← Nederland

ECLI:NL:RBZWB:2025:7435

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Team strafrecht Zittingsplaats Middelburg zaaknummer.: 11218970 \ MB VERZ 24-581 CJIB-nummer: [cjib-nummer] uitspraakdatum: 23 juli 2025 proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van naam : [betrokkene] N.V. adres : [adres] woonplaats : [woonplaats] hierna: betrokkene gemachtigde : [gemachtigde] Verloop van de procedure Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. De zaak is behandeld op de zitting van 23 juli

  1. Namens de officier van justitie is verschenen mr. C. de Meer (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Gemachtigde is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan. Standpunten De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: handelen in strijd met een geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen: bord C12 op de Westsingel te Goes op 18 oktober 2023 om 13:44 uur. Gemachtigde heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de gedraging niet is verricht. Gemachtigde stelt dat bord C12 er niet hing, zoals tevens blijkt uit de bijgevoegde foto’s van beide zijden. Gemachtigde is via de goede richting de straat in gereden, maar dan wel achteruit omdat hij met zijn kraan moest werken en dat veiliger is voor de medemens. Gemachtigde deed niet onbehoorlijk tegen de verbalisant, maar zijn werk ter plaatse. Deze verbalisant wilde niet naar hem en zijn klant luisteren. Als het bord er stond was gemachtigde er nooit achteruit in gereden. Ter zitting heeft gemachtigde foto’s getoond en hieraan toegevoegd dat als hij met dit type voertuig achteruitrijdt het even kan duren. Gemachtigde koos er in dit geval voor om het voertuig achteruit in de straat te zetten, omdat zo het verkeer niet wordt belemmerd. Een van de boa’s zei niks, maar de ander besloot er wel wat van te zeggen. Daarbij werd gezegd dat sprake was van een C12 bord, maar er is slechts sprake van eenrichtingsverkeer. Voor laden en lossen is het daarom toegestaan om daar te staan. Bovendien kwamen de boa’s uit een zijstraat, waardoor ze het nooit hebben gezien. Het voertuig stond deels op de stoep om geen belemmering te vormen voor overig verkeer. Gemachtigde heeft er minstens een uur gestaan en zodra hij klaar was, kwamen de boa’s. De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep gegrond te verklaren, aangezien er reden bestaat om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant. Niet duidelijk is of bord C12 aanwezig was, zoals hoort bij de opgelegde boete. Bij eenrichtingsverkeer en bijbehorende bebording is het ook niet toegestaan om achteruit te rijden, maar aangenomen kan worden dat gemachtigde niet ver achteruit is gereden. Overwegingen De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de gedraging is verricht. Daarbij zijn de door gemachtigde aangevoerde omstandigheden van belang. Aannemelijk is geworden dat gemachtigde niet anders dan op deze manier kon manoeuvreren om geen belemmering te vormen voor overige weggebruikers. Daarnaast is de aanwezigheid van bord C12 niet vast komen te staan, maar staat vast dat sprake was van een eenrichtingsweg. Dat gemachtigde door omstandigheden heeft gekozen om deels achteruit deze eenrichtingsweg te betreden is volgens de kantonrechter te billijken. Dit betekent dat de boete ten onrechte is opgelegd. Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie zullen worden vernietigd. Het bedrag dat betrokkene aan zekerheid heeft betaald moet door de officier van justitie worden terugbetaald. Beslissing De kantonrechter: ‒ verklaart het beroep gegrond; ‒ vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd; ‒ draagt de officier van justitie op het bedrag van € 119,- dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terug te betalen. Deze uitspraak is gedaan door mr. W.H.C. van Eck, kantonrechter, bijgestaan door de griffier E. Alekperov, en in het openbaar uitgesproken op 23 juli
  2. Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als: de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld. Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, postbus 67, 4330 AB Middelburg. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde. U dient daarbij het zaaknummer te vermelden. De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten. Datum verzending:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.