← Nederland

ECLI:NL:RBZWB:2026:1274

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Breda Zaaknummer: 11840985 \ RR 25-18 Vonnis van 25 februari 2026 in de experimentele procedure bij de kantonrechter als regelrechter in de zaak van [koper] te [plaats 1] eisende partij hierna te noemen: [koper] procederend in persoon tegen [verkoper] handelend onder de naam [bedrijf] te [plaats 2] gedaagde partij hierna te noemen: [verkoper] procederend in persoon 1De zaak in het kort Deze zaak gaat over de vraag of de verkoper van een tweedehands motor aan de koper een vergoeding moet betalen omdat de motor gebreken heeft waar de verkoper destijds niet op heeft gewezen. De rechter wijst de vordering af. 2De procedure 2.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - het op 14 augustus 2025 ontvangen aanvraagformulier met bijlagen; - de mondelinge behandeling van de zaak op 26 januari

  1. 2.2 Aan het slot van de mondelinge behandeling is bepaald dat vandaag vonnis wordt gewezen. 3De feiten 3.1 Op 13 februari 2025 heeft [koper] een gebruikte Harley Davidson electra glide van [verkoper] gekocht voor het bedrag van € 8.750,-. 3.2 Het bouwjaar van de motor is
  2. Partijen zijn geen garantie overeengekomen. 3.3 Bij de transactie handelde [koper] als consument. [verkoper] handelende bedrijfsmatig. 4Het geschil 4.1 [koper] wil dat [verkoper] aan hem € 2.075,50 betaalt. Dit bedrag bestaat uit de kosten voor vervanging of herstel van enkele onderdelen van de motor en een vergoeding voor het door hem betaalde griffierecht. 4.2 [verkoper] voert verweer. Hij wil dit bedrag niet betalen. 4.3 Op de standpunten van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. 5De beoordeling 5.1 Tussen partijen staat vast dat [verkoper] de betreffende motor aan [koper] heeft verkocht. Er is sprake van een zogeheten consumentenkoop. Door [verkoper] is geen garantie gegeven, waarmee hij kennelijk bedoelt dat hij niet instaat voor de kosten van reparatie wegens een defect of voor de kosten van nieuwe onderdelen. Volgens [koper] bestaat er echter ook nog de “wettelijke garantie”. 5.2 [koper] legt aan zijn vordering het volgende ten grondslag. Bij gelegenheid van de koop was de motor volgens [verkoper] in goede staat. Echter, toen hij, [koper] , de motor aan een andere handelaar aanbood om in te ruilen kwamen verschillende gebreken aan het licht. In zijn aanvraagformulier om de zaak voor de regelrechter te brengen somt [koper] de gebreken als volgt op: “Voorvering versleten Achterschokdempers olielekkage door versleten hoezen Primaire bak olielekkage Versnellingsbak olielekkage Voorband droogte scheuren datum 2016 Achterband droogte scheuren datum 2019”. 5.3 In een e-mail van 28 juni 2025 heeft [koper] deze gebreken aan [verkoper] gemeld. Daarbij vroeg hij aan [verkoper] wat die voor hem kon betekenen aangezien de motor niet voldeed aan de verwachting die hij redelijkerwijs mocht hebben. [verkoper] heeft daarop aangeboden de motor terug te nemen. Later bood hij aan de motor te herstellen tegen de kostprijs van de daarvoor benodigde onderdelen. [koper] is hier niet op ingegaan. 5.4 Zoals hierboven werd vastgesteld is sprake van een zogenoemde consumentenkoop. Daarbij moet volgens de wet de afgeleverde zaak, in dit geval de motor, aan de overeenkomst beantwoorden. Een zaak beantwoordt niet aan de overeenkomst indien zij, mede gelet op de aard van de zaak en de mededelingen die de verkoper over de zaak heeft gedaan, niet de eigenschappen bezit die de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten. De koper mag verwachten dat de zaak de eigenschappen bezit die voor een normaal gebruik daarvan nodig zijn en waarvan hij de aanwezigheid niet behoefde te betwijfelen, alsmede de eigenschappen die nodig zijn voor een bijzonder gebruik dat bij de overeenkomst is voorzien. 5.5 Het gaat in deze procedure om een tweedehands motor. De koper van zo’n gebruikte zaak zal bij aankoop tot op zekere hoogte rekening moeten houden met de aanwezigheid van mankementen. Dit is mede afhankelijk van ouderdom, het aantal gereden kilometers en de koopprijs. Een motor is door het gebruik aan slijtage onderhevig en in het algemeen geldt dat de kans dat gebreken gaan optreden groter wordt naarmate de motor ouder is. Doorgaans is dat gegeven meegenomen in de verkoopprijs, die lager is dan bij een nieuwe motor. De koper moet bedacht zijn op het nadeel dat de tweedehands motor over het algemeen eerder gebreken zal vertonen dan een nieuwe motor. 5.6 Volgens de wet kan de consument, in een geval dat de aan hem geleverde zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt, eisen dat de verkoper het ontbrekende alsnog aflevert dan wel de afgeleverde zaak herstelt of vervangt, tenzij dit onmogelijk is of niet van de verkoper kan worden gevergd. [verkoper] weerspreekt niet dat de motor bij aankoop de door [koper] genoemde gebreken had. Hij heeft herstel aangeboden. [koper] kiest echter niet voor herstel door [verkoper] . Hij wil van [verkoper] een vergoeding voor het herstel door een derde van de onderdelen van de motor waaraan een gebrek kleeft. 5.7 Een zodanige vergoeding kan worden toegewezen wanneer wordt vastgesteld dat [verkoper] is tekortgeschoten in de nakoming van zijn verplichtingen uit de koopovereen-komst en [koper] daardoor schade heeft geleden. Dat dit het geval is heeft [koper] niet aangetoond. De koopovereenkomst betreft een circa 22 jaar oude tweedehands motor. [koper] weerspreekt niet dat hij de motor heeft gekocht voor wat [verkoper] in zijn e-mail van 8 juli 2025 aan hem een “handelsprijs” en een “zeer lage prijs” noemde. Aangenomen wordt daarom dat [koper] niet een te hoge prijs, maar een redelijke, marktconforme prijs voor de motor heeft betaald. Slijtage van onderdelen is inherent aan een motor van die leeftijd. Partijen zijn geen garantie overeengekomen. [koper] kan daarom niet verwachten dat [verkoper] instaat voor de kwaliteit van alle onderdelen van de motor. Naar eigen zeggen heeft [koper] gedurende ongeveer 5 maanden na de aankoop zo’n 3000 kilometer op de motor gereden. In die periode heeft hij niet bij [verkoper] geklaagd over een defect onderdeel c.q. een gebrek. Onder deze omstandigheden kan niet onmiddellijk worden gezegd dat [verkoper] zijn verplichtingen uit de koopovereenkomst niet is nagekomen. Voor zover dit anders is geldt dat niet kan worden vastgesteld dat [koper] schade heeft geleden. Pas toen hij de motor aan een dealer ter overname aanbood heeft die [koper] gewezen op enkele mankementen. Tijdens de mondelinge behandeling verklaarde [koper] desgevraagd dat hij met uitzondering van de banden, geen reparaties heeft laten uitvoeren. Evenmin heeft hij een offerte in het geding gebracht waaruit eventuele reparatiekosten zouden kunnen blijken. Zijn vordering lijkt louter te zijn gebaseerd op mondeling aan hem gedane mededelingen van de dealer bij wie hij de motor wilde inruilen. Dat is niet voldoende om vast te stellen dat [koper] schade heeft geleden die [verkoper] moet vergoeden. Alleen met betrekking tot de banden stelt [koper] dat hij ongeveer € 400,- heeft betaald om die te vervangen. Daarvan wordt echter geoordeeld dat [koper] bij gelegenheid van de koop gemakkelijk de leeftijd en de staat van de banden heeft kunnen controleren. Aangenomen wordt dan ook dat de kwaliteit van de banden in de koopprijs was verdisconteerd. 5.8 De conclusie op grond van het bovenstaande is dat de vordering van [koper] moet worden afgewezen. 5.9 Doordat hij in het ongelijk wordt gesteld moet [koper] de kosten van deze procedure betalen. [verkoper] procedeert zonder rechtsbijstand. Zijn kosten worden daarom begroot op nihil. 6De beslissing De kantonrechter als regelrechter: 6.1 wijst de vordering af; 6.2 veroordeelt [koper] in de kosten van de procedure, waarbij de kosten van [verkoper] worden begroot op nihil. Dit vonnis is gewezen door mr. Zander en is in het openbaar uitgesproken op 25 februari
  3. Artikel 7:5 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW). Vergelijk art. 7:6a BW (commerciële garantie). Artikel 7:17 lid 1 BW. Artikel 7:17 lid 2 BW. In gelijke zin onder andere rechtbank Gelderland 16 juli 2021, ECLI:NL:RBGEL:2021:4311, rov. 4.3; rechtbank Oost- Brabant 12 juni 2025, ECLI:NL:RBOBR:2025:3388, rov. 4.4; rechtbank Midden-Nederland 29 oktober 2025, ECLI:NL:RBMNE:2025:5918, rov. 3.
  4. Artikel 7:21 lid 1 en 4 BW. Artikel 7:24 lid 1 BW in verbinding met artikel 6:74 lid 1 BW.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.