van het verzoek. 4De beoordeling 4.
- De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt. 4.
- De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en/of andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn. 4.
- Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit: - levensgevaar; - ernstig lichamelijk letsel; - maatschappelijke teloorgang; - het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag; - gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen. 4.
- De rechtbank neemt hierbij onder andere in aanmerking dat betrokkene momenteel toenemend psychotisch aan het decompenseren is. Betrokkene houdt de zorg af en neemt zijn noodzakelijke medicatie voor zijn hemofilie A niet in. Dit zorgt voor risico’s op bloedingen wat uiteindelijk zelfs levensgevaar met zich mee kan brengen. Noodmedicatie zou hij in zijn koelkast moeten bewaren, maar de internist die meermaals contact heeft opgenomen met de GGZ vraagt zich af of hij dit doet en deze medicatie adequaat weet in te zetten vanwege de toenemende verwardheid van betrokkene. Betrokkene is tijdens psychotische episoden bekend met agressie en komt regelmatig in conflict met anderen. Er was angst voor het verlies van zijn woning, wat inmiddels op 25 juni 2025 is gebeurd. 4.
- Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid en de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig. 4.
- Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene verzet zich tegen verplichte zorg. Hij is erg afwerend ten opzichte van de hulpverlening; het FACT-team kan nauwelijks contact met hem krijgen en ook de behandelend internist heeft al geruime tijd geen contact meer met betrokkene. Hij wil niets met de GGZ te maken hebben. Betrokkene heeft geen ziektebesef en ziekte-inzicht. De rechtbank heeft onvoldoende vertrouwen in zorg op vrijwillige basis. Daarom is verplichte zorg nodig. 4.
- De verzochte vormen van verplichte zorg zijn tijdens de mondelinge behandeling besproken. 4.
- De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, de visie van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat in ieder geval de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn: - het toedienen van medicatie; - het verrichten van medische controles; - het beperken van de bewegingsvrijheid; - aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen; - opnemen in een accommodatie. 4.8.
- Ten aanzien van de verzochte vormen van verplichte zorg ‘het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening’ en ‘insluiten’, oordeelt de rechtbank deze niet toe te wijzen nu deze vormen van zorg niet noodzakelijk en voorzienbaar zijn gebleken. 4.
- Met betrekking tot het verweer van de advocaat over de duur van de zorgmachtiging oordeelt de rechtbank dit verweer niet te volgen. De ervaring leert dat een zorgmachtiging voor een kortere duur dan zes maanden zorgt voor het snel toe moeten werken naar een eventueel nieuw verzoek. Dit kan juist voor onrust zorgen en is voor betrokkene niet wenselijk. De rechtbank gaat er vanuit dat de zorgmachtiging proportioneel wordt ingezet; wanneer het niet nodig is, zal het niet worden gebruikt. 4.
- Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. 4.
- De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst, zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving. 4.
- Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. 5De beslissing De rechtbank: 5.
- verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1985 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de navolgende maatregelen kunnen worden toegepast; - het toedienen van medicatie; - het verrichten van medische controles; - het beperken van de bewegingsvrijheid; - aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen; - opnemen in een accommodatie. 5.
- bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 7 januari 2026; 5.
- wijst af het meer of anders verzochte. Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 7 juli 2025 door mr Govaers, rechter, in aanwezigheid van Van Ginneken, griffier en op schrift gesteld op 14 juli
- Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.