← Nederland

ECLI:NL:RBZWB:2025:7422

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Team strafrecht Zittingsplaats Bergen op Zoom zaaknummer : 11183691 \ MB VERZ 24-506 CJIB-nummer : [cjib-nummer] uitspraakdatum : 18 juli 2025 proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van naam : [betrokkene] adres : [adres] woonplaats : [woonplaats] hierna: betrokkene gemachtigde : mr. M. Lagas ( Appjection B.V.) Verloop van de procedure Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. De zaak is behandeld op de zitting van 18 juli

  1. Namens de officier van justitie is verschenen mr. Z. Fluitsma (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Als gemachtigde is [gemachtigde 2] verschenen. Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan. Standpunten De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: handelen in strijd met een geslotenverklaring (bord C2 van het RVV1990 eenrichtingsverkeer) op de Markt te Roosendaal op 3 januari 2023 om 15:38 uur. Gemachtigde heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat niet verenigd kan worden met het besluit. Verzocht wordt om een proceskostenvergoeding. Ter zitting heeft betrokkene hieraan toegevoegd dat hij in de stad werkt en het een paal betreft waarvoor je een pas moet scannen. Betrokkene is daar eerder staande gehouden, maar nadat hij de pas toonde was er niets aan de hand. Op de pleegdatum was dat niet het geval. De situatie is ook niet veranderd. Mogelijk was de handhaving nieuw waardoor ze het niet wisten. Betrokkene verwijst naar de foto van de pas in het dossier. Daarnaast wordt bij drukte naar de door betrokkene gebruikte ingang verwezen. Ter zitting heeft gemachtigde hieraan toegevoegd dat het tegenwoordig op kenteken gaat dat wordt gescand. Bovendien heeft betrokkene ook verklaard dat hij op de pleeglocatie moest zijn, waardoor hij kan worden aangemerkt als bestemmingsverkeer. Op Google Streetview is ook de paal te zien. Primair wordt verzocht om vernietiging van de boete, subsidiair wordt verzocht om de boete met 25% te matigen omdat de redelijke termijn is overschreden. De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep gedeeltelijk gegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. Betrokkene heeft aangevoerd op de pleegdatum in het bezit te zijn van een ontheffing. Aan een pas kan weinig betekenis worden gehecht, aangezien het ook van een ander kan zijn. Niet duidelijk is of betrokkene er op dat moment de beschikking over had. De zittingsvertegenwoordiger had daarom meer bewijs willen zien. De gedraging kan worden vastgesteld en er zijn ook geen omstandigheden om af te wijken van de opgelegde boete. De markt is tevens via meerdere locaties te bereiken, waar geen paaltjes staan. Enkel een houder zijn van een pas betekent niet dat er recht bestaat op de ontheffing. Wel is de redelijke termijn overschreden, waardoor de boete met 25% gematigd dient te worden. Overwegingen Inhoudelijk De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de gedraging is verricht. Daarbij is van belang dat betrokkene toegang had tot de markt door in het bezit te zijn van een pas. Dat betrokkene hierdoor de toegang had, maakt dat de gemeente Roosendaal digitale betekenis van een ontheffing geeft aan de pas. Gelet hierop ziet de kantonrechter aanleiding om betrokkene het voordeel van de twijfel te geven. Dit betekent dat de boete ten onrechte is opgelegd. Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie zullen worden vernietigd. Het bedrag dat betrokkene aan zekerheid heeft betaald moet door de officier van justitie worden terugbetaald. Proceskostenvergoeding Ook zal de kantonrechter een proceskostenvergoeding toekennen, die als volgt is berekend: administratief beroepschrift: 1 punt x gewicht 0,5 x € 647,- = € 323,50 beroepschrift kantonrechter: 1 punt x gewicht 0,5 x € 907,- = € 453,50 zitting kantonrechter: 1 punt x gewicht 0,5 x € 907,- = € 453,50 totaal € 1.230,50 Beslissing De kantonrechter: ‒ verklaart het beroep gegrond; ‒ vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd; ‒ draagt de officier van justitie op het bedrag van € 159,- dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terug te betalen; ‒ veroordeelt de officier van justitie tot het vergoeden van de proceskosten van betrokkene van € 1.230,
  2. Deze uitspraak is gedaan door mr. W.H.C. van Eck, kantonrechter, bijgestaan door de griffier E. Alekperov, en in het openbaar uitgesproken op 18 juli
  3. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk. Datum verzending:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.